This Is Not a Burial, It’s a Resurrection, regie Lemohang Jeremiah Mosese © MOOOV Film Distribution

De cameraman, de Zuid-Afrikaan Pierre de Villiers, gebruikte een digitale Sony Venice met een dubbele iso (500 en 2500) en een kleurdiepte van 16-bit, en als lenzen de Cooke Panchro S32 en Cooke Varatol 25-100 mm Mark III. In de handen van De Villiers en zijn regisseur, de in Lesotho geboren Lemohang Jeremiah Mosese, zorgt al dat technische voor magie: de beelden in het klassieke, vierkante filmformaat in het schitterende This Is Not a Burial, It’s a Resurrection.

In de internationale pers is de film, die drie jaar geleden werd gemaakt maar nu pas in de bioscoop komt, al ‘het eerste meesterwerk van 2021’ genoemd. Hier ga ik graag in mee, alleen al vanwege de fotografie. Die roept het werk van legenden van het vak op: de Engelsman Jack Cardiff die Black Narcissus (1947) van Powell & Pressburger fotografeerde en de Deense cineast Carl Theodor Dreyer die zijn unieke visuele stijl vervolmaakte in Ordet (1955). Beide films echoën in Resurrection – in de schaduwrijke belichting, in de diepe kleuren en bovenal in het gebruik van hoogte in plaats van breedte om de aanwezigheid van mysterie en spiritualiteit te verbeelden en vervolgens in het uitwerken van het thema mythe versus moderniteit.

De ‘verticale’ achtergrond – hemeldak en bergen – torent in Resurrection consequent boven de personages uit, zodat het beeld het verhaal vertelt. De stokoude Mantoa (Mary Twala Mhlongo) belichaamt het land en het dorp in Lesotho waar ze haar leven lang woont. Het is alsof het landschap haar voortbrengt. Ze verschijnt klein onder in beeld met achter haar hoge bergtoppen, groene heuvels of de blauwe lucht bespikkeld met wolken. Ze is ‘van de aarde’.

Maar dan wordt haar bestaan bedreigd door projectontwikkelaars die het dorp willen wegvagen om er een dam te bouwen. Plaatselijke politici en kerkleiders proberen de dorpelingen ervan te overtuigen zo snel mogelijk uit vrije wil naar de stad te verhuizen. Eerst lijken ze toe te geven. Maar dan komt Mantoa in actie. De mensen weigeren te vertrekken. Ze beseffen wat het land betekent. Ze zingen en dansen. Mantoa kijkt toe, en in een prachtig moment zien we hoe ze het zingen ‘dirigeert’ – door haar pink ritmisch te bewegen. De mannen in pakken zeggen dat Mantoa een tovenares is.

Magie is er zeker in het spel. De beginscène vergeet je niet snel: een halfdonkere kroeg, licht van een trieste discobal vermengd met gouden zonnestralen die door een raam naar binnen vallen, glitters die over vermoeide lichamen heen glijden, en de griot die op de maat van z’n fluitspel het verhaal over Mantoa begint, de angst tijdens de vertelling zichtbaar in zijn ogen.

Resurrection, gemaakt in dat straatarme Afrikaanse landje, is gróóts. Haast onwerkelijk is het om te zien hoe de makers met minimale middelen een essentieel verhaal vertellen over herinnering, wanhoop, displacement en grootkapitaal als vernietiger van authenticiteit en eerlijkheid. En over die oude vrouw als enige, krachtige stem.

Te zien vanaf 29 juli