vooruitblik op het Shadow Festival

Uit de schaduw

Een vooruitblik op het Shadow Festival

Het Shadow Festival dankt zijn naam aan zijn nederige oorsprong in de schaduw van het al maar belangrijker wordende Idfa, maar die sluier heeft het festival afgeworpen en na vijf jaar treedt het langzaam in het volle licht. Het is uitgegroeid tot een respectabel platform voor het soort films waar het Idfa in zijn missie (en ambitie) maar weinig tijd, oog of waardering voor heeft. Idfa is immers kampioen van de «grote» documentaire film en vestigt zijn schijnwerpers graag op de grote namen – Wiseman, Pennebaker, Morris, Moore – en de grote, politiek correcte thema’s; daarnaast is het de jaarlijkse etalage van de productie van Nederlandse makers van naam.

Shadow richt zich meer op de maker dan op de inhoud. Het toont graag films met een onorthodoxe vormentaal – meer dan eens weerbarstig, grofkorrelig, direct – en een sterk persoonlijk, intiem karakter. Er zijn altijd veel debuten onder, maar ook heuse vedetten, zoals (dit jaar) Nicholas Philibert, de regisseur van het publiekssucces Etre et avoir. De makers komen graag zelf en worden na hun films altijd aan het publiek gepresenteerd. Dit jaar zijn ze er allemaal.

Een korte selectie. De jonge New Yorker Josh Koury keert terug nadat hij in 2001 in Amsterdam zijn eindexamenfilm Standing by Yourself toonde. Het was zijn «wereldpremière» en het effect op zijn carrière was groot, zegt Koury nu: «Mijn film werd na dat festival in New York in normale roulatie uitgebracht en had veel succes. De ervaring in Amsterdam inspireerde me tot de oprichting van het Brooklyn Underground Film Festival, waar ik nu programma directeur ben.» Koury presenteert dit jaar Richard Shakes, net als Standing by Yourself een homevideo-verslag van een familielid, Richard, die aan epilepsieaanvallen lijdt. Het camerawerk verhoudt zich tot «gewone» onafhankelijke, directe documentaires «als een Pollock tot een Rembrandt», schreef The New York Times: «Aanvankelijk is Kou ry’s passieve techniek behoorlijk irritant, maar dan begint het toch interessante resultaten op te leveren. Een meer formeel opgevatte film – zoals Larry Clarks Kids – zou onvermijdelijk waardeoordelen over de karakters en situaties vellen. De techniek van Koury suggereert niets en legt niets op. Dit is hoe het leven eruitziet.»

Van ander allooi, maar even direct, is het werk van Sean Lan gan, een montere en moedige eenmans-BBC. Langan is een freelance journalist die de afgelopen jaren geheel alleen, de handheld-video in de tas, door linke gebieden als Kasjmir, Zimbabwe en Irak trok. In Langan Behind the Lines (2001) reisde hij van Afghanistan via Iran, Irak en Israël naar Beiroet. Hij verkocht de film naderhand aan BBC én Channel 4 (en ook aan de BRT; in Nederland werd de film door Netwerk verknipt tot items). Zijn laatste film, Mission Accomplished, toont de onverschrokken eenling tijdens een verblijf van drie maanden in Bagdad, Falluja, Ramadi en Samara. Langan komt daarin zeer dicht op de gewone Iraakse burgers, gevangen in de geweldsspiraal, en spreekt bijvoorbeeld met mensen die de gang van zaken in Abu Ghraib van nabij kenden, maanden voor het schandaal naar buiten kwam. Maar hij bevindt zich ook in gezelschap van Amerikaanse soldaten die, terwijl ze onder vuur liggen, niet veel meer weten te bedenken dan dat «with four or five McDo nald’s-restaurants along the strip» de Iraakse bevolking gelukkig zou zijn. Waarna zich een tarantinesk gesprek ontspint over de mogelijke rol van Burger King in internationale conflicten.

Langan zal op het festival zijn film zelf presenteren en het een en ander vertellen over research, praktische kanten van productie en creatieve keuzes: «Ik denk dat ik het vooral zal hebben over het falen van de media in Irak. Ik denk dat het voor de westerse media de slechtste oorlog ooit is, in de zin dat we er steeds maar naast zitten en onze politici laten liegen zonder repliek. In mijn optiek wordt Irak per dag erger – een soort Vietnam, fast forward. Wat mijn stijl betreft: ik wil graag ergens binnenkomen en zo lang mogelijk blijven, en filmen zonder te proberen bevestiging te vinden voor een vooraf gevormd idee. Ik ben ook bijna altijd in m’n eentje, en die kleine, persoonlijke benadering maakt het mogelijk dat ik veel dichterbij kom dan grote tv-crews. Ik bereid ook nooit iets voor. Het allergrootste verschil tussen mij en de meeste nieuws- en documentairemakers is echter de tijd die ik aan een verhaal besteed. Op de tv van vandaag zijn redacteuren en directeuren niet meer in staat meer dan een paar weken aan onderzoeksjournalistiek te doen – terwijl je daar vaak maanden voor nodig hebt.»

Het festival omvat verder een keur aan zeer interessante films uit Polen, Wit-Rusland en voormalig Oost-Duitsland, waaronder veel eindexamenfilms van de filmacademie van Potsdam. Eén daarvan, Zeven broers, toont zeven Duitse broers – een theoloog, een bakker, een accountant et cetera – geboren tussen 1929 en 1945, die onafhankelijk van elkaar praten over hun leven en de Duitse geschiedenis zoals zij die kennen. De film circuleert inmiddels in reguliere Duitse bioscopen.

De Groene Amsterdammer– lezersdag (zondag 21 november) omvat een goede doorsnee van het Shadow Festival, met de presentatie van Sean Langan, de film Zeven broers, een presentatie van de film Quartet 90 (een portret van doof-blinde kinderen) door gastcurator Donigan Cumming, de komische Poolse film Goat Walker, en What Are You Going to Do Next, Karolinka, die een veel minder vrolijk beeld van Polen schetst. Alle makers zullen tijdens de viewings aanwezig zijn.

Nadere informatie op www.shadowfestival.nl