Joegoslavië Tribunaal in opspraak

Twijfelen aan het tribunaal

Is het Joegoslavië Tribunaal rechtmatig? Sinds Milosevic’ halsstarrige weigering het te erkennen rijst de twijfel. Dat het tribunaal wel degelijk te manipuleren is, bleek in de rechtszaak tegen Tadic.

«De grote Milosevic-show» (Algemeen Dagblad) en «circus-Milosevic» (Nova) wordt het proces in Den Haag tegen de oud-president van Joegoslavië al genoemd. Toegegeven, het schouwspel heeft iets tragikomisch. Milosevic die het tribunaal met hooghartig gefronste wenkbrauwen afdoet als een «illegaal instituut», de openbaar aanklager Carla del Ponte en haar medewerkers in zwarte tuniek met witte bef lispelend over aanklachten die nog niet helemaal rond zijn, en de opperrechter Robert May die het allemaal aanhoort met Britse bedachtzaamheid en zo nu en dan zijn bril afzet en zijn ogen uitwrijft alvorens een van beide partijen streng toe te spreken.

Nu voor het eerst een oud-staatshoofd door een VN-tribunaal wordt vervolgd wegens oorlogsmisdrijven en misdaden tegen de mensheid, steekt twijfel de kop op. Want Milosevic’ weigering het tribunaal te erkennen mag dan worden afgeschilderd als de puberale stuip van een moreel gedegenereerde man, de gewezen president van Joegoslavië is uiterst vasthoudend in zijn stellingname dat het tribunaal een illegale en partijdige rechtbank is.

«Het lijkt haast tactiek zo vaak mogelijk te roepen dat het tribunaal onrechtmatig en bevooroordeeld is in de hoop dat mensen het dan gaan geloven», zegt Göran Sluiter, volkenrechtdeskundige van de universiteit van Utrecht. Het valt hem op dat de aanklagers niet sterk reageren op dergelijke beschuldigingen. Niet verstandig, meent Sluiter, «want de laatste die aan het touwtje trekt, doet het licht uit».

Na Milosevic’ uitlevering aan Den Haag werd een Internationaal Comité ter Verdediging van Slobodan Milosevic (ICDSM) opgericht. Voorzitter is de Canadese advocaat Christopher Black die eerder voor het tribunaal in Arusha Rwandezen verdedigde die werden verdacht van volkerenmoord. Verder zijn enkele prominente Grieken lid, onder wie de componist Théodorakis en de oud-verzetsheld Manolis Glezos, en de Amerikaanse oud-minister en linkse bekeerling Ramsey Clark. Clark was minister van Justitie onder president Lyndon B. Johnson en in die functie mede verantwoordelijk voor het scherpe optreden jegens anti-Vietnamdemonstranten en de radicaliserende zwarte mensenrechtenbeweging. Na Johnsons verkiezingsnederlaag in 1968 maakte hij een zwaai naar links. Hij begon de oorlog in Vietnam te veroordelen en leidde een onafhankelijk onderzoek naar de FBI-moorden op twee Black Panter-leiders. Tegenwoordig is Ramsey Clark er als de kippen bij om aan de hegemonie van de Verenigde Staten te knabbelen.

Aangezien Milosevic het Joegoslavië Tribunaal niet erkent, kondigde advocaat Black aan zijn uitlevering en gevangenschap aan te vechten bij de Nederlandse rechter. Net als de overige leden van het ICDSM toont hij zich persoonlijk zeer bij de zaak betrokken. «De echte oorlogsmisdadigers moet u zoeken op het hoofdkwartier van de Navo», meent hij. En over de slachtoffers van Srebrenica: «Welke slachtoffers bedoelt u? Die zevenduizend soldaten van wie er later vijfduizend met hun namen op kieslijsten verschenen?» Het zal Milosevic’ zaak weinig goed doen.

