TONEEL

Tsjechovs harde kern

De kersentuin & nRus

Ik herlees op dit moment verhalen van Isaak Babel (1894-1940) uit de tijd dat hij officieel als kroniekschrijver voor de bolsjewieken diende en ’s nachts aantekeningen maakte voor wat later zou verschijnen onder titels als De rode ruiterij en Verhalen uit Odessa, over de gebeurtenissen in de Krim in de eerste jaren na 1917. Plots bedacht ik hoe oud Tsjechov dan zou zijn geweest als hij niet in 1904 aan open tbc zou zijn gestorven - 57, 58. Hij woonde in de Krim. Zou hij aan dat Rusland van 1917 alsnog zijn gestorven? Van pure schrik? Aan een gebroken Russisch hart? Bij toeval zag ik binnen een week twee volstrekt verschillende voorstellingen op teksten van Tsjechov. En twee keer schoten die vragen door mijn kop. Bij De kersentuin (Keesen&Co) kwam dat door het spel van Rick Paul van Mulligen als de student Trofimov. Er lijkt onder dat personage iets zeldzaam naïefs te sluimeren, een als romantisch gepresenteerde utopie die verwezenlijkt moet worden. In de regie van Willibrord Keesen tikt Van Mulligen de kwaadaardige basis die daar wel onder móet schuilen naar boven op een manier waar ik rillingen van kreeg - intelligent, vanuit de situatie van die jongen en ook zeer vanuit de tekst gedacht, maar met griezelig goeie toneelmiddelen bij elkaar geacteerd. Tekenend voor Keesens scherpe visie op het stuk, waarbij gekende vaudeville-‘nummers’, zoals de toespraak tot een honderdjarige kast, opeens vanuit een ander gezichtspunt worden getoond. Mensen luisteren slecht naar elkaar in De kersentuin en Keesens regie belicht dat vanuit het perspectief van de onhandigheid, iedereen weet precies hoe de vork in de steel zit, niemand durft het hardop te zeggen, wie dat wél doet krijgt de kous op zijn kop. Fabel en plot draaien dol om hun eigen as, waardoor de voorstelling iets krijgt van Absolutely Fabulous. De formele eigenares van het hele circus, Ranjewskaja, is de verzenuwde kampioen van dat doordraaien, Monique Kuijpers verzenuwt zich bij tijd en wijle een tikje over the top, maar dat mag de pret niet drukken, ik vond de hele onderneming een mooie gooi naar Tsjechovs harde kern.
Anders, wel ook om op te vreten, is nRus, waarin zeven toneelspelers van De Tijd uit Vlaanderen (onder wie bedenker Lucas Vandervorst) teksten van uiteenlopende personages uit verhalen en stukken van Tsjechov tegen elkaar aan laten schuren. Alsof je met een magisch en perfect ontwikkeld gehoororgaan op een binnenplaats zit waaromheen uit acht theaters of salons of keukens of kantoren teksten van Tsjechov klinken. Het is één groot genieten over het compacte van zijn woordkeus, de genadeloosheid van zijn mensenkennis, de scherpte van zijn huichel-polaroids. Een krantencollega had 'heilig’ als eindoordeel; 'n tikje plechtig vond ik het soms wel, maar dat was zeker niet de boventoon. Schuldeloos maar ook angstig geschuifel van teksten, vóór de duisternis invalt. Gelukzaligheid was mijn deel. Al dacht ik ook hier aan Trofimov, door die huiverende slotzin van nRus: 'Er is een zuivere, harde storm op komst. Hij is al dichtbij. Het zal niet lang meer duren.’

De kersentuin door Keesen&Co speelt deze week nog in IJmuiden, Breda en Meppel en is van 24 t/m 31 januari te zien in Frascati, Amsterdam, reserveren: 020-6266866. nRus is nog te zien op 13 en 14 februari in de Antwerpse Bourlaschouwburg, reserveren: 00-32-3-2248844