Tweemaal G8

Mirko van Pampus was als activist bij de topontmoeting van de G8 in Duitsland. Liesbeth Bakker als journalist; zij sprak genodigden aan de andere kant van het politiecordon. Beiden schreven voor de Groene een verslag.

Mirko van Pampus, een twintigjarige student die als activist aanwezig was bij de G8-top

Vorige week tijdens de G8 protesten in Rostock is eventjes de sluier van het kapitalisme opgelicht geweest en konden de tienduizenden actievoerders voorzichtig een glimp opvangen van de betere wereld die ze verhult. Heel kort kon het rijkgeschakeerde verzet ruiken aan de toekomstige wereld waarvoor ze elke dag weer vecht.

Het leek op dit kortstondige gelukzalige moment wel of alle negatieve menselijke eigenschappen ineens vergeten waren. Van diefstal, afgunst, haatdragendheid, luiheid en preutsheid was ineens geen sprake meer. De kampen waar in totaal met meer dan 20.000 man overnacht werd waren geheel zelf gereguleerd en volgens het basis-democratisch principe opgebouwd. Iedereen droeg verantwoordelijkheid voor het geheel, en iedereen nam die verantwoordelijkheid ook waar. Naar capaciteit werd er bijgedragen aan het goed functioneren van de kampen en naar vermogen en op vrijwillige basis werden er de financiële benodigdheden geleverd. Er werd voor eten gezorgd, er werd gemengd gedouched, er was zelfs internet; en dat allemaal op een afgelegen industrieterrein in het Noord-oosten van Duitsland.

En voor de duidelijkheid, het ging hier dus niet om een kleine overzichtelijke commune, er was hier sprake van tienduizenden mensen. Alsof de gemeente Emmeloord ineens geheel succesvol communistisch zou zijn.

Zelfs de immer aanwezige repressie en provocatie van de kant het van huidige systeem, in de vorm van de militaire politie, kon de saamhorigheid binnen het verzet niet breken. Deze laatsten hebben, in goede samenwerking met de conventionele media, er werkelijk alles aan gedaan de verrichte arbeid van de kant van de protestbeweging teniet te doen. Lafhartige daden als infiltratie in de beweging en het aanzetten tot stenen gooien werden niet geschuwd. Maar afgezien van een enkele rel, doch in de media breed uitgemeten, heeft de protestbeweging stand gehouden.

Urenlang zijn ze opgehouden in demonstraties, zonder eten of drinken, terwijl de militaire politie constant van proviand voorzien werd, maar de demonstranten bleven verstandig.

Constant cirkelden er helikopters en straaljagers boven de podia en tenten, waardoor respectievelijk culturele programma’s volgen en rustig slapen schier onmogelijk gemaakt werden, maar de actievoerders bleven verstandig.

Tot vervelens toe werden kampen omsingeld en mensen doorzocht en gefouilleerd, zelfs als daar geenszins aanleiding toe was. Er is zelfs meermaals een mediabus in beslag genomen, en wederom bleef de protestbeweging verstandig en gaf ze de politiemacht geen aanleiding tot aanvallen.

Want het doel was uiteraard niet om de politie te bevechten en zo wederom slecht in de media te belanden. Het doel was het systeem te bevechten; het systeem dat ook de agenten ter plaatse uitbuit, het systeem dat de gehele wereld zo in zijn greep heeft.

In dat licht is het zeer belangrijk geweest dat deze zomer in Heiligendamm niet alleen is opgestaan tegen een onrechtvaardig systeem, maar er ook een alternatief in de praktijk is gebracht en dat we hebben laten zien dat het anders kan, dat bewust en verantwoordelijk leven een reële optie is.

En dan is het nu maar hopen dat we spoedig de sluier voorgoed weg zullen kunnen trekken.

Liesbeth Bakker, die als journalist aanwezig was bij de G8-top

Media spektakel leidt af van verminderde invloed G8

Terugblikkend op de G8 dringt een belangrijke conclusie zich op: met de vermindering van de feitelijke mondiale invloed van de G8 staten neemt de media aandacht toe. Dit is niet in de laatste plaats te danken aan de G8 tegenstanders, de zogenaamde globaliseringscritici. Zonder hen zou de G8 slechts een fractie van de aandacht krijgen die ze nu krijgt. Door hun protest dragen de globaliseringstegenstanders juist bij aan de door hen niet gewenste legitimering van dit gremium. Door hun appèl aan de 8 regeringsleiders om ‚het klimaat te redden’ en ‚de armoede in de wereld op te lossen’ voeden ze de illusie dat het heil van de wereld van hen afhangt.

