Film: ‘Cold Case Dag Hammarskjöld’

Twee typisten

Göran Björkdahl en Mads Brügger in Cold Case Dag Hammarskjöld, regie Mads Brügger © Cinema Delicatessen

De Deense documentairemaker Mads Brügger pakt in zijn nieuwe film de onopgeloste zaak aan van de sluipmoord in 1961 op Dag Hammarskjöld, secretaris-generaal van de VN. Maar hij komt terecht in Johannesburg, in de schimmige wereld van witte huursoldaten die aangestuurd door internationale intelligentiediensten verhalen in de praktijk brachten die zelfs de beste thrillerschrijvers maar met moeite zouden kunnen verzinnen. Tegen een van twee typisten aan wie hij dicteert, verzucht Brügger: ‘Ik heb een horror ontdekt die al mijn streken tot schande maakt.’

De typisten zijn twee zwarte vrouwen. Ze zitten afwisselend samen met Brügger in een hotelkamer in Zambia achter een typemachine terwijl de Deen al pratend, vergeefs, de puzzelstukjes passend wil maken. Een mooi vertelmechanisme: de vrouwen confronteren Brügger met de futiliteit van zijn onderneming. Want in zijn speurtocht naar de feiten stuit hij op fictie waarvan hij vervolgens niet anders kan dan concluderen: dit is echt gebeurd.

Tijdens het kijken flitste de gedachte door mijn hoofd: ‘Welkom in Johannesburg, Mads.’ In Wemmerpan, een recreatiegebied in het zuiden van de stad waar ik vaak ben geweest om te barbecuen en naar het waterorgel te kijken, zat blijkbaar het hoofdkwartier van het South African Institute for Maritime Research (saimr). Zo heette de organisatie van huursoldaten die het neerhalen had georkestreerd van het vliegtuig waarin Hammarskjöld zat. In de film zien we hoe Brügger ’s nachts samen met een voormalig lid van saimr door de bouwvallen loopt. Het gesprek gaat al lang niet meer over Hammarskjöld, maar over ‘commandeur’ Keith Maxwell, charismatische bevelvoerder van saimr van wie ooit maar één foto is gemaakt. Een man van rond de veertig met strak geföhnd haar, in het wit gekleed, zijn shirt bijna tot zijn middel opengeknoopt. Mocassins. Gouden-raambril. Een killer te huur. Zijn belangrijkste missie was, zo ontdekt Brügger, iets veel sinisterder dan politieke sluipmoorden: het verspreiden van het aidsvirus in de jaren tachtig en negentig in zuidelijk Afrika om de witte heerschappij veilig te stellen.

Het mooiste aan Cold Case Dag Hammarskjöld is dat we samen met Brügger ervaren dat het laatste restje ironie verdwijnt op het moment dat de meest bizarre fictie gebaseerd blijkt op harde feiten. saimr komt zo uit een roman van John le Carré of Wilbur Smith, maar in 1998 onthulde de Zuid-Afrikaanse Waarheidscommissie documentatie waaruit blijkt dat de organisatie toch echt betrokken was bij de moord op Hammarskjöld begin jaren zestig, wellicht in opdracht van de cia en mi6.

Hoe Brügger ook zijn best doet zijn om zijn bekende ‘streken’ uit te halen – samen met zijn partner, een Zweedse privédetective, kleedt hij zich volledig in het wit, met koloniale tropenhelm op – wat hij in Johannesburg ontdekt maakt hem noodgedwongen nederig. Zijn eerlijke emoties geven de film een meerwaarde. Met de typisten luisteren we ademloos naar Mads’ verhaal. In de context van de tragedie van witte ‘baasschap’ in Afrika past slechts ontnuchtering. En, dat zegt Mads met zoveel woorden: schaamte.


Te zien vanaf 4 april