Turks stadje wil geen Nobelprijs

Istanbul – ‘Kilis geeft Europa een lesje humaniteit’, zegt burgemeester Hasan Kara met veel aplomb op de binnenplaats van cultureel centrum Karemaat.

Syrische vrouwen en kinderen volgen hier onderwijs en cursussen, met steun van de gemeente. ‘Hier hebben we laten zien wat medemenselijkheid betekent door onze Syrische broeders en zusters met open armen te ontvangen’, vervolgt Kara.

De opname van 129.000 Syrische vluchtelingen leverde de stad van voorheen negentigduizend inwoners een nominatie op voor de Nobelprijs voor de vrede. ‘Als we het model-Kilis niet wereldwijd toepassen gaat het mis’, besluit de zelfverzekerde burgervader zijn betoog over de verdiensten van de stad met een waarschuwing.

Hasan Kara komt uit een dorp in de omgeving en werkte in de jaren negentig als advocaat van de huidige president Recep Tayyip Erdogan, destijds nog burgemeester van Istanbul. Sinds twee jaar is hij de burgemeester van Kilis. Tijdens een wandeling door de stad neemt hij baby’s op de arm, groet hij oude bekenden en wimpelt uitnodigingen van winkeliers af. In zijn kielzog volgt zijn entourage, bestaande uit enkele neven en de huisfotograaf die het tafereel keurig vastlegt.

Even buiten Kara’s gebaande paden blijkt het niet allemaal rozengeur en maneschijn in Kilis. De komst van de Syriërs heeft grote gevolgen voor de sociale verhoudingen en de lokale economie. ‘De huurprijzen zijn vanwege de komst van de Syriërs enorm gestegen. Vanwege de toegenomen competitie zijn er verschillende eenmanszaken failliet gegaan’, zegt kapper Mehmet Arslan, die zijn klandizie flink zag teruglopen.

Atilla Bekan, verkoper van de lokale specialiteit katmer, een deeggerecht met room en pistacheschaafsel, windt er geen doekjes om. ‘Het zou beter zijn geweest als de gemeente ze allemaal bij elkaar in een kamp had geplaatst’, zegt hij over de Syrische gasten. ‘Van al dat mixen komen alleen maar moeilijkheden.’

Naast de sociale en economische problemen ondervindt Kilis op nog een andere manier de gevolgen van de oorlog in Syrië. Geregeld vinden verdwaalde granaten hun weg naar de stad, deze week nog met tientallen gewonden tot gevolg. Aan de andere kant van de hermetisch afgesloten landsgrens wachten meer dan tweehonderdduizend mensen die op de vlucht zijn geslagen voor het geweld. De ontevreden kapper Arslan wil dat de grens voor hen gesloten blijft: ‘We willen geen Nobelprijs, maar we willen dat de burgemeester op zijn eigen mensen past.’