Wo 17 November 2010 20:00 Rotterdamse Schouwburg

Uitreiking Pierre Bayle Prijs voor Cultuurkritiek en debat

Uitreiking van de Pierre Bayle Prijs voor Cultuurkritiek, postuum aan Michaël Zeeman. Met aansluitend het debat ‘In Kritieke Toestand?’ olv Bas Heijne

De Pierre Bayle Prijs voor Cultuurkritiek 2009 is toegekend aan Michaël Zeeman. Publicist, journalist, tv-maker, dichter en cultuurcriticus; de breedte en diepgang van zijn kunstkritische en essayistische blik hebben het Pierre Bayle bestuur doen besluiten Michaël Zeeman, nog gedurende zijn leven, deze prijs toe te kennen. Zijn vroegtijdige dood maakt dat deze prijs tegelijkertijd een eerbetoon is aan een uniek persoon in de Nederlandse letteren.

Volgens schrijver van het juryrapport Kees Weeda onderscheidde Zeeman zich als “vlijmscherp in zijn oordeel - positief of negatief -, een briljant stilist, begenadigd en soms meedogenloos redenaar en gespreksleider. Een man die de 21e eeuwse synthese was van Busken Huet en Ter Braak, van Michel de Montaigne en Samuel Pepys, een homo universalis van de romantiek die tegelijk het amusementsmedium televisie ogenschijnlijk met het grootste gemak naar zijn hand zette. De betekenis van Michaël Zeeman voor de Nederlandse essayistiek is niet te overschatten.”

De prijs wordt uitgereikt aan Annemie Vanackere.

Aansluitend op de prijsuitreiking vindt een debat plaats over de legitimiteit van de kunstkritiek, georganiseerd door De Unie in Debat en de Raad voor Cultuur. De volgende vragen staan centraal: welke vaardigheden onderscheiden een criticus van een toeschouwer? Hoe staat een criticus temidden van de politieke actualiteit? Wie is zijn toekomstig lezerspubliek?

De discussie wordt geleid door publicist Bas Heijne en zijn gespreksgenoten zijn: Maarten Doorman (dichter en bijzonder hoogleraar Journalistieke Kritiek van Kunst en Cultuur aan de UvA); Carla Valentin (eindredacteur Opium, Kunstuur, AVRO); Xandra Schutte (hoofdredacteur de Groene Amsterdammer); Melle Kromhout (adjunct-hoofdredacteur hard//hoofd, online tijdschrift voor kunst en journalistiek) en Geert Buelens (dichter en hoogleraar Moderne Nederlandse Letterkunde aan de Universiteit Utrecht).

In Kritieke Toestand?

In de recent verschenen bundel Aan mijn voormalig vaderland beschrijft Michaël Zeeman twee ontwikkelingen die voor “een crisis in het kritische idioom” hebben gezorgd: migratie en emancipatie. Onderhevig aan een wederzijdse beïnvloeding hebben zij grote onzekerheid in de omgang met cultuuruitingen gebracht. De postmoderne verbreding van smaak en relativering van kennis werd ontwikkeld in een toenemende multiculturele omgeving. De wederzijdse doordringing van culturen en een exploderende middenklasse hebben geleid tot een alomtegenwoordigheid van mening, opinie, beeld en geluid. Versterkt door nieuwe massamedia heeft dit de vraag naar kwaliteit wellicht lastig, maar in ieder geval wezenlijk gemaakt. Voor Michaël Zeeman was de koers duidelijk: een innige verstandhouding met de klassieken was de basis voor elk cultureel avontuur. “Wie lang genoeg naar Herman van Veen luistert, zoekt vanzelf de stilte wel op.”

De vraag is of internet en de alomtegenwoordigheid van de populaire cultuur het definitieve einde van de romantiek hebben ingeluid - de verwerving van kennis en schoonheid door langdurig te denken en veel te lezen, met in het achterhoofd het besef dat je nooit genoeg kunt weten. Aan het einde van het Pierre Bayle juryrapport vestigt Kees Weeda de aandacht op het recent verschenen De Barbaren van de Italiaanse schrijver Alessandro Baricco. Hierin wordt de opvatting verkondigd dat er geen sprake is van verval van beschaving, maar van een overgang naar een nieuwe cultuur waarin digitale kennisverwerving op eenzelfde waarde wordt geschat als het lezen van Anna Karenina. Is dat nu zo?

Dit publieke debat over de kunstkritiek is een vervolg op een expertmeeting die de Raad voor Cultuur afgelopen zomer organiseerde. Een van de conclusies daaruit was dat niet alleen de kunstkritiek maar ook en met name, de gevestigde instituten, afbrokkelen. De criticus wordt letterlijk en figuurlijk de ruimte ontnomen zich te ontwikkelen. De traditionele media zijn hiervan het belangrijkste voorbeeld. Dagbladen staan onder druk ten gunste van informatie met consumptief gehalte en de publieke omroep lijkt al lange tijd aan banden van de kijkcijferterreur en strakke programmaformats.

Zijn we inderdaad “in kritieke staat?” Als dit het geval is, wat zijn dan de consequenties voor het gezag van de criticus? Over welke competenties dient hij te beschikken? Welke rol speelt zijn publiek, de kritische burger, hierin? Is er een taak voor de overheid? Of heeft Alessandro Baricco gelijk en is er sprake van een overgang naar een nieuwe cultuur en daarmee een nieuwe cultuurbeschouwing? Hoe dan om te gaan met het gebrek aan hiërarchie van nieuwe media, en te zorgen dat kwaliteit boven komt drijven?

Locatie: Rotterdamse Schouwburg, Grote Zaal

Gratis / Reserveren verplicht, via 010 - 433 35 34 of reserveren@deunie.nu

(Persbericht)