Van de straat

Een van die help-we-hebben-geen-onderwerpen-meer-het-koningshuis-is-op onderwerpen op het nieuws is bijvoorbeeld het bericht dat er in het verkeer de meeste dodelijke ongelukken voorvallen in Drenthe en dat de gevaarlijkste wegen die van Zuid-Holland zijn.

Dat verbaast me nou niks.
In het westelijke glasland van de tuinders zijn er weggetjes waar een oud vrouwtje, een kind of een bal makkelijk in het water kukelen, en dus ook auto’s. Op de overige wegen is het altijd druk, want de ene helft van Nederland rijdt ’s morgens door Zuid-Holland van Noord naar Zuid en de andere helft gaat vice versa. Ons hoogste streven is zowel een ambtenarendemocratie als een transitoland te zijn.
In Drenthe, ja, daar is het mooi om te wandelen. De infrastructuur van wegen is er perfect, maar behalve wandelen is er weinig te doen en daarom gaat de holle jeugd naar de disco in het weiland en willen de vertegenwoordigers zo snel mogelijk van het avontuurlijke bed in het eigen bed stappen. Er zijn daar de beruchte 80-kilometerwegen, maar als ’t even wil rijden we plankgas. Liefst met wat echte Grunningse graanjenever in de kop.
In Drenthe wordt dat soort rijgedrag openlijk aangemoedigd. Althans, dat maak ik op uit een roterend billboard in Enschede met de tekst: ‘Er staat een camera bij de stoplichten op de N381 bij Donkerbroek.’ Het is een reclame van een autofabrikant, bedacht door de bevriende wethouder die er veel eer mee behaalde bij de jongensclub van de Bahama’s. 'Da’s gaaf, man, een beetje gewaagd, kan die auto goed gebruiken in de verkoopcijfers.’
Voor de goede orde: iedereen heeft nu in Enschede, heel Overijssel en hopelijk ook de mensen thuis in Drenthe, door dat je best door een rood stoplicht mag rijden, alleen niet bij Donkerbroek, je weet wel daar bij het Compagnonskanaal? Goed mensen, ik zou zeggen veel plezier en wel thuis.
Iedereen leert bij zijn rijexamen dat verkeerstekens uit gebodsregels en verbodregels bestaan. Dat onderscheid moet je minimaal kunnen begrijpen wil je achter het stuur plaatsnemen. Rood licht is verbod.
Natuurlijk is Amsterdam de eerste die boter op zijn hoofd heeft als het gaat om stoplichten voor fietsers en voetgangers. Die zijn per definitie kleurenblind of te dom voor een rijexamen. Ze trekken er een gezicht bij of ze er recht op hebben omdat ze geen auto rijden. Auto’s in Amsterdam zijn verbazingwekkend gedisciplineerd.
Maar in het oosten van het land wordt er open en bloot rondgeschreeuwd waar je kans hebt betrapt te worden. Daar kun je dus beter even voor rood wachten. Anders heb je meteen een bon aan je broek. Dat kost je gauw een avondje stappen. Dus wat doen we, mannen? We taaien om zo'n uurtje of vier af van de disco achter de slagerij in Wijnjewoude, we stoppen nog even bij de stoplichten bij Donkersbroek en rijden dan linea recta met zo'n kilometertje of honderddertig naar Hoogeveen, Almelo, Enschede. Zijn we voor het ochtendkrieken thuis. Toffe jongens, die van de Bahama’s, weten wat we nodig hebben, laten ons niet in de beerput zakken: plankgas!