De Nederlandse ziekte

Van verzorgingsstaat naar survivalstaat in elf verhalen

Elf keer nam Sjors van Beek een kijkje achter de schermen van de Nederlandse verzorgingsstaat. Van de schuldhulpverlening tot de daklozenopvang, van de thuiszorg tot de jeugdzorg. ‘Om overeind te blijven in de verzorgingsstaat zijn bijna darwinistische survival-kunsten vereist.’

Medium nlziekte

Het geeft geen vrolijk beeld, elf weken meelopen in de uithoeken van de Nederlandse verzorgingsstaat. Want die verzorgingsstaat is calculerend en tamelijk kil geworden en dusdanig gecompliceerd dat mensen soms tussen de vele radertjes worden vermalen.

‘Het is helaas waar, het is een complete chaos. De instanties tuimelen over elkaar heen, mensen raken volledig verstrikt in de regels’, zegt een PvdA-wethouder in Doetinchem, sprekend over de schuldhulpverlening. ‘We hebben in Nederland een rete-ingewikkeld systeem gecreëerd, ik noem het de Nederlandse ziekte. Als lokale wethouder breek ik dat niet zomaar af, ik kan slechts mijn best doen om het lokaal zo eenvoudig mogelijk te maken.’

Zijn commentaar raakt de kern van mijn bevindingen tijdens elf weken meelopen op de werkvloer. De koesterende verzorgingsstaat is, nolens volens, afgegleden tot een ‘rete-ingewikkeld systeem’ waar mensen ‘volledig verstrikt raken in de regels’. Elf keer keek ik een volle week mee bij een (gemeentelijke) instantie of organisatie, telkens in een ander deel van Nederland (zie kader). Het doel: proberen te doorgronden hoe de sociale vangnetten werkelijk functioneren.

Nut en noodzaak van de GGD – ‘Preventie raakt lelijk uitgekleed’ (6 januari 2016)

Medium ggd

Je kunt maar beter hoogopgeleid zijn. Niet dat het een garantie is tegen administratieve ellende. Maar het omgekeerde is zeker waar: wie geen hbo-opleiding heeft, verdwaalt vroeg of laat in de papieren jungle. En belandt, alleen al als gevolg dáárvan, in de spiraal naar beneden.

Talloos en schrikbarend zijn de voorbeelden. ‘Zoveel verschillende regeltjes… En allemaal bedacht door mensen met een hbo-denkniveau die vergeten dat de klanten vaak mbo of minder hebben’, zegt een schuldhulpverlener (Doetinchem). Een collega: ‘Ik druk mijn eigen kinderen op het hart: zorg dat je nóóit afhankelijk wordt van de Belastingdienst of het UWV, zorg dat je niet in de wereld van de formulieren belandt. Zóveel regels, en de ene botst met de andere. We zijn soms gek geworden. Het is echt heel eng.’

Het heeft geleid tot een nieuwe fobie: ‘papierangst’. Mensen zijn bang voor de volgende envelop en maken de post niet eens meer open. Aanmaningen blijven liggen, incassokosten stapelen zich op, schuldeisers zetten steeds zwaarder geschut in. Met als ultieme deurwaarder de Belastingdienst, die dwars tegen alle beschermende regelgeving in loonbeslag legt, toeslagen inhoudt en mensen regelrecht in de armen van de schuldhulpverlening drijft.

Verslavingszorg onder druk – ‘Jou moeten we niet’ (3 december 2014)

Medium verslaving2

Je kunt dus ook maar beter geld hebben. Wie eenmaal in de financiële draaikolk naar beneden zit, komt daar nauwelijks nog uit. ‘En triest genoeg: hoe lager het inkomen, hoe ingewikkelder de regels waar je mee te maken krijgt’, zegt een Doetinchemse schuldhulpverlener. ‘Als je drieduizend euro per maand verdient hoef je niks te regelen rond toeslagen of kortingen. En mocht er iets mis gaan, dan heb je nog een buffer, bijvoorbeeld om een boete te betalen. Die mensen hebben nergens last van.’

