Van eurosprookje tot eurohorror

Amsterdam in juni, zonnig en fris. Op alle pleinen en zelfs in de Herengracht wordt dagenlang muziek gemaakt. In de Amstel liggen fraaie schepen waarop journalisten mogen eten. Geen enkele televisiecommentator uit de hele wereld doet z'n zegje zonder de Magere Brug over z'n schouder mee te laten kijken. Er is op het Frederiksplein, vlak onder mijn kamer op De Groene, een schitterend wit tentenkamp verrezen, alsof het om een gigantisch simultaanhuwelijk van de maagd Europa met allemaal deftige heren gaat in een of ander oosters sprookje. Het leerzame en toch amusante verhaal van de eenvoudige Kok die sultan werd, zijn wijze grootvizier Van Mierlo die bedachtzaam nietszeggendheden spuit, en z'n hofnar Patijn die niet meer weet of het ochtend, middag of avond is doordat hij zo hard bezig is onze eigen, Nederlandse, Amsterdamse Eurotop tot een succes te maken.

Het gaat om het prestige van Amsterdam als een stad waar alles kan maar waar toch ook streng opgetreden kan worden als dat moet, of het nu legaal is of niet. Om het prestige van Nederland, dat het in z'n hoogmoed tijdens z'n vorige voorzitterschap van de Europese Raad zo vreselijk heeft laten afweten dat de oorlog in Bosnië niet meer tegen te houden was. Om het paarse model en onze eigen vorm van neo-neocorporatisme dat een lichtend voorbeeld moet zijn voor alle staten in de wereld. Het gaat om slimmigheidjes waarmee eenieder naar huis kan gaan om de conferentie in eigen land een succes te noemen.
Willen de Fransen dat er iets aan de werkgelegenheid wordt gedaan? Komen er tienduizenden demonstranten uit heel Europa om die eis te onderstrepen? Ze worden afgescheept met twee piepkleine musjes. De Europese Investerings Bank wordt gevraagd wat extra te investeren in hightech-bedrijfjes. Kost geen geld en ze moeten dat toch al. En er komt een heuse top over de werkgelegenheid in Luxemburg (dat zelf niets in dat hele plan ziet) om te vergelijken wat alle landen op het gebied van de werkloosheid doen, met andere woorden: om nog eens vast te stellen dat de Europese Unie op dat gebied helemaal niets kan doen.
En dat alles onder het uitstoten van vroom geprevel: dat Europa meer naar de burgers moet worden gebracht, want die zouden anders door kunnen krijgen dat Europa er niet voor hen is en dat ze er niets en zelfs steeds minder over te vertellen hebben.
De europarlementsleden liepen een beetje bleekjes rond. De voorzitter van het Europese Parlement mocht alleen bij de opening van de conferentie aanwezig zijn en moest verder z'n mond houden. Volgens hem en anderen betekenen de nieuwe verdragsteksten alleen maar een verslechtering van de democratische controle in Europa. Staatssecretaris Patijn verzekert ons tegen het einde van de conferentie nog dat voor hem de verbetering van de democratische controle een van de belangrijkste elementen in het Verdrag van Amsterdam is, maar hij weigert uit te leggen waar die verbetering uit zou moeten blijken. Zijn broer, de burgemeester van Amsterdam, staat te glimmen bij de Herengracht-concerten en laat intussen Nordholt op dubieuze gronden hele groepen demonstranten oppakken.
Amsterdam is mooi in juni, we mogen niet klagen over hekken die de stad aan het Berlijn van voor de Wende doen denken. We moeten blij zijn omdat Europa nu eindelijk één wordt, met één munt (hoe lelijk en obligaat die nieuwe euro er ook uitziet), één Europese Centrale Bank en één restrictief monetair beleid. We moeten niet kinderachtig doen over Nederlandse verworvenheden als een tolerant en humaan drugsbeleid, vrije abortus en euthanasie, het is ouderwets en nationalistisch dat alles te willen beschermen. Nederland is blijmoedig bereid voor te gaan en de unanimiteitsregel en dus z'n vetorecht op te geven. De europarlementsleden hebben tevergeefs gewaarschuwd dat het een dictatuur vanuit Brussel betekent als het Europese parlement de Brusselse bureaucratie niet kan controleren.
Kunnen we door alle rookgordijnen nog zien waar het werkelijk om gaat? Leiden de muziekfeesten, de tentenkampen en zelfs de demonstraties niet af van wat er boven in het gebouw van De Nederlandsche Bank werkelijk wordt afgesproken? Zullen we later niet aan die mooie junidagen, toen alles zo vlekkeloos verliep, terugdenken en beseffen dat daar weer een stapje op weg naar de eurodictatuur werd genomen? Dat er bevoegdheden aan het Nederlandse parlement werden ontnomen waarvoor we als Europese burger geen enkele zeggenschap terugkrijgen?
De burgers van Europa spelen hier geen rol. De Denen, die oorspronkelijk bij referendum nee zeiden tegen Europa, worden afgescheept met een regeling die zo ingewikkeld en subtiel is dat niemand die meer begrijpt. De Fransen, die tenminste een werkelijk debat over Europa hebben gehouden en die bij de recente verkiezingen ook de Europese plannen van Chirac en Juppé hebben afgewezen, worden met volstrekt lege beloften afgescheept. De nieuwe Engelse prime minister, Tony Blair, moet subtiel balanceren tussen de Europese gezindheid van Labour en het isolement waaraan elke Engelse regering vasthoudt als het er werkelijk op aankomt.
In Nederland heeft een werkelijke discussie over Europa nog nimmer plaatsgevonden. We voelen ons daarvoor te internationalistisch, het interesseert ons niet genoeg of we denken dat onze regering wel weet wat ze doet als ze ons Europa binnen duwt. We staan sowieso achter ons Nederlandse voorzitterschap, wat ze ook doen of nalaten, en we zijn allemaal opgelucht dat De Nederlandsche Bank niet - bijvoorbeeld vanuit de redactie van De Groene - met een vlammenwerper stukgeschoten is, er geen staatshoofden van hun cadeau gekregen fietsen zijn gevallen en er geen schepen met journalisten op de Amstel zijn gezonken.
Om mijn hals hangt een enorme gele perskaart die me toegang verschaft tot het Europese sprookje. Er staat wel een grote, zwarte J op. Iemand vond dat niet zo fijnzinnig in een stad waaruit ooit bijna honderdduizend joden zijn weggevoerd. En ik heb het bittere gevoel dat we ons weer eens vrijwillig hebben aangemeld voor iets waar we nog eens grote spijt van kunnen krijgen.