Afgelopen week diende het kort geding tegen de staat, aangespannen door drie Nederlandse advocaten onder aanvoering van Nico Steijnen. Uit naam van het ICDSM daagden zij de Staat der Nederlanden en eisten ze in een ellenlang pleidooi Milosevic’ vrijlating. Steijnen, geflankeerd door de advocaten Olof en Hummels, hekelde «de heksenjacht van door de VS gefinancierde premiejagers van Kfor» die «mensen roven en ze spoorslags naar Den Haag brengen». Volgens Steijnen waren dergelijke praktijken onderdeel van een «decenniumlange anti-Servische hetze». Het Milosevic-steuncomité verloor de zaak.

De vraag of het Joegoslavië Tribunaal rechtmatig is, is al bij de eerste rechtszaak uit zijn bestaan — die tegen Dusko Tadic — aan de orde geweest en bevestigend beantwoord. «Door de rechters van het tribunaal zélf», zeggen criticasters. Zij houden vol dat het tribunaal niet door de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties opgericht had mogen worden. Alleen de Algemene Vergadering zou een rechtmatig strafhof in het leven kunnen roepen.

Voor dat argument is het te laat meent volkenrechtspecialist Göran Sluiter: «Bijna alle staten hebben wetgeving aangenomen die in verband staat met het tribunaal en meegestemd over de aanstelling van rechters. Daarmee hebben ze het tribunaal feitelijk erkend. Mexico is het enige VN-land dat stelselmatig heeft geweigerd iets te doen wat het tribunaal zou erkennen. Maar de Chinezen, die het tribunaal in de pers doorgaans afbranden, zijn al vanaf het begin bij het tribunaal betrokken. Ze leveren een rechter.»

Sluiter meent dat advocaat Steijnen cum suis een kans hebben laten liggen door niet te wijzen op de merkwaardige «aansporing» van de Veiligheidsraad aan het tribunaal om de oorlogsmisdaden in Kosovo te gaan onderzoeken toen beelden van Albanese vluchtelingen over de wereld gingen. «De Veiligheidsraad heeft plechtig beloofd zich na de oprichting van het tribunaal niet meer inhoudelijk met de zaken te bemoeien. Dat ze dat nu toch heeft gedaan, klopt niet.»

Een ander argument tegen het tribunaal is dat het bevooroordeeld zou zijn. Er zou zelfs sprake zijn van overwinnaars-rechtsspraak. Volgens de statuten worden de rechters echter gekozen door de Algemene Vergadering, op voorspraak van de Veiligheidsraad. Ook rechters afkomstig uit landen die welwillend stonden tegenover Milosevic’ regime, zoals China en Rusland (die bovendien beide zitting hebben in de Veiligheidsraad), zouden gekozen kunnen worden. Sluiter: «Welke rechters op welke zaken worden gezet, wordt bepaald door de president. Het moet iemand zijn die zo'n zaak aankan en niet al zwaar is belast.

Over het kaliber van Chinese rechters bestaan twijfels. Maar in theorie kunnen Russische en Chinese rechters zitting hebben in het college dat een zaak als die van Milosevic behandelt. Mijn indruk is dat het tribunaal in de praktijk een redelijk onafhankelijk en onbevooroordeeld vervolgingsbeleid heeft ontwikkeld.»

Toch zijn twijfels mogelijk bij de objectiviteit van het tribunaal. In de statuten staat dat de kosten zullen worden gedragen door het reguliere budget van de VN. Buiten de statuten om werd echter bepaald dat afzonderlijke landen ook «vrijwillige bijdragen» konden doen in valuta of natura (het uitlenen van personeel). Uit cijfers van het tribunaal blijkt dat die vooral komen van de Verenigde Staten — die overigens nog een enorme schuld hebben aan de reguliere VN-kas — en de Europese Unie. Navo-lidstaten als Nederland (gastland en belangrijk financieel sponsor), de Verenigde Staten en Italië maken vrijwel elk jaar meer dan twee miljoen dollar over op rekening van het tribunaal. Pakistan, dat de VS graag te vriend houdt, betaalt jaarlijks een miljoen. Dat zijn bedragen die schril afsteken bij de jaarlijkse vijfhonderd dollar van Namibië en de vijftienhonderd van Malta. Sluiter: «De vrijwillige bijdrage van de VS was aanvankelijk een probleem. Vooral met het leveren van gratis personeel hebben ze in het begin hun stempel kunnen drukken.»