De anderen des te meer. En er blijkt maar weinig voor nodig om in die groep te belanden. Een echtscheiding, werkloosheid, ziekte: van een normaal functionerend middenklassegezin naar de schuldhulpverlening en zelfs de daklozenopvang is soms maar een kleine stap. Neem de 26-jarige jonge moeder die met haar driejarige zoontje in de daklozenopvang zit in Gouda. De relatie met de vader van het zoontje ging slecht, maar de vrouw kon niet weg. ‘Ik had geen werk, geen inkomsten, geen huis, ik was een soort van afhankelijk van hem.’

Ze klopte aan bij de gemeente. ‘Een uitkering kreeg ik niet want mijn partner verdiende te veel. Dan moest ik éérst weggaan, zei de gemeente. Maar ik kon niet weg want ik had geen huis. En ik kreeg geen huis zonder inkomsten.’ Haar vader is overleden, haar moeder is blind en heeft een uitkering. ‘Te weinig om twee extra monden te voeden, en als ik bij haar zou gaan wonen krijg ik ook weer geen uitkering’, vertelt de vrouw. Werk vinden? Het lukt ook haar niet. ‘Ik ben zelf opgeleid als sociaalpsychologisch werker, ik zou híer kunnen werken, zeg ik altijd. Maar in de zorg zijn alle banen zo’n beetje wegbezuinigd.’

Of zie dat gezin in een welvarende buitenwijk van Doetinchem. Zij (35) gemeenteambtenaar met een aflopend tijdelijk contract, hij (41) thuis vanwege een zware depressie. Zo’n dertienduizend euro schuld vanwege een doorlopend krediet en te lang doorgelopen kinderopvangtoeslag. Schulden, zo legt hun klantmanager later uit, zijn vaak het gevolg van een onderliggend probleem. Verslaving, depressie, werkloosheid, stress. ‘En dat probleem moet dan ook worden aangepakt, anders heeft het geen zin een oplossing te zoeken voor de schulden. Dan blijft de geschiedenis zich toch maar herhalen.’

Thuiszorg voor tussenmensen – Terug naar de werkvloer(24 juli 2013)

Medium thuiszorg

Daar doemt meteen een volgende, telkens terugkerende barrière op. Wie is verantwoordelijk voor welk probleem? Versnippering en hokjesgeest zijn woorden die niet vallen te vermijden bij een analyse van de verzorgingsstaat. Een medewerkster van de Goudse daklozenopvang zegt het zo: ‘In het Nederlandse systeem moet iedereen precies in een vakje passen. Maar neem die vrouw die doofstom is, drugsverslaafd en schizofreen. En als ze drugs gebruikt wordt de schizofrenie erger. Wat is dan het hoofdprobleem? Of die man, licht verstandelijk gehandicapt, alcoholverslaafd en hiv-besmet. Zo iemand past niet in een hokje en valt tussen wal en schip. Dat zijn de mensen die bij ons belanden.’

De lastigste gevallen worden doorgeschoven. Als hete aardappels. De manager van de daklozenopvang spreekt openlijk van ‘koehandel’. Afzonderlijke diensten blijven keurig binnen de lijntjes van hun taakgebied. Wie met meerdere loketten tegelijk te maken krijgt, mag zelf zijn weg door het oerwoud kappen.

Het is een wrange constatering: de verzorgingsstaat is er voor de hulpbehoevenden. Maar om overeind te blijven in diezelfde verzorgingsstaat zijn welhaast darwinistische survival-kunsten vereist. Geletterdheid. Digitale vaardigheden. Mondigheid – zelfs assertiviteit. Vasthoudendheid. En oriëntatievermogen in een labyrint.

Een persoonlijk begeleider in de daklozenopvang spreekt van ‘de dans met instanties die zich meer en meer terugtrekken op hun eigen eilandje. Ze zien de mensen als “dingen”, als “crisissen”. En de samenleving verandert, wordt harder als gevolg van de bezuinigingen. Alle instanties trekken hoge muren op, ze kijken exact wat er nog binnen hun takenpakket valt en de rest doen ze gewoon niet meer.’

