Van de straat

Waarom is de wereld toch zo grappig en mooi? Een bevriende kennis toonde me een envelop die hij op de mat had gevonden, gewoon tussen het glanzend reclamedrukwerk en de rekeningen. Er ging een wereld open waar een normaal mens geen weet van heeft.

Het is zo dat die bevriende kennis een lampenwinkel heeft, op een hoek in de stad, een mooie grote winkel met de modernste lichtapparatuur. De kleine bruine envelop tussen het reclamedrukwerk droeg geen postzegel, maar wel het poststempel Nigeria. Het adres was met de hand geschreven en hoewel de bevriende kennis een mooie Latijnse achternaam heeft die verwijst naar de snelheid van honden, was de brief gericht aan Mr. M. Direktor Lampen. Hoe hoffelijk zou de wereld niet in elkaar steken als wij onze aankopen deden bij de directeur van de broden, de directeur van de groenten en de directeur van de overhemden. En dat was nog niet alles. Niet alleen was mijn kennis directeur van de lampen, hij was ook nog eens Mr. M. Direktor. Men had daar in Nigeria het zekere voor het onzekere genomen en de geadresseerde benaderd met Meneer Meester Direkteur. Hoger kun je het niet schoppen in het leven. De inhoud van de brief was strictly confidential en handelde over een miljoenenproject waaraan hij zou kunnen meewerken als hij op de opengespaarde ruimte zijn banknummer en zijn rekeningnummer wilde noteren. Verder hoefde hij niets te doen. ’t Was een kleine moeite. Wij vroegen ons af wat de afzenders in hemelsnaam konden uitrichten met slechts een bankrekeningnummer, maar troostten ons met de gedachte dat zoiets in het verre Nigeria voldoende moest zijn om vele sommen geld dat niet van jou is op te nemen. Belangrijker was de vraag waarom de afzenders het nu eigenlijk speciaal op mijn bevriende kennis hadden gemunt. Ik begreep daar veel van. Stel je komt uit een land uit het binnenste van Afrika bij toeval terecht in een land als Nederland waar de straten zijn geveegd, de auto’s glimmen van de nieuwe lak, het gras sappig groen is en de huizen stuk voor stuk kleine paleizen zijn. In dit land zijn alle mensen rijk, stel je terecht vast. Dan gaat het er vervolgens om een selectie te maken van de allerrijksten onder die rijken. Aan veel mensen kun je niet direct zien hóe rijk ze zijn. Bovendien hebben alle rijken hun geld verstopt. Ze dragen het niet gewoon in bundeltjes bij zich, ze hebben het achter nummers verscholen die alleen in hun hoofd zitten. Met die nummers trekken ze kleine beetjes uit de muur. Het komt er dus op aan die nummers te weten te komen. Je loopt door de stad en je ziet een etalage waar alle rijkdom van de wereld vanaf spat: het licht van honderden lampen, de blinkende armaturen, goud en zilver, ach, wat een stralende heerlijkheid, het lijkt de hemel wel. Die moeten we hebben, denk je, dat is onze man. En aldus schrijf je een brief aan de directeur van de lampen, Mr. M. Direktor Lampen, strictly confidential.