Daley Blind en Denzel Dumfries na een doelpunt, 3 december 2022 ©  David Klein/ Zuma Press/ ANP

Denzel Dumfries werd uitgeroepen tot Man of the Match van USA-Nederland. Terecht. Maar waarom? Bij de vorige wedstrijden kreeg hij het nog flink voor zijn kiezen. Net als de andere ‘wingverdediger’ Daley Blind. Van Gaal hoorde je niet al te hard piepen, hij piept nu eenmaal niet zo hard over zijn spelers, maar in de studio was het geklaag bij de kenners en liefhebbers niet van de lucht. ‘Ze’ waren uit vorm, ‘ze’ presteerden niet, ze brachten geen ‘verticaliteit’ in het spel enz. enz. Allemaal waar, je kon het met eigen ogen zien: Blind en Dumfries bleven steeds achter hangen, ze durfden niks en als ze naar voren opschoven (om het veld kleiner te maken) kregen ze geen schijn van kans tegen de verdedigers. Tegen Amerika lukte het ineens wel. Hoe zit dit? Speelden ze ineens wel goed?

Iets van het antwoord schemerde door in de gesprekken die na afloop van de poulewedstrijden met Dumfries werden gevoerd. Hij wilde niet klagen, dat past niet bij deze voetbalprof, en al helemaal niet bij de bescheiden figuur Dumfries. Maar het scheelde niet veel of hij klaagde wel. Niet over de trainer overigens of over het vertoonde spel van de anderen, maar bijna wel over de kenners in de studio. Zagen ze het dan niet? Waren het dan ‘blinden’ zoals voetballers graag niet-kenners noemen? Hij hield zijn kop er wijselijk over, al zag je hem zuchten toen hij na de wedstrijd tegen Ecuador weer eens moest toegeven dat ‘het’ niet goed liep, dat ‘we’ niet goed speelden. ‘We’ speelden niet goed. Dat was het algemene mantra waar iedereen in de studio en in de krant bijzonder tevreden over was. We speelden niet goed, dat hadden ‘we’ met z’n allen allemaal toch maar mooi gezien: nee, ‘we’ speelden niet goed. De vorm ontbrak. O ja?

De veel brutalere Blind ergerde zich ongetwijfeld groen en geel aan dit algemene ‘slecht spel’-adagium dat in de NOS-studio werd gecelebreerd. Iets ervan drong door in een gesprek dat Jeroen Stekelenburg met hem had. Hij (Jeroen) zei dat hij voor de opname Daley fors had horen klagen over alle kritiek. Maar waar kwam zijn klacht dan op neer? Blijkbaar had Blind zijn hart kort tevoren bij Jeroen gelucht, hij vertrouwde hem en nu werd hij ermee geconfronteerd. Brede lach van Blind. Haha, ja, hij had wel wat genoeg van dat geklaag over het matige spel, kon het niet een keer over iets anders gaan? Maar hij zei niet waar het hem om ging, daar praatte hij overheen. Je kon hem ongeveer horen denken dat je dat zelf ook wel kon zien en snappen. Moest hij dan alles uitleggen? Bovendien hebben we daar de trainer voor, die gaat maar in op al dat geweeklaag, dat hebben we zo afgesproken. Ik weet zeker dat niet alleen Blind maar alle spelers teleurgesteld zijn over de weinig doordachte klaagberichten rondom het vertoonde spel van het Nederlands elftal.

Nu eerst even een verkorte cursus voetbalkunde, dan snappen we het allemaal beter. Voetballers moeten vier problemen zien te overwinnen: 1) de bal (techniek), 2) samenspel (teamwork), 3) de speelruimte (visie) en 4) de te overwinnen tactiek van de tegenstander. Over 1 en 2 hoef je profvoetballers niets meer te vertellen, 3 is altijd een punt van bespreking en over 4 hoor je dus de kenners in de studio en in het land nooit. Maar juist in de voorbesprekingen gaat het daar altijd over. Niet dat ‘ze’ hard moeten werken, of ‘beter’ moeten spelen, maar vooral over de mogelijke tegenstand van de opponent. Hoe gaan ze spelen? Hoe spelen wij? Hoe gaan we ze overrulen? Hoe zullen zij proberen ons in de wielen te rijden? Niet alleen de tactiek van de tegenstander als geheel wordt doorgesproken maar ook iedere speler. Dit team speelt meestal zus of zo, dat zullen ze nu ook doen. Soms schakelen ze naar zo. Dat zullen we wel zien. Deze speler is geneigd om linksaf te slaan, hij is links en rechts, maar het liefste links, deze wil altijd naar het midden, deze heeft moeite met keuzes maken, deze is niet gewend aan het systeem dat ‘ze’ nu spelen, hij sluit weinig ruimte af. Enz. Uitvoerig, tot vervelens toe (in de NOS-studio hoor je Rafael van der Vaart er nog over klagen).

Dezelfde gesprekken vinden uiteraard plaats in de bespreekkamers van de tegenstanders. Nederland speelt dus met ‘wingverdedigers’, zeggen ze daar, dat is bekend, niet altijd, maar onder Van Gaal de laatste tijd wel. Bij balverlies moeten onze middenvelders niet te veel naar binnen en gaan wij het veld zo klein mogelijk maken. Bij balverlies snel inzakken, ja, jullie twee ook. We moeten die twee, hoe heten ze ook alweer, o ja, Dumfries en Blind, ver weg van de achterlijn houden. Denk er goed om, laat je niet weglokken. Over de gesprekken van de tegenstanders hoor je in de studio niks. Niks over de mogelijke tactiek van de vijand, alsof die er niet is, niks over hoe je wingverdedigers uitschakelt. Terwijl dat op iedere trainerscursus een vast onderwerp is. Daar was Blind kwaad over. De tegenstander maakt verdorie ook plannen! Dat kun je toch wel zien?! Blinde!

Dit betekende dat in de eerste drie poulewedstrijden ‘onze’ wingverdedigers weinig kans kregen naar voren te gaan, ze werden in de ruimte vastgezet. Lag dat aan Blind en Dumfries? Nee, het was een gevolg van de gekozen strategie van Van Gaal. Wist Van Gaal dat? Uiteraard had hij rekening gehouden met deze tegenzet, je bent trainer of niet. Het betekende dat op het middenveld meer ruimte zou komen. Maar door het vele balverlies (waar Van Gaal hardop over klaagde) kwam het daar niet van. De Amerikanen speelden te naïef, ze slaagden er niet in de twee wingverdedigers in de ruimte vast te zetten. Berhalter moet voor zijn baan vrezen. De Argentijnen weten wel beter hoe je Nederland aanpakt.

In dit blog doet De Groene komende weken verslag van het WK in Qatar – verslag van mensenrechten, misstanden, het mediacircus en misschien soms voetbal.