In de verzorgingsstaat regeert de efficiency, de wurggreep van de pecunia. Targets. Verantwoording. Doorlooptijden. Meetbare resultaten. De zorg is welhaast geïndustrialiseerd, voor de menselijke maat is soms nog maar weinig ruimte. Wie met zijn palet van problemen niet in een van de mallen van de machinemaatschappij past, heeft pech.

Dak- en thuislozenopvang in Gouda – Als het klokje nergens klikt (28 januari 2015)

Medium daklozen2

‘De’ overheid bestaat niet; Nederland is een bonte optelsom van overheden, diensten, instanties en instellingen. Vadertje Staat is een meerkoppig gezin. Het is zuur om te zien hoe de verschillende overheidsdelen elkaar regelmatig ronduit in de weg zitten.

Sociaal rechercheurs van de sociale dienst in Venlo waarschuwden in het begin van de reportageserie al hoe de Haagse fraudewetgeving in de praktijk onuitvoerbaar was. Elke fout – moedwillig of niet – moest worden bestraft met terugvordering plus honderd procent boete. ‘Hoe moet je twintigduizend euro terugvorderen van iemand die geen geld heeft?’ vroegen de handhavers zich hardop af. De wetgeving is inmiddels teruggedraaid.

In Doetinchem is een speciaal ‘Zorgnetwerk’ voor de ‘vastgelopen gevallen’ en de ‘dossiers waar de Belastingdienst de nekslag heeft uitgedeeld’. Zoals de vrouw die kinderopvangtoeslag moet terugbetalen, daardoor de huur niet meer kan betalen en op straat dreigt te worden gezet. Uiteindelijk scheldt de woningcorporatie de achterstallige huur kwijt en verstrekt een goedkopere woning, de gemeente betaalt de herinrichtingskosten en start schuldsanering, en de Belastingdienst int haar centjes. ‘De wirwar van systemen is soms heel ondoorgrondelijk, juist voor de mensen in de schuldhulp. Uiteindelijk is het allemaal knip- en plakwerk en het rondpompen van geld’, zegt een van de gemeentelijke managers hoofdschuddend.

Zie ook de thuiszorg (Haarlem), waar de medewerkers een boterhammetje wel mogen smeren (want bekostigd uit de Wmo) maar niet mogen helpen opeten (want bekostigd uit – toen nog – de Awbz). ‘Ik sta soms met de oren te klapperen wat we allemaal níet mogen doen’, verzucht een wijkverpleegkundige met nauwelijks verholen woede. ‘Theoretisch moet er één persoon komen om het ontbijt klaar te zetten, eentje om de steunkous aan te trekken, eentje om de wond te verzorgen en eentje om het huishouden te doen. Dat kán toch niet.’

Het kan kennelijk wel. En de gemeente zegt tegen thuiszorgmedewerkers: ‘U denkt toch niet dat wij met busjes gaan rondrijden om overal de boterhammen klaar te zetten?’

De zorgenkindjes van de leerplichtambtenaar – ‘Ik ga níet naar een speciale school!’(13 november 2013)

Medium leerplicht2

Hand in hand met de hokjesgeest gaat de bureaucratie. Elke instantie waakt over de eigen, almaar slinkende, budgetten. Elke hogere trede wil, soms tot ver achter de komma, weten hoe elk dubbeltje wordt uitgegeven. Het leidt tot absurdistische situaties.

In de huisartsenwereld (Almere) bijvoorbeeld. ‘Die bureaucratie, je wordt er gallisch van. Bij elk nieuw setje verbandmiddelen al die formulieren, stempels en handtekeningen. We mogen niet te veel middelen ineens meegeven want dat is te duur. En die administratie, die kost niks zeker?’ vraagt een assistente retorisch. ‘Héél veel administratieve rompslomp. Het is vinkjespolitiek’, stelt een praktijkondersteuner. En de huisarts: ‘Bij een patiënt met een geamputeerd been moet ik elk jaar opnieuw een verklaring voor aangepast schoeisel opstellen. Alsof zo’n been weer aangroeit!’

