Vals spelen

In het Nederlands betekent het Franse woord ‘tricher’ vals spelen, knoeien, oneerlijk handelen, bedriegen, frauderen en zelfs sjoemelen. Hadden al die dagbladcommentatoren maar hun Franse woordenboek geraadpleegd alvorens de eerste letter vuil te maken aan de Gallisch-Bataafse broedermoord rond de kandidatuur voor de Europese Centrale Bank, dan was hun een formidabele misrekening bespaard gebleven. Want hoewel de naam van Jean-Claude met een t in plaats van met een r wordt geschreven, maakt het in fonetisch opzicht niets uit. Trichet spreek je net als tricher uit. De Franse kandidaat en rivaal van Wim Duisenberg voor de ECB dient dus in het Nederlandse oor als Jean-Claude Vals Spelen te klinken. En dan is er geen misverstand meer mogelijk: met het naar voren schuiven van Jean-Claude Vals Spelen voor het presidentschap van de ECB heeft Frankrijk maar één doel voor ogen: Nederland en zijn monetaire mof Wim een gevoelige draai om de oren verkopen.

Het gekke is dat de Nederlandse pers juist deze benoemingskwestie heeft aangegrepen om haar opzienbarende en sympathieke culturele revolutie door te drukken. Het traditionele chauvinisme en het elan van wij-gevoelisme waardoor journalistiek Nederland meestal bevangen wordt wanneer er weer sprake is van een Nederlandse kandidatuur voor een belangrijke internationale post, heeft nu plaatsgemaakt voor een aan zelfhaat grenzend leedvermaak. Met een duizelingwekkende eensgezindheid heeft men bij de krantenredacties nog geen 24 uur nodig gehad om de anti-Franse hetze van Paars als ‘lachwekkend’ of 'misplaatst’ af te doen. Stomverbaasd en met lede ogen hebben Van Mierlo, Zalm en Kok al die stukjes moeten lezen waarin ze streng werden gekapitteld. De Franse kandidaatstelling heet in de krantekolommen legitiem en doodnormaal, Trichet is een kundig man en Frankrijk een voortreffelijk vakantieland.
Maar er wordt, naar mijn weten voor het eerst, een nóg belangrijker signaal door journalisten naar politici gezonden: wij laten ons niet meer voor jullie prestigekarretje spannen! In de Volkskrant wordt geschamperd over 'diplomatie die voortspruit uit irritatie en een misplaatst Oranjegevoel’. Een formulering die een dag later door NRC Handelsblad letterlijk werd overgenomen: 'Al gauw sluipt er een misplaatst Oranjegevoel binnen waarin “onze man” kennelijk de cup moet winnen.’
Het is nog niet zo lang geleden dat de rollen waren omgedraaid. Eind jaren tachtig was de verhouding tussen politiek en pers duidelijker. Toen kon nog iemand als de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Hans van den Broek in een opiniërende bijdrage (het ging om Ruding tegen de Fransman Attali in de race om het voorzitterschap van de bank voor Oost-Europa) journalisten met een Nederlands paspoort op hun plichten wijzen: 'Willen de media nu ook eens warmlopen voor een goede zaak en niet direct bij het horen van het eerste schot uit Parijs het hazepad kiezen?’ De verstrengeling van pers en politiek was zo aanvaard dat Van den Broek zich kon permitteren zijn preek af te sluiten met de schandelijke woorden: 'Als Ruding het haalt, nodig ik u uit voor een persborrel waarbij wij gezamenlijk de strategie voor een volgende kandidatuur kunnen doornemen.’
De boodschap kwam jarenlang goed door. Toen de Belg Willy Claes verdacht werd van corruptie en het veld bij de Navo moest ruimen, werd Lubbers, in die situatie de slechtste keus die men zich kon indenken, door blinde scribenten bejubeld. Ik heb hun pareltjes in mijn verzameling dwaasheden opgenomen: 'volwassen kandidaat’, 'goed voor het imago van Nederland’, 'ervaren en pragmatisch staatsman’, 'voor het prestige van Nederland in de internationale gemeenschap natuurlijk van groot belang’. De hele wereld lag te kronkelen van het lachen, terwijl Koeweiti’s, bang voor een Navo-aanval in Lubbers-stijl, hun spaartegoeden massaal naar Zwitserland overboekten.
Maar die tijden lijken nu voorbij. De pers heeft haar lesje geleerd, wenst onafhankelijk van Den Haag te opereren en ziet niet meer in iedere kandidaat die het tegen een polderjongen moet opnemen een pernicieus staaltje Nederlandofobie. Op zich een nobele houding, die echter in de huidige Frans-Nederlandse twist totaal misplaatst en nogal naïef overkomt. Alle geluiden die mij vanuit Parijs en Brussel bereiken duiden erop dat Trichet als kanonnenvoer vooruit wordt geschoven om te voorkomen dat een 'Pruisische Nederlander’ in Frankfurt gaat zitten. 'De kandidatuur van Trichet is er louter en alleen om die van Duisenberg te verhinderen zodat een derde man, in geen geval een Nederlander, aan het hoofd van die bank kan worden geïnstalleerd’, hoor ik fluisteren. Naar Jean-Claude Vals Spelen kraait in Frankrijk geen halve haan, en zeker niet Chirac, die alleen maar hoopt dat zijn kamikaze-kandidaat zelf zwaar beschadigd uit de strijd zal komen.
Dus, jongens en meisjes van de commentaarafdelingen, even doorbijten: doe die oranjelompen alsjeblieft weer aan!