Van mierlo moet zijn lachen onderdrukken

Hans van Mierlo vond de ophef over zijn Surinamebeleid in de periode 1981-‘82 zwaar overdreven, zei hij op Radio 1: 'Ik heb moeite mijn lachen te onderdrukken.’ Op het eerste gezicht waren de beschuldigingen inderdaad belachelijk. Volgens een uitgelekt rapport zou Van Mierlo destijds als minister van Defensie het plan hebben gelanceerd om Suriname militair te blijven ondersteunen en Bouterses inlichtingendienst door Nederlanders te laten opleiden, teneinde de Cubaanse invloed uit Suriname te weren. Dat het plan niet doorging, vermeldden de ‘bronnen’ niet. Wel suggereerden zij dat Van Mierlo hoogstpersoonlijk de ‘moordmachine’ van Bouterse had opgeleid.

Nu valt er veel op Van Mierlo aan te merken, maar hij is niet de kwade genius achter de decembermoorden van 1982, waarbij onder meer de medeoprichter van D66 Frank Wijngaarde omkwam, of achter de drugshandel door de Surinaamse militairen. Rest de vraag waar de beschuldiging vandaan kwam. De georkestreerde ‘onthulling’, de anonieme bronnen en de haastige artikelen waarin geen wederhoor werd toegepast: alles wijst op de gebruikelijke kippedrift in vaderlandse inlichtingenkringen. De buitenwacht mag raden welke dienst er achter zit: de BVD, een van de militaire inlichtingendiensten of de Inlichtingendienst Buitenland (IDB), die twee jaar geleden is opgeheven maar gewoon voortbestaat onder de naam 'Dienst Meulmeester’? Geheime diensten hebben het nadeel dat ze in het geheim werken. Regeringen weten dus nooit voor wie hun dienst werkt en de diensten weten vaak niet voor wie hun informanten werken. In ons land is sinds de oprichting van het Gladio-netwerk niet meer duidelijk wie nu eigenlijk voor wie werkt. Inzake Suriname hebben onze spy masters elkaar zo hardnekkig tegengewerkt dat er sprake is van een pro- en een anti-Bouterse kamp. De 'onthulling’ van vorige week draagt het stempel van de 'oude’ IDB, die sinds de coup van 1980 op Bouterse joeg en handig gebruik maakte van de pers. Reden voor deze poging om Van Mierlo te beschadigen is wellicht dat Buitenlandse Zaken het strafrechtelijk onderzoek tegen Bouterse traineert, volgens recente uitlatingen van functionarissen van politie en justitie.
Wat dat betreft is er wel reden tot kritiek op de minister. De vervolging van Bouterse zouden een zegen voor Suriname zijn, maar BuZa weigert alle medewerking. Verscheidene Surinaamse vluchtelingen die de afgelopen jaren door justitie en de BVD zijn gehoord omdat ze ooggetuigen waren geweest van Bouterses misdaden, zijn teruggestuurd naar Suriname omdat Van Mierlo het land een rechtsstaat noemt. Zij verschuilen zich in de jungle uit angst voor de nog altijd machtige Bouterse. Stel dat een van hen wordt vermoord. Gaat de minister zijn Surinaamse collega dan vragen om het zoveelste justitiele onderzoek, in de wetenschap dat er niets van terechtkomt?
Hoe cynisch Van Mierlo door zijn dertigjarige politieke ervaring ook mag zijn geworden, bij de gedachte dat de moordenaar van Wijngaarde mede door zijn toedoen vrij rondloopt, moet hem het lachen toch vergaan.