Waarom Maradonna een heilige is

Vanwege de druk van onderen

De tegenwerking van de Fifa, het dédain van de Noord-Europese pers en de problemen met justitie en clubleiding sterken gelovige fans over de hele wereld in hun overtuiging: Diego Armando Maradona is een heilige.

Als we hedendaagse opinieleiders moeten geloven, is het «jezelf zijn», de morele imperatief van de afgelopen decennia, als remedie enigszins in het ongerede geraakt. Van het volk hoefde het toch al niet. Het is zichzelf altijd voorbeelden blijven stellen, want «imitatio» biedt houvast en geeft richting aan het leven. Dat besef leefde ook onder de christenen van weleer, die al vroeg de instelling verzonnen van officieel gesanctioneerde, bijzondere lieden. Dit om te voorkomen dat het gewone volk door gebrek aan voorbeeldfiguren weer een veelheid aan regen-, zon- of andersoortige goden ging aanbidden. Zie hier: de ontstaansgeschiedenis van de heilige. Maar al spoedig liep het water de kerkelijke autoriteiten over de voeten. De roep om meer heiligen hield aan. Dat was ook weer niet de bedoeling. De kerk heeft er van alles aan proberen te doen. Bijvoorbeeld op het Concilie van Trente in de zestiende eeuw, waar de hoge geestelijkheid met strengere toelatingseisen hoopte paal en perk te stellen aan de wildgroei. In de eeuwen daarop volgden relatief weinig nieuwe heiligverklaringen. Jozef uit Copertino vormt een uitzondering.

Uit alles blijkt dat deze Italiaanse heilige een soort zombie moet zijn geweest. Werken kon hij niet en hij was te dom om iets te leren. Hij werd geweigerd door de franciscanen ter plaatse. Daarop mocht hij naar de kapucijnen, de lts onder de kloosterordes, maar ook bij hen slaagde hij niet. Uiteindelijk kon hij met veel moeite en de hulp van een monastieke oom voorlopig terecht bij een simpel achterafklooster.

Gelovig was dit instrument Gods wel. De eerste keer dat de Heer zich via de buitengewoon rigoureuze asceet openbaarde, was op 4 oktober 1630, toen Jozef voor het eerst een levitatie ervoer. Hij steeg een eindje op. En dat was nog maar het begin. Al gauw leek het alsof Jozef niet gewoon op de grond kon blijven. Op den duur was hij niet meer in het klooster te handhaven en moest hij naar Napels om zich voor zijn extases te verantwoorden voor de plaatselijke inquisitie. Maar daar zagen ook zijn rechters hem omhoog gaan. Zij berichtten daarover in Rome, waar Jozef werd beschuldigd van schijnheiligheid en misbruik