Of zie de jeugdzorg (Zwolle). ‘In elk rapport moet alles helemaal opnieuw worden ingevuld. Geboortedatum, BSN, ziekenfondsnummer, de hele mikmak’, zegt de een. ‘Het gaat soms van onze afdeling toegang naar het AMK, dan naar de Raad voor de Kinderbescherming, dan naar de kinderrechter en dan naar de gezinsvoogd. Telkens nieuwe personen, nieuwe rapporten, met steeds dezelfde vragen. Heel vervelend, ook voor ons want het houdt je af van ander werk’, klaagt de ander.

Het labyrint van regeltjes en formulieren is niet alleen moedeloos makend voor de klanten, cliënten en patiënten. Ook de zorgverleners breken zich regelmatig het hoofd over welke voorschriften gelden en aan welke protocollen ze zich hebben te houden. Op een prikbord bij de Jeugdzorg in Zwolle hangt een ‘privacykaart’, over welke instantie welke cliëntrapporten mag doorgeven aan welke andere partij. Het is een doolhof van keuzes. ‘Is de cliënt in staat tot een redelijke waardering van zijn belangen terzake? (13 lid 2). Ja? > Geen inzage. Ga naar “Derdenverstrekking” (17).’ De voorkant (‘Wie verzoekt om inzage in dossiergegevens?’) telt 37 hokjes en 31 pijltjes. De achterkant (‘Derdenverstrekking’, verstrekking van de gegevens van een cliënt aan een ander dan de cliënt’) bestaat uit nog eens 38 keuzemogelijkheden.

Het vangnet van Venlo – ‘Ik vraag me af of Den Haag wel weet hoe erg het is’ (20 februari 2013)

Medium sociaal 20vangnet 20venlo 209

Niet dat het de werkers in de Nederlandse verzorgingsstaat ontbreekt aan sociaal gevoel. Het hart zit vast op de goede plaats en er wordt hard gewerkt. Maar de ambtenaren zijn vaak met handen en voeten gebonden aan klemmende regels, slinkende budgetten en andere diensten die hun eigen terrein bewaken.

Een budgetcoach bij de schuldhulpverlener laat zich ontvallen: ‘Er vallen gaten tussen de organisaties. Ik kan het systeem niet veranderen, kan alleen mijn klanten leren over de gaten heen te springen. Als budgetcoach valt er soms niks te coachen want er is gewoon geen geld als iemand acht weken moet wachten op de eerste uitkering.’

Een klantadviseur schuldhulpverlening in Venlo: ‘Als iemand schulden heeft en geen aanvullende ziektekostenverzekering kan betalen, kan hij niet naar de tandarts, ook niet als hij al drie dagen jankend op bed ligt van de tandpijn. Ik heb het meegemaakt. De tandarts wil dat eerst de rekening wordt vergoed, maar wij mogen daar geen bijzondere bijstand voor verstrekken. Ik vind het vreselijk als ik tegen die mensen moet zeggen: ik kan niks voor je doen…’

Bij de thuiszorg in Haarlem ben ik bij een huisbezoek bij een 92-jarige man. De verpleegkundige verwisselt het stoma, doet en passant een afwasje van drie kopjes en één bordje, maakt het hoorapparaat van meneer schoon – en zuigt snel een paar scherven op van een kapotgevallen vaas. ‘Maak hier maar geen foto van’, zegt ze, ‘want eigenlijk word ik niet geacht met een stofzuiger te lopen.’ Ze moet klokken hoe lang ze precies binnen is: 43 minuten. Volgens de protocollen staat er maximaal twintig minuten voor ‘stoma verzorgen bij een lokaal intacte huid’.

