Van het veld geslagen in Bloemfontein

Kaapstad – Ineens leek een rugbyveld in Bloemfontein vorige week het toneel van een nooit rustende Zuid-Afrikaanse nachtmerrie: rassenoorlog.

Er werd daar in de provincie Free State een wedstrijd gespeeld tussen twee universiteitsteams. Op de tribune zat een gezelschap notabelen, onder wie Jonathan Jansen, de rector van University of the Free State, die voor gastheer speelde. De donkerbruine Jansen staat bekend als de man die zich kapot heeft gewerkt om de rassenverhoudingen op zijn universiteit te verbeteren.

Na zeventien minuten spelen rende er onverwacht een groep zwarte studenten het veld op, om te protesteren tegen de belabberde werkomstandigheden van het ongeschoolde universiteitspersoneel, dat de demonstranten graag als ‘onze vaders en moeders’ aanduiden. Ze zongen en dansten, totdat voor het jonge blanke publiek, veelal studenten, de maat vol was. Rugby wilden ze! Op video-opnamen kun je het allemaal terugzien. De blanke jongens in hun rode shirts barstten van de adrenaline. Net als een bokser in de ring voor de aanvang van een wedstrijd stonden ze opgewonden te springen om hun tegenstanders een lesje te leren. Je hoort een zwarte student nog roepen: ‘Comrades, we are not going to fight.’ Te laat. Hij en zijn kameraden werden letterlijk van het veld geslagen. ’s Avonds en de volgende dagen duurden de spanningen voort. De universiteit sloot de poorten. Ook op de Universiteit van Pretoria gingen blanke en zwarte studenten met elkaar op de vuist. Daar werd de boel eveneens stilgelegd. Een verbijsterde rector Jansen zei later dat hij nooit in zijn leven ‘zo is geschrokken’.

De voorbode van een rassenoorlog? Absoluut niet, meent het onafhankelijke Zuid-Afrikaanse Institute of Race Relations, dat afgelopen weekend een samenvatting van het rapport Reasons for Hope publiceerde, gebaseerd op interviews met 2245 respondenten. De hoofdconclusie luidt: Zuid-Afrikanen, blank, zwart, gekleurd en Indiaas, laten zich niet gek maken door groepjes heethoofden die aansturen op raciale confrontaties. Slechts 4,7 procent van de ondervraagden ziet racisme als het belangrijkste niet-opgeloste probleem. 78,5 procent zegt in het dagelijks leven geen racisme tegen te komen.

Maar er valt nog een percentage op. Van de blanke respondenten meent maar liefst 40,6 procent dat de rassenverhoudingen sinds 1994 zijn verslechterd. Blank maakt slechts acht procent van de totale Zuid-Afrikaanse bevolking uit. Dan denk je terug aan die jongens in Bloemfontein, die letterlijk stonden te trappelen om te vechten. En er schiet je slechts één woord te binnen: overmoed.