Ultieme wanker

HARRY MOUNT
ET CETERA, EN AL DAT ANDERE LATIJN
Vertaald door Floor Kist
Balans, 269 blz., € 17,50

In The King’s English (1997) gebruikt Kingsley Amis de term ‘wankers’ voor pedante lieden die zich verheven achten boven de massa en dit tot uitdrukking brengen in een overdreven correcte manier van spreken. Onder mensen met een gymnasiale achtergrond treft men bijzonder veel wankers aan, waarbij opvalt dat het gewoonlijk degenen zijn die er niet voor doorgeleerd hebben die te pas en te onpas Latijnse uitdrukkingen laten vallen en zich laten voorstaan op hun brede culturele kennis. Wie echt Grieks en Latijn kent, weet dat het weliswaar enige inspanning vereist de regels ervan te doorgronden, maar dat het verder gewoon talen als alle andere zijn, met literaturen die zeker onsterfelijke hoogtepunten hebben voortgebracht, maar ook een heleboel rommel. Alleen een wanker kan beweren dat het Grieks veel wendbaarder, en het Latijn veel exacter is dan moderne talen.
In Et cetera zet Harry Mount, die klassieken studeerde in Oxford, zich af tegen de wankers. In zijn vlot geschreven pamflet, dat in Engeland een bestseller schijnt te zijn geweest, wil hij laten zien dat het de moeite waard is Latijn te leren, en dat het bovendien niet zo moeilijk is als het lijkt. Het boek behelst een samenraapsel van anekdotes over Romeinse keizers en Britse classici, grammaticale paragraafjes, weetjes op het terrein van Romeinse geschiedenis, bouwkunst en religie en vooral tientallen grappen, die niet leuk zijn. Onbedoeld bevestigt Mount alle vooroordelen die je tegen gymnasiale types zou kunnen koesteren. Zijn uitleg van de grammatica is niet alleen uiterst beknopt, maar vooral onhelder en vaak onjuist (wat nog verergerd wordt door de fouten in de vertaling), zodat je er niets mee opschiet als je Latijn wilt leren. Maar je haakt onherroepelijk af wanneer je leest: ‘Niemand weet precies hoe je conjunctivus moet vertalen en, om het nog wat moeilijker te maken, hij wordt in het Latijn op allerlei merkwaardige manieren gebruikt.’ Baarlijke nonsens helaas, en niet grappig.
Mount meent dat de Latijnse literatuur ophoudt na Tacitus (begin tweede eeuw) en dat het Latijn gekenmerkt wordt door een ‘klinische logica’, hij begrijpt het verschil tussen voegwoorden en bijwoorden niet en denkt dat het belangrijk is te beschikken over een flinke voorraad Latijnse uitdrukkingen van het type ‘pecunia non olet’ (geld stinkt niet). Je vraagt je af wat deze wanker in Oxford precies geleerd heeft.