FILM Slumdog Millionaire

TUSSEN HEMEL EN HEL

Een film waarin een baby doodgaat. Of waarin de aarde naar de knoppen gaat. Of waarin lijken in vlakke graven worden gestopt. Maar óók: de adembenemend mooie achtervolging in Trainspotting (1996) op de maat van Underworld; het slimme intertekstuele genrespel in 28 Days Later (2002) en Sunshine (2007); en Andy Williams die Happy Heart zingt aan het einde van Shallow Grave (1995). De figuren bungelen tussen hemel en hel, evenals de kijkers naar de films van de Engelse regisseur Danny Boyle.
Dat geldt ook voor zijn nieuwste, Slumdog Millionaire, waarover de meningen verdeeld zijn. Is het ‘armoedeporno’ of juist een viering van de veerkracht van de menselijke geest? Deze vraag heeft een voorgeschiedenis. Hij speelde in 1955 toen François Truffaut na het zien van Pather Panchali (1955) van de Bengaalse cineast Satyajit Ray verklaarde niet te willen kijken naar een film waarin boeren met hun handen eten. In een iets andere vorm komt het onderwerp nu weer ter sprake naar aanleiding van Slumdog Millionaire.
Het werk, dat het levensverhaal van drie kinderen uit de slums van Mumbai vertelt, is genomineerd voor tien Oscars. Onverteerbaar, zegt Bollywood-ster Amitabh Bachchan, die het uitbeelden van de donkere Indiase onderbuik hekelt. Een schande, verklaart Anne Miles in The Times, die de film bestempelt als een stukje ‘poverty porn’ dat de kijker uitnodigt zich te verlustigen in de ellende van anderen. Geen sprake van, riposteert Nirpal Dhaliwal, columnist voor een weekblad in New Delhi, in The Guardian. Hij richt zijn pijlen op de oppervlakkigheid van gewone Bollywood-films en stelt dat Slumdog Millionaire eens te meer aantoont dat slechts westerse filmmakers in staat zijn een artistiek gelaagde film te maken over de moderne Indiase maatschappij.
In Slumdog schetst Boyle met flashbacks het leven van Jamal (Dev Patel) die samen met zijn broer, Salim (Madhur Mittal) en het meisje Latika (Freida Pinto) opgroeit in de slums. Jamal wordt verliefd op Latika, en dat blijft hij, jaren lang. Dat laatste vormt de hoofdverhaallijn: vanwege het zware leven op straat en doordat de drie vrienden in de greep van een Fagan-achtige gangster komen, scheiden de wegen van Jamal en Latika. Vergeten kan hij haar niet. Hoe haar te vinden? De enige oplossing die hij kan bedenken is deelnemen aan de populaire quiz Who Wants to Be a Millionaire?, en dan maar hopen dat Latika zich ergens in het miljoenenpubliek bevindt.
Boyle ontdekt schoonheid in de afschuwelijke wereld van Jamal en Latika, net als Satyajit Ray dat deed bij het creëren van Apu’s wereld in zijn gelijknamige jaren-vijftigtrilogie. ‘Armoedeporno’, nee. Dat kan ook niet, want narratieve film is net als harde pornografie ten diepste voyeuristisch van aard. Dat ís film: opwinding, kijken. Daarom kiest Boyle in Slumdog voor een gestroomlijnde visuele stijl met het accent op felle kleuren, vult hij het brede filmkader gestileerd en gebalanceerd in met modieus ogende, ongewone camerahoeken, en voegt hij een dwingend ritme toe aan de compositie van beeld en geluid, bijna als in een clip. Bovendien, wie zegt dat gelaagde, geëngageerde kunstwerken deprimerend en visueel groezelig moeten zijn?
Slumdog is inspirerend, Slumdog ziet er prachtig uit, en dat is allemaal thematisch functioneel: het ís een werk over de liefde, over het leven, en over de lach om de mondhoeken en het glimmende licht in de ogen van een jongetje dat van top tot teen onder de menselijke uitwerpselen zit.

Te zien vanaf 12 februari