De regeringsleiders komt deze belangstelling zeer gelegen en gebruiken de G8 top als platform om zichzelf te profileren als profeten van de klimaatbescherming en redders van Afrika.

De media aandacht staat echter lijnrecht tegenover de feitelijke macht en invloed van de G8 landen. De internationale machtsverhoudingen zijn door de sterke economische groei van landen in Azie en Zuid- en Midden Amerika beslissend veranderd. Globale problemen zoals het broeikaseffect, terrorisme, handelsconflicten en armoede kunnen niet door een kleine groep van landen worden opgelost die slechts 13% van de wereldbevolking representeren en een steeds kleiner aandeel leveren aan de mondiale productie. De G8 landen zijn minder dan ooit het juiste gremium om de globalisering een sociaal en ecologisch gezicht te geven.

Steeds mee stemmen wijzen in dit verband op het gevaar van een ondermijning van de democratie. Boutros-Ghali, voormalig UN Secretaris Generaal, zei recent: “In the process of globalization, problems which can only be solved effectively at the global level, are multiplying and requirements of political governance are extending beyond state borders accordingly. Increased decision-making at the global level therefore is inevitable. Hij eindigde zijn toespraak met de waarschuwing: "We need to promote the democratization of globalization, before globalization destroys the foundations of national and international democracy.”

Een door Tony Blair bepleite uitbreiding van de G8 met de 5 zogenaamde Outreach Nations China, India, Brazilie, Mexico en Zuid-Afrika (de O5) is daarop geen antwoord. De ‚Members Only Club’ wordt daardoor noch representatiever, noch democratischer.

Overbodig is ook het regelmatig terugkerende idee om de G8 te vervangen door een nieuw gremium waarin de zuidelijke landen evenredig vertegenwoordigd zijn en de NGO’s mee kunnen praten. Zo’n vergadering bestaat namelijk al in de vorm van de ECOSOC, de economische en sociale raad van de Verenigde Naties. Voor een democratisering op wereldschaal is de uitbreiding van de beslissingsbevoegdheid van dit soort platformen cruciaal.

Een recent initiatief voor een democratisering van de UN is de “Campaign for the establishment of a United Nations Parliamentary Assembly”. Deze campagne kreeg vorige week op de ‘Vision Summit’ in Berlijn een Vision Award. De campagne wordt ondersteund door een Mondiale alliantie van politici, kunstenaars en burgers uit 70 landen met prominente vertegenwoordgers als Günther Grass, Emma Thompson, de duitse Milieuminister Sigmar Gabriel, Arthur C. Clarke, de erevoorzitter van de Club van Rome en vele anderen. Doel van de campagne is om zoveel mogelijk ondersteuning in parlementen, bij de bevolking en in de media te mobiliseren voor een parlement op wereldniveau.

Op deze eerste Vision Summit voor een ‘humane wereldeconomie’ waren, naast bovengenoemde campagneleiders ook gerenommeerde sprekers zoals de vredesnobelprijswinnaar Muhammad Yunus vertegenwoordigd. Tien Vision Awards werden tijdens dit congres uitgedeeld voor o.a. een ‘Global Marshall Plan’ om de armoede in de wereld te bestrijden; een Kyoto Plus voorstel om het klimaatprobleem op een rechtvaardige manier op te lossen en een ‚Global Fair Trade Plan’ (zie: www.visionsummit.org). Stuk voor stuk doorwrochte plannen die jammergenoeg weinig aandacht kregen in de pers. De daar gepresenteerde visies kunnen niet in een paar oneliners gevangen worden.

Voor een globalisering met een menselijk gezicht zouden de NGO’s en globaliseringscritici er goed aan doen dit soort initiatieven voor een democratisering van de wereldgemeenschap te ondersteunen en daarvoor aandacht te eisen bij nationale regeringen en parlementen. Veel media aandacht krijgen ze daarmee waarschijnlijk niet. Maar het levert op de lange duur wellicht meer op dan de spelletjes met de politie voor de hekken van Heiligendam.