Klassiek: Pieter van Loenen

Tussen de noten

‘Wanneer men muziek conserveert op een grammofoonplaat is zij gesteriliseerd’, schreef Willem Pijper in 1927. Bijna honderd jaar later is de geluidsdrager voor musici de laatste vluchtheuvel. Optreden gaat niet, streams zijn een lapmiddel. Maar ze maken cd’s en die historisch achterhaalde geluidsdragers zijn anno 2021 het eigenlijke substituut voor live. Luisteren in thuisisolatie wordt een bijna plechtig concertritueel. Doosje openen, stereo aan, bankzitten en meestal dankbaar zwijgen. Keer op keer komt het niveau van uitvoeren en componeren als een blijde verrassing. Maria Milstein, Nicolas van Poucke, Dudok Kwartet, Ekaterina Levental, Marietta Petkova, Merel Vercammen, Ig Henneman, Robin de Raaff, Willem Jeths, Erik Bosgraaf – na tien maanden corona ben je schor van de lof. De muze bloeit ongehoord. Nu weer de jonge violist Pieter van Loenen, winnaar van het Prinses Christina Concours 2010, tweede prijs en publieksprijs op het Nationaal Vioolconcours van 2016. Zijn cd-debuut is een conceptalbum met de misleidende New Age-titel The Silence Between. Die verwijst naar de aan Debussy toegeschreven uitspraak dat de muziek niet in, maar in de stilte tussen de noten klinkt. Dat vertrekpunt bracht Van Loenen en zijn duopartner Tobias Borsboom, excellente pianist, op ideeën. Dat muziek ontstaat uit de stilte, als overwinning op de stilte. Dat vervolgens tussen het stuk en de luisteraar opnieuw een stilte intreedt tot het oor de sleutel heeft gevonden en de kluisdeur openzwaait. Hoe de verhalen achter de noten het horen beïnvloeden, vergemakkelijken of bemoeilijken. Ten slotte, bedachten ze, is stilte ook een metafoor voor wat de covidcrisis de muziek aandeed.

Uit het zeer heterogene programma zou je de thematische zwaartepunten niet direct afleiden. Takemitsu’s Distance de fée, Jascha Heifetz’ arrangement voor viool en piano van Debussy’s lied Beau soir. De bewerking voor viool en piano van Stravinsky’s ballet Le baiser de la fée, ontstaan in samenwerking met violist Samuel Dushkin. De geweldige Vioolsonate van Francis Poulenc, in 1943 ontstaan ter nagedachtenis van de in de Spaanse Burgeroorlog gesneuvelde dichter Federico García Lorca en gecomponeerd op instigatie van de grote Franse violiste Ginette Neveu, die het stuk ten doop hield met de componist aan de piano. Nadat zij in 1949 bij een vliegramp was omgekomen reviseerde Poulenc het stuk, waardoor het ook een in memoriam voor haar werd. Van de Oostenrijkse componist Kurt Schwertsik (1935) de Beethoven-hommage Unterwegs nach Heiligenstadt (2014), geïnspireerd op Beethovens Heiligenstädter Testament van 1802 over de aangrijpende worsteling met het noodlot van zijn doofheid. Veel muziek, veel verhalen, veel interpretatiemogelijkheden, veel wegen naar de juiste ingang, waarvan er natuurlijk altijd meer dan één is.

Wat krijgt de bankzitter ervan mee? Toch vooral de noten. Of de intelligentie van dit spel. De vroegwijze ironie waarmee Van Loenen Stravinsky’s Tsjaikovski-pastiche aanvliegt, met behendige rugdekking van zijn begeleider. Wat een flexibele, klank- en taalgevoelige vertolkers zijn dit, en wat een mooie tegendraadse repertoirekeuze – met als hoogtepunt de wonderbaarlijke Poulenc-sonate, die de platste kitschtranen laat plengen met de diepste innigheid, waardoor spot opeens net drama lijkt. Hoe Poulenc die paradox bestuurde weet geen mens, en je moet het niet proberen te begrijpen. Zwijg en luister.


Pieter van Loenen – The Silence Between