Van mierlo weet niets van iraanse ongelukken

Met de ontdekking van een Iraans graf vorige week werd de noodlottige uitwerking die het Nederlandse asielbeleid kan hebben pijnlijk duidelijk. Buitenlandse Zaken heeft bevestigd dat het graf de resten bevat van Réza Hasjemi, die anderhalf jaar geleden naar Teheran werd uitgezet. Mensenrechtenorganisatie Prime, die toen tegen de uitzetting protesteerde, heeft Buitenlandse Zaken het afgelopen jaar meermalen op de exacte locatie van het graf attent gemaakt. Prime gaat momenteel de gangen na van tien andere ongewenste Iraniërs die geliquideerd zouden zijn of nog gemarteld worden.

Het geweten van minister Van Mierlo moet na vrijdag flink in de war zijn. In het programma Buitenhof liet hij zich nog geen maand geleden uit over de alarmerende berichten van Prime: ‘Het klopt niet. Er is niks aan de hand. Er zijn geen slachtoffers.’
Van Mierlo is er veel aan gelegen om te ontkennen dat Hasjemi onder de beulshanden van Khatemi’s regime is gestorven. Ook dat roepen Prime en organisaties als Amnesty al bijna een jaar. Van Mierlo kan zich in ieder geval nog bedienen van de Nederlandse ambassade in Teheran, die eerder niets wist van enige misstand. Het personeel van de ambassade moest door Prime naar het graf gesleurd worden. Van Mierlo moet er op bedacht zijn dat het 'grondige’ gemonitor waarmee zijn ambassade furore maakte, niet weer voorbij wordt gestreefd. Door Prime, maar ook door ijverige familieleden.
Réza Hasjemi’s familieleden mochten na veel aandringen de overlijdensakte inzien. Als doodsoorzaak stond 'auto-ongeluk’ genoteerd. Zei Van Mierlo in Buitenhof nog: 'Zware monitoring wees uit dat geen van hen een ongeluk is overkomen’, nu mag hij wensen dat Hasjemi in het verkeer is omgekomen. De ambassade heeft er inmiddels meer belang bij het niet-bestaande wrak te vinden dan indertijd het graf van Hasjemi. De bevinding van Prime dat het 'ongeluk’ een executie was van de Iraanse geheime dienst, zal Van Mierlo dan ook krachtig moeten tegenspreken.
Hij zei eerder: 'Het monitoren heeft ons beeld van de situatie van de teruggekeerde asielzoeker beter gemaakt. We kunnen met iets meer rechtvaardiging het oordeel uitspreken dat in het ambtsbericht staat: het is niet op voorhand onverantwoord om asielzoekers terug naar Iran te sturen. Autoriteiten hebben ons lange tijd toegestaan de monitoring uit te voeren.’
Die betrekkingen mogen niet bekoelen. Het gaat net zo lekker. Van Mierlo is constant in gesprek met de politiechef en die heeft hem afgeraden Iraanse kranten te lezen. Het mes moet aan twee kanten blijven snijden. Iran is van zijn dissidenten af en Nederland als toevluchtsoord is minder populair. Ook wil de bewindsman kunnen blijven herhalen dat 'Nederland het beste asielbeleid van alle landen heeft’.
Ondertussen zeggen de diplomaten verder te speuren, hoewel ze het eigenlijk 'onbegonnen werk’ vinden. Prime is het vertrouwen in hen kwijt. Samenwerking wordt zoveel mogelijk uit de weg gegaan en dat werpt zijn vruchten af. In weerwil van ambtsberichten onthulde Prime dat Réza Morrhabi, anderhalf jaar geleden uitgezet, door een revolutionaire rechtbank ter dood veroordeeld is en vier maanden geleden geëxecuteerd. En dat Saiwash Mohamadi gevangen is gezet. Ook niets van waar?