KUNST

Trucjes, poses en effecten

Sugary Photographs

Ook in België is de kunstensector geraakt door de crisis, maar toch heeft het Fotomuseum Antwerpen een nieuw fotografiefestival uit de grond gestampt met een jonge staf van curatoren en een al even jong deelnemersveld, waaronder nogal wat pas-afgestudeerden uit Nederland, België en Duitsland. Het evenement omvat een stuk of acht kleinere tentoonstellingen met elk een eigen thema in het museum zelf en in het kunstcentrum Extra City, en verder op curieuze locaties, soms verscholen in de minder florissante delen van de stad (fiets is handig).
Jong als zij zijn, laten de curatoren zich inspireren door een oproep van de grote dode fotograaf August Sander (1876-1964): Niets haat ik meer dan zeemzoete fotografie met trucjes, poses en effecten. Sander had het gemunt op fotografie die zich gedroeg als schilderkunst, waarmee de in essentie zakelijke, documentaire kwaliteiten van het nieuwe medium verloren gingen. Sander werkte daarom zonder trucjes, zonder filters of retouches. De samenstellers vinden dat de technologische evolutie van de fotografie vandaag vraagt om een zelfde soort zelfkritiek en zelfonderzoek. Wat is nog het specifieke karakter van fotografie? Wat is de relatie tussen de techniek en de betekenis van het beeld? Vooruit, dat klinkt als elementaire vragen, waar niet elke fotograaf zich dagelijks op zal bezinnen.
In de deeltentoonstelling The Staircase Knocked the House Over in de Lange Lobroekstraat hangen vijf foto’s uitgezocht door Paulien Barbas (Rietveld, 2008) - uitgezocht, want het zijn foto’s van voorwerpen uit musea, die niet door haar zijn gemaakt. Je ziet een Meissen Ara en een buste van Quellijn uit het Rijksmuseum Amsterdam, een gotische miskelk, een torso van Brancusi. Barbas vraagt ons niet te kijken naar het voorwerp, maar naar de foto zelf. Wat voor voetstukje heeft de fotograaf gebruikt? Waarom staat die kelk op dat vurenhouten plateautje? Waarom staan die marmeren billen van Brancusi op zo'n rottig stukje beton? Daarnaast hangen drie rijtjes foto’s van Sabrina Jung, ook niet door haar gemaakt, maar wel door haar behandeld. Het zijn onschuldige, anonieme portretfoto’s van vele decennia geleden; Jung heeft er kleine stukjes uit andere foto’s op geplakt, waardoor de gezichten voorgoed veranderd zijn en daarmee ook - zegt Jung - de fundamentele betekenis van de ‘portretfoto’ met zijn connotaties van 'jeugd’, 'herinnering’, 'ouderdom’, et cetera.
Dat zijn bescheiden, maar heldere statements, en ze voegen zich goed in de vragen die de curatoren willen behandelen. Dat kan niet van alle onderdelen gezegd worden. Het onderdeel Through Apparatus in het nicc (Extra City) is zelfs tamelijk zwak. De fotografen daar gaan voor de honderdzoveelste keer in de weer met basiselementen van het vak, het negatief of de belichtingstijd. Het is allemaal gewetensvolle 'research’, 'omtrekkende bewegingen’, 'voorzichtige interventies’ enzovoort, maar ondanks de zorgvuldigheid van het zelfonderzoek is het rendement laag. Daarin is iets te merken van de problematische positie van de hedendaagse (foto-)kunstenaar. De techniek is duizelingwekkend flexibel. Het artistieke leven bestaat uit een verbijsterend groot aantal mogelijkheden. In elk nieuw werk moet de maker in feite een complete richting kiezen, permanente onzekerheid wordt daardoor normaal. Fundamenteel zelfonderzoek is dan heel aantrekkelijk, maar het kan tot bloedeloze exercities leiden. Een beetje adrenaline is ook niet weg.

Sugary Photographs with Tricks, Poses and Effects. A Festival on Photography. Antwerpen, Fotomuseum en andere locaties in de stad. T/m 4 april. www.sugaryphotographs.com