Dat het tribunaal wel degelijk te manipuleren is, bleek in de rechtszaak tegen Dusko Tadic. Hij werd geconfronteerd met een getuige die werd geleverd door de Bosnische regering. Deze «getuige L.» was een Servische krijgsgevangene die volgens de Bosniërs samen met Tadic burgers had gedood, verkracht en anderszins mishandeld. Maar L. bleek een valse getuige, zo wist Tadic’ advocaat Michaïl Wladimiroff aan te tonen. Hij bleek door de Bos niërs gedwongen te zijn om valse verklaringen af te leggen omdat hij anders zou worden gedood. Goran Trkulja, tribunaal-watcher en journalist, speurde voor het vpro-programma Argos naar de achtergronden van getuige L. Zijn echte naam bleek Opacic, hij had nauwelijks een opleiding genoten en geen vlieg kwaad gedaan. Hij was zelf een vluchteling en werd als kanonnenvlees naar het front gestuurd. Daar raakte hij bijna onmiddellijk gewond en werd hij gevangengenomen. Hij was nog heel jong en stond nergens geregistreerd. Dus hij was makkelijk te beïnvloeden.

Na zijn ontmaskering werd Opacic terug gestuurd naar Bosnië. «Het tribunaal wist niet hoe snel ze van hem af moesten komen. Hij was een kroongetuige in die belangrijke allereerste rechtszaak. De regering in Sarajevo had met haar bedrog het hele tribunaal doen wankelen. In Bosnië werd Opacic door de Moslim-regering vastgezet. Hij werd veroordeeld tot tien jaar gevangenis op basis van de getuigenis voor het tribunaal die hij nota bene onder dwang van de Moslim-regering zelf bij elkaar had gelogen. Trkulja: «Je kunt je afvragen of zoiets niet nog eens kan gebeuren. Ik hoorde laatst dat iemand na een getuigenis met hulp van het tribunaal uit Bosnië weg kon en zich in Zweden kon gaan vestigen. Dat lijkt een beloning.»

Dat het tribunaal notoir anti-Servisch zou zijn, zoals Milosevic’ medestanders beweren, is moeilijk hard te maken. Vooralsnog zijn de meeste veroordeelden van Bosnisch-Kroatische huize, en ook Moslims worden voorgeleid. Wel is opvallend dat de media maar moeilijk overweg kunnen met het bewijs dat niet alleen Serviërs schuld hebben gehad aan de misdaden in Bosnië en Kroatië.

Zo was er maar weinig aandacht voor de voorgeleiding van drie hoge Moslim-officieren. Net als Milosevic worden ze op grond van hun commandoverantwoordelijkheid in staat van beschuldiging gesteld voor de oorlogs misdaden van hun ondergeschikten: moslim strijders van buiten Bosnië, die er een jihad kwamen uitvechten, en fanatieke Bosnische strijders van de beruchte Zevende Moslim-bergbrigade die honderden Bosnisch-Kroatische en -Servische burgers uitmoordden.

En toen het Journaal onlangs Belgrado bezocht, had de verslaggever slechts aandacht voor de minimale belangstelling van de Ser viërs in de berechting van hun gewezen president, terwijl de kranten er volstonden van de zojuist vastgestelde betrokkenheid van de CIA bij Operatie Storm — de bliksemactie waarmee Kroatische troepen de Krajina terugveroverden op de Servische opstandelingen en etnisch schoonveegden — met tweehonderdduizend vluchtelingen als gevolg. De Kroatische generaal Gotovina is onlangs bijna geruisloos door het tribunaal aangeklaagd voor de moord op honderdvijftig hoogbejaarden (sommigen ouder dan negentig jaar) die niet tijdig konden wegkomen.

Was er meer aandacht geweest voor andere rechtszaken dan alleen die tegen Milosevic, dan was er van een «circus» of een «show» geen sprake geweest. En dan had zijn klacht, geuit tijdens zijn voorgeleiding afgelopen week, over de «machinerie van geheime diensten en media» die tegen hem in stelling werd gebracht, slechts hilariteit gewekt. Geen twijfel.