Van der Bellen is ook de president van rechtse Oostenrijkers

Wenen –‘Feard isch wia nacht.’ Wellicht raakten de vertalers van het Europees Parlement in lichte paniek toen de nieuwe Oostenrijkse president Alexander Van der Bellen vorige maand een authentieke uitdrukking uit het Kaunertal (Tirol) gebruikte in zijn toespraak voor de afgevaardigden in Straatsburg. Gelukkig leverde het staatshoofd de betekenis er direct bij: ‘Vorig jaar is als gisteren.’

Van der Bellen, die lange tijd partijleider was van de Groenen maar als onafhankelijke kandidaat deelnam aan de presidentsverkiezingen, besteedde in zijn toespraak uitgebreid aandacht aan de geschiedenis. ‘Ouderen onder ons worden door nationalistische leuzen en buitenlanderhaat herinnerd aan de jaren dertig van de vorige eeuw.’ Met de woorden in zijn eigen Heimatssprache wilde Van der Bellen illustreren dat het mogelijk is liefde voor de eigen natie te combineren met een overtuigd pro-Europese politieke koers. ‘Het is ook nu nog mogelijk verkiezingen te winnen met een Europees programma’ – een uitspraak die in Straatsburg met applaus werd ontvangen.

Van der Bellen begon zijn verhaal met een verwijzing naar zijn eigen achtergrond. ‘Mijn moeder was Estse, ze sprak Ests, Russisch en Duits. Mijn vader was cultureel gezien van Russische adel, maar etnisch een West-Europeaan, met Nederlandse voorouders. Als gevolg van oorlogen en politieke omwentelingen kwamen we uiteindelijk in Tirol terecht, waar ik nog woon. Zo eenvoudig kunnen we laten zien dat Europa al lang een continent vol dynamiek is. Een continent waarop zich wegen kruisen en de samenstelling van bevolkingen steeds weer verandert.’

Van der Bellens optreden viel niet bij alle europarlementariërs in de smaak. Sterker, Marine Le Pen en Nigel Farage namen niet de moeite bij de toespraak aanwezig te zijn. Daar toonde hun geestverwant Norbert Hofer, de fpö-politicus die uiteindelijk de presidentsverkiezingen verloor, meer respect. Als Dritte Nationalratspresident (de in rang tweede plaatsvervanger van de voorzitter van het Oostenrijkse parlement) had hij kort voor Van der Bellens reis naar Brussel een officieel kennismakingsgesprek, hoewel ze elkaar beslist niet onbekend waren. ‘We hadden veel te bespreken’, meende Hofer. Van der Bellen sprak over ‘een bijzondere band die hij en Hofer in de loop van vorig jaar hadden opgebouwd’. De ontmoeting duurde dan ook langer dan gepland. Hofer constateerde opgelucht dat van een gespleten land geen sprake was, ondanks de lange strijd om het presidentschap. ‘Ik heb groot respect voor de president.’