Twee vrouwen

Sinds Nanda van der Zee zich terugtrok als biografe in spe van dr. L. de Jong is er een nek-aan-nekrace voor deze prestigeklus gaande tussen twee andere schrijfsters: Elsbeth Etty en Regina Grüter. NRC-columniste Etty, zo berichtten diverse media, is aangezocht door uitgever SDU, maar kreeg later een tegenkandidate in de door het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie naar voren geschoven Grüter.

Op papier heeft Etty natuurlijk de beste kansen voor de met ‘enige tonnen’ (uitgever Van der Meulen) te honoreren mammoetklus. De 'rode furie van NRC Handelsblad’ heeft een veelgeroemde biografie van Henriëtte Roland-Holst op haar naam staan, die uitblonk in stijl en empathie. Een enkele criticus meende dat ze wat al te zacht was geweest voor haar onderwerp (Etty zou de vermeende voorliefde van 'Tante Jet’ voor eugenetische bevolkingspolitiek liefdevol onder het tapijt hebben geveegd), maar voor het overige regende het - terecht - complimenten. Als de keuze voor de aanstaande De Jong-biografe op Etty zou vallen, zou onafhankelijk onderzoek gegarandeerd zijn, getuige de vaak dissidente standpunten die de schrijfster in haar columns voor NRC Handelsblad verkondigt. Een geheel ander geval is Regina Grüter. De Leidse historica werd verleden jaar gelauwerd met de dr. L. de Jong-prijs. Die prijs kreeg Grüter vanwege haar biografie van Friedrich Weinreb. Die publicatie viel in heel wat minder goede aarde dan Etty’s boek. Het probleem van Grüters Weinreb-studie was echter dat zij niet meer had gedaan dan het in psychologiserend jargon napraten van het uiterst omstreden Weinreb-rapport dat datzelfde Riod in de jaren zeventig het licht deed zien. Indirect gaf Niod-directeur Blom dus zichzelf een prijs. Geheel fris rook het allemaal niet. Door Grüter nu naar voren te schuiven voor het levensverhaal van dr. L. de Jong gaat het Niod andermaal te kort door de bocht. De vrees van Nanda van der Zee dat er preventieve censuur te pas zou komen aan dit politiek gevoelige onderzoek lijkt zo te worden bevestigd. Maar wedden dat ’t toch Grüter wordt?