Amerika Kiest #6

Triomf van de willetjes

Peter Thiel is van alle excentrieke Silicon Valley-miljairdairs denkelijk de bekendste die Trump steunt. Hij kondigde zijn steun al eerder aan, en lichtte die deze week verder toe in een korte speech in Washington. Geliefd maakte hij zich er niet mee in San Francisco, maar dat was hij toch al niet echt.

Thiel opende zijn vertoog met een opsomming over de precaire economische situatie waarin veel Amerikanen leven. Medicijnen en zorg zijn duur, studenten hebben absurde studieschulden waar ze hun leven lang niet onderuit kunnen, en meer in het algemeen is de cost of living absurd.

Small peter thiel

Trump heeft geen voorstellen om die problemen te adresseren, op z’n best heeft hij vage denkrichtingen (die de problemen waarschijnlijk erger maken in plaats van beter). Thiel lijkt daar echter nauwelijks in geïnteresseerd. Zijn steun aan Trump heeft niet zoveel te maken met waar hij voor staat, maar met wat hij niet is. Enkele jaren geleden schreef Thiel in een essay dat hij tot het inzicht was gekomen dat democratie en kapitalisme niet langer verenigbaar waren. Zijn sympathie ging, laat er geen onduidelijkheid over zijn, naar het kapitalisme. Thiels opvattingen zijn niet veel geraffineerder dan dit: de democratie dient mijn illusies niet, dus moet het systeem kapot.

Thiels wereldbeeld steunt hierop: een doorsnee libertarisme dat zich ervan overtuigd heeft dat de kapitalistische anarchie beter is voor iedereen dan dat wat de democratie in theorie op z’n best kan bieden, en een diep nihilistische lezing van Amerikaanse praktijk: verrot en beyond reform. Alleen een buitenstaander kan het systeem effectief genoeg beschadigen: enter Trump. Dat nihilisme (of het nu komt in de schijnbaar beredeneerde vorm van Thiel of in meer paranoïde variaties van de kiezers die ertoe oproepen om gewapend geweld tegen Clinton te gebruiken) is de vlag waaronder bijna de helft van Amerika deze verkiezingen samenkomt. Hoewel hun motivaties verschillen zijn ze verenigd in hun voorkeur: liever de lucht in dan doormodderen op dezelfde weg.

Clinton mag alles vertegenwoordigen waar Amerika op dit moment geen behoefte aan heeft – niemand maakt zich illusies over haar impopulariteit, of het feit dat haar soort liberalisme een pijnlijke catalogus van mislukking achter zijn naam heeft – maar ze is tenminste een politicus die de bestaansvoorwaarden van de democratie respecteert. Trump, daarentegen, is een instabiele autocraat die er keer op keer blijk van geeft volstrekt geen respect te hebben voor democratie noch rechtsstaat noch individuele vrijheden – van zijn absurde verwijt aan Clinton dat ze als senator dingen ‘niet gewoon regelde’ tot zijn flirt met machtsmisbruik om haar op te sluiten tijdens de debatten; van de achteloze kwaadaardigheid waarmee hij voorstelde om martelingen weer in te voeren tot zijn bereidheid oorlogsmisdaden te plegen; van zijn bewondering voor Poetin tot zijn oproep tot het misdrijf om Clinton te hacken; en van zijn aanval op de onafhankelijkheid van rechters tot zijn dreigement de uitslag van de verkiezingen niet te erkennen. Trump ontweek belastingen, is niet open over zijn zakelijke belangen, en Newsweek onthulde deze week dat hij rechtszaken heeft tegengewerkt door documenten en e-mails te vernietigen (dingen die vuiler zijn dan wat Clinton te verwijten valt met haar e-mails). Maar dat is het punt: wat Trump aantrekkelijk maakt is exact het feit dat hij zich niets van de democratie of de rechtsstaat aantrekt. Dat Trump relatief zo goed herstelt van zulk soort nieuws (in ieder geval in vergelijking met Clinton, over wier e-mails inmiddels ruim een jaar wordt gesoebat) heeft wellicht te maken met het feit dat het er niet toe doet. Trump staat, welbeschouwd, voor sloop, en dus kan hem ook geen hypocrisie worden verweten. Sterker, het is zijn kwaliteit. Zijn kiezerscoalitie is er een die zichzelf, zoals Thiel, heeft aangeleerd om de echt bestaande democratie te verachten, uit naam van een of andere fantasie. Trump is hun ideale standaarddrager. Hij verenigt de alt-right die vunzig in hun online-bubbel naar een clash of civilizations verlangen; Peter Thiel die het systeem wil opblazen omdat hij denkt dat een libertair kapitalisme beter voor de wereld is; conservatieven die Trump misschien smakeloos vinden, maar voldoende nuttig in hun poging de overheid te doen versterven; een zich bedreigd voelende witte lagere middenklasse in wie een cocktail van te rechtvaardigen grieven, een gemanipuleerd vijandbeeld en ressentiment woedt; self-made figuren met net iets te grote ego’s die altijd al een hekel hadden aan politiek; complotdenkers en racisten – dat wat tegenwoordig ‘het volk’ heet, zeg maar.

Opvallend, te midden van die verknipte triomf van de willetjes, is hoe verleidelijk het altijd maar weer blijkt voor columnisten en beroeps-Verstehers om voor dat nihilisme verklaringen te vinden die dat volk min of meer vrijpleiten – er móet een reden zijn, buiten de kiezers, die verklaart waarom men Trump kiest. Misschien is het wel eenvoudiger. Der Mensch ist nicht geboren frei zu sein, schreef Goethe. Wat Goethe bedoelde is: het kán – maar men moet het wel willen.