Opheffer

«Uw wet heb ik lief»

Medium groene opheffer regels

Laat ik grootmoedig mijn excuses aanbieden aan professor De Groot. Ik noemde hem vorige week in wat inmiddels «de kwestie-Ayaan» is gaan heten een nsb’er. Hoewel ik weet dat je eigenlijk nooit dat soort vergelijkingen moet maken, was hij nu ook ongepast, al was De Groot wel erg snel met een reactie. Maar goed. Toch zat ik fout. Ik heb thuis flink straf gehad. Moest in de hoek staan van mijn dochter, ezelsoren op, later strafregels schrijven en daarna nablijven. Ouders zijn ook ingelicht en waren erg kwaad. Zakgeld is ingehouden en ik moet zeker de eerstkomende weken elke dag afwassen, de hond uitlaten en ik mag niet televisiekijken, ook niet het WK voetbal. Hoewel… als ik mijn best doe, de auto was, boodschappen doe, de hond en de katten ook iedere dag eten geef, met mijn handen boven de dekens slaap, dan mag ik misschien, misschien de wedstrijd Andorra-Monaco zien, als die tenminste aan het toernooi meedoen.

Kortom: het spijt me, mea culpa, dat ik die De Groot een nsb’er heb genoemd? (Goed zo?)

En dan toch maar, wederom, de kwestie Ayaan.

Ja, ze had gelogen, maar dat was in 2002 al bekend bij de leiding van de vvd. Vier jaar geleden. Volgens mij, maar dat moet nog onderzocht worden, was het ook al bekend bij de ind en het zou me niets verbazen als de aivd het ook al geruime tijd wist. Daarnaast heeft Ayaan er ook nooit moeilijk over gedaan.

Na alle commotie – kamerdebat, uitkomst: Ayaan blijft of wordt Nederlander, dus alles voor niets geweest – is het toch aardig om te merken dat het voor iedereen een moeilijk debat was. Opeens moest links en rechts afstand nemen van het credo van Verdonk: «Regels zijn regels.» Daarvoor werd het breekijzer gebruikt dat regels de mens moeten dienen en dat je wetten (regels) kunt interpreteren naar de geest. Maar dat is nu precies wat al die asielzoekers ook doen. Ze interpreteren de wetten niet alleen naar de geest, maar maken ook gebruik van onze rechtsstaat en procederen tot het einde toe – wat jaren kan duren – terwijl ze ondertussen kinderen krijgen die hier geboren worden. Dat zou mij ook overkomen, denk ik. De vraag is niet zozeer: zijn regels regels waaraan je je te houden hebt, als wel: wanneer is een regel precies een regel, en waardoor worden regels beïnvloed? Zo wil ik van Verdonk wel eens weten wanneer zij haar discretionaire invloed uitoefent. Daar is niets anders over bekend dan dat zij die uitoefent. Maar nogmaals: aan welk criterium of aan welke criteria moet een asielzoeker dan voldoen?

Een uitdrukking die ik wel gehoord heb, is: «We hebben ons te houden aan het regels van het spel.» In deze metafoor zit iets onsmakelijks, namelijk het feit dat het een spel zou zijn. Dat is het niet. Voetbal is een spel, schaken is een spel, en daar zijn regels regels. Een voetballer kan niet opeens de bal in zijn handen nemen en naar het andere doel rennen. Hij krijgt dan rood, wordt buiten het spel gezet, maar mag door blijven gaan met zijn eigen leven. Hij kan naar huis, naar vrouw en kinderen, hij mag stemmen… De wet bestaat uit regels, maar zijn geen spelregels.

Onze wetten kleven aan de fundamentele rechten van de mens en zijn daardoor tamelijk onwrikbaar, hoewel er inderdaad «enige ruimte is». Je kunt – en daarom is de vergelijking met een spel zo gevaarlijk – niet te veel «spelen» met de regels van de wet; want wanneer een wet een paradoxaal karakter krijgt, is hij waardeloos geworden. Daarom is het zo goed dat er een discretionaire bevoegdheid is – daarover hoeft de minister geen verantwoording af te leggen.

Waarom maakt ze daar niet veel meer gebruik van? En waarom – nog groter raadsel – vindt Nederland Rita’s handelwijze juist? Mijn goede vader, rechter in Indië geweest, placht altijd te citeren uit Psalm 119 als de wet ter sprake kwam die gaat over «de heerlijkheid der wet». Psalm 119 stelt dat je je aan de wet moet houden – Gods wet in dit geval – want dat zal je zegen brengen. Er staat: «Ik haat weifelaars, maar uw wet heb ik lief.» (En ook: «Ik haat en verafschuw leugen, maar uw wet heb ik lief.»)

Ik denk dat in dit denken de oplossing schuilt waarom Nederland – en een groot deel van de vvd – achter Rita staat. Wij zijn opgevoed met de bijbel, die het Woord gelijkstelt aan Wet. De wet die «een lamp is voor de voet, een licht op het pad».

Een regel geeft zekerheid. Een regel is een conclusie na een tijd denken met als oogmerk dat je daarover niet meer hoeft te denken.

Ik zit me nog wel eens af te vragen waar Theo van Gogh zou staan: zou hij achter Ayaan zijn gaan staan of achter Rita? Ik denk achter Rita. (Tenslotte kwam Theo uit een domineesgezin en had hij daar zelf ook iets van.) Bijna alle «tegendraadsheid» van Theo zou je kunnen verklaren door het feit dat hij eigenlijk vond dat hoogwaardigheidsbekleders zich strikt aan de regels dienden te houden. Hij ontmaskerde hun hypocrisie door constant aan te tonen dat ze niet aan hun eigen regels voldeden.

En hijzelf dan? Hij was toch onfatsoenlijk? Ja, hij overtrad ongeschreven fatsoensnormen, maar hij overtrad nooit de geschreven regels. Zoals hij zelf zei: «Ik maak gebruik van de vrijheid van meningsuiting.» Theo is ook nooit veroordeeld, behalve dan door Mohammed B., die meende dat Theo de wet van de koran had overtreden en derhalve dood moest. («Regels zijn regels.»)

Alle partijen waren woedend op Rita – en laten we eerlijk zijn, die woede stond niet in verhouding tot het eigen gedrag van de partijen. Natuurlijk, ik kies ook voor Ayaan. Met mijn hele hart. Verdonk had dit anders moeten oplossen. Maar dat men nu valt over haar «regels zijn regels» kan wel eens een boemerang zijn die we terugkrijgen. Ik eis van mijn gedeputeerden dat ze zich sterk aan de wet houden, dat de wet de wet is. Geïnterpreteerd naar de menselijke maat (wat een cliché dreigt te worden, want wat is die menselijke maat dan?), maar de wet mag niet overtreden worden. Regels zijn regels tot er een andere regel komt.