Te arm voor hulpverlening – Eigen schuld (7 mei 2014)

Medium schuldhulp

De afgelopen jaren heeft zich een brede beweging voorgedaan van een terugtredende overheid die minder geld spendeert en verantwoordelijkheden bij de burger legt. De professionals in de verzorgingsstaat hebben – ieder op hun eigen terrein – zo hun twijfels of die tendens niet doorschiet. Een manager in de verslavingszorg vertelt over de verschuiving van de tweede lijn (de specialistische hulp) naar de goedkopere eerste lijn (huisarts en basis-GGZ). ‘Wij hebben met z’n allen nu een systeem bedacht waarin die mensen in een vroegtijdig stadium zélf hulp moeten vragen.’ Maar de generalistische ‘keukentafelteams’ van gemeenten, met slechts beperkte kennis van verslaving, gaan die gevallen er niet tijdig uitfilteren, vreest deze manager.

En de leden van die wijkteams zoeken ondertussen hun weg in het overwoekerde polderlandschap, met een GGZ, een Jeugd- en Gezinsteam, een Centrum voor Jeugd en Gezin. Met ouderenzorg, jeugdzorg, welzijnswerk, opbouwwerk, maatschappelijk werk, gehandicaptenzorg, zwakzinnigenzorg, schuldhulpverlening, beschermd wonen, verslaafdenzorg. Met uitvoerende instanties als gemeente, Belastingdienst, Sociale Verzekeringsbank, Centraal Administratie Kantoor (CAK) en het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). En met financiering via de gemeente, de Wmo, de Zvw (Zorgverzekeringswet, voor wijkverpleging en persoonlijke verzorging), de Wlz (Wet langdurige zorg) en de Participatiewet. ‘Knappe jongen hoor, als je dit binnen een week een beetje gaat snappen. Wij snappen het zelf soms nog steeds niet’, zegt een van de sociaal werkers. Ze zegt ook: ‘Ik ben toch bang dat de burger de dupe gaat worden omdat hij, vooral voor psychosociale dingen, niet de juiste hulp krijgt. Dat laatste doet zich trouwens toch al voor vanwege alle bezuinigingen.’

Het zijn de allerzwaksten, degenen met de minste moderne-maatschappij-vaardigheden, die door de mazen van het vangnet vallen. Maar Nederland zou Nederland niet zijn als daar, op de bodem van de put, niet een nieuw vangnet hangt. Schuldhulpverlening en daklozenopvang kosten óók geld. Los van het menselijk leed is het dus nog maar de vraag of de verkilling en versobering netto zo veel opleveren.

Deze serie kwam mede tot stand met subsidie van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.

Lees hier alle elf verhalen:

Nut en noodzaak van de GGD – ‘Preventie raakt lelijk uitgekleed’ (6 januari 2016)

Medium ggd

Dak- en thuislozenopvang in Gouda – Als het klokje nergens klikt (28 januari 2015)

Medium daklozen2

Een week op een Amsterdamse basisschool – ‘Wie is er thuis nou eigenlijk de baas?’(21 januari 2015)

Medium basisschool

Verslavingszorg onder druk – ‘Jou moeten we niet’ (3 december 2014)

Medium verslaving2

Schrijnende situaties in het gezondheidscentrum – ‘We zitten in de wurggreep van de verzekeraars’ (24 september 2014)

Medium huisarts

Te arm voor hulpverlening – Eigen schuld (7 mei 2014)

Medium schuldhulp

Jeugdzorg in Overijssel – Schipperen van gezinsdrama naar gezinsdrama (2 april 2014)

Medium overijssel

Schuldhulp in Doetinchem – ‘Ik ga niet zeggen: die hond moet weg’ (11 december 2013)

Medium nlziekte

Thuiszorg voor tussenmensen – Terug naar de werkvloer(24 juli 2013)

Medium thuiszorg

De zorgenkindjes van de leerplichtambtenaar – ‘Ik ga níet naar een speciale school!’(13 november 2013)

Medium leerplicht2

Het vangnet van Venlo – ‘Ik vraag me af of Den Haag wel weet hoe erg het is’ (20 februari 2013)

Medium sociaal 20vangnet 20venlo 209