Uit water en slijk

Uit water en slijk De Schepping zoals Eli Content die weergeeft in The Creation of Man is veel kariger dan de Schepping van Brueghel. En zorgelijker.

Het werk is gemeten op de maat van het raam waar het in hangt. Omdat het is geschilderd op doorschijnend krantenpapier hangt en zweeft het beeld in een getemperd licht – alsof de dageraad aanbreekt en het zacht begint te stralen. Dat past, want de sprookjesachtige voorstelling heet The Creation of Man: Male and Female. Tegenwoordig neigen veel kunstenaars ertoe dat soort vertellingen in bewegende filmbeelden te verbeelden. Het ontroerende in dit werk is dat Eli Content een veel oudere vorm gekozen heeft om ons zijn verbeelding van de Schepping te laten zien. Het licht kreukelende papier waarvan het ding gemaakt is, met er doorheen dat dunne licht van buiten, doet mij onweerstaanbaar denken aan een licht geweven, zijden voorhang. Het hele ding is zo zonder gewicht dat je het, als je ernaar kijkt, bijna heen en weer ziet waaien als in een zwakke wind. Behalve zo fragiel is het werk ook wonderbaarlijk sierlijk. Het heeft rondom een rand van Hebreeuwse letters, geflankeerd door een gerekte zoom van sierlijke laurierbladeren. Ook dat past bij het verhaal dat de geschiedenis ceremonieel geworden is als een viering. Want wat daar klinkend geschreven staat, met lauwerkrans omgeven, is Genesis 1:27: ‘En God schiep den Mensch naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij ze; man en vrouw schiep Hij ze.’

Van de kunstenaar weet ik dat hij niet alleen voor het Hebreeuws gekozen heeft omdat dat de oorspronkelijke taal is van het Oude Testament, maar ook vanwege de stevige schoonheid van de lettertekens die zo een decoratie rondom de eigenlijke voorstelling vormen. Om die reden geef ik hier de vertaling in de gedragen, hoekige taal van de oude Statenbijbel. Zo wordt de ruimte van de voorstelling gevormd en afgebakend door de suggestieve verbinding van tekst en lauwerkrans. Overigens heeft hij aan elkaar geplakte Chinese kranten gebruikt. Die kan hij zoals de meesten van ons niet lezen, maar ook daarvan beviel hem het onuitsprekelijke, beeldende schrift. Uiteindelijk zijn die woorden, om zo te zeggen, het enige document van de Schepping. Heel de rest van het summiere verhaal komt van de verbeelding eromheen die doorgaans culmineerde in fleurige en lieftallige voorstellingen van Adam en Eva in het paradijs. Het bekendst in Nederland is, denk ik, een schilderij van Jan Brueghel de Oude, van rond 1615 – eigenlijk gewoon een kleurrijk landschap, een open plek tussen bomen langs een helder beekje, overvol met dartele dieren en zwierige vogels. Het is ook mooi helder voorjaarsweer. De twee menselijke figuren, een beetje terzijde, zijn geschilderd door Rubens die daar speciaal goed in was. Ze staan bevallig en zorgeloos in het zonlicht. Eva plukt de verboden vrucht waarmee het onheil begon.

Maar het werk van Eli Content is veel kariger dan de Brueghel. Hier staat de mens als een rank silhouet in het midden. Ter hoogte van zijn hart staat ADAM geschreven, wat in het Hebreeuws mens betekent – waarin man en vrouw nog samenvallen. Hij of zij, nog geslachtloos, verschijnt als donkere gestalte in het licht van de beeldruimte. Vanwege het bedrukt zijn van die kranten begin ik in die ruimte een gestaag, nauwelijks hoorbaar toonloos gemurmel te horen, als een branding. De menselijke gestalte wordt omgeven, als door een straling, met wat lijkt op olijfgebladerte dat, levengevend, uit zijn vingers lijkt te groeien. Verder zien we zwarte silhouetten van vissen. Wij zijn uit water en slijk gekomen. Daarboven scharrelen de vogels. Die dispositie, van onder naar boven, verloopt regelmatig als een patroon van een geborduurd kleed. Maar linksboven steekt een hand het beeld in, nabij de smalle sikkel van de maan. Een ronde zon zien we verder rechts. Licht en donker waren al eerder gescheiden, al op de eerste dag, door het strakke gebaar van de gebiedende hand – de onzichtbare Schepper zelf. Omdat het onderscheid tussen licht en donker en dag en nacht is aangebracht kunnen we de silhouetten ook zien die daar in de vreemde ruimte hangen als een sonore muziek. Rechtsonder zien we trouwens ook nog de slingerende figuur van de slinkse slang die zich daar verbogen houdt.

Dit is een stil en dromerig beeld. Maar waar je kijkt en de tijd neemt, kun je de geladen spanning zien tussen de wankele figuren. Ze wiegen als vruchten en dwarrelen als bladeren, en in die suggesties van beweging loert een latente onrust. Daarvan komt, denk ik, zijn brede adem.


PS De tentoonstelling van Eli Content is nog tot 15 december te zien bij Galerie Onrust te Amsterdam. Het schilderij van Jan Brueghel, met Rubens, bevindt zich in de verzameling van het Mauritshuis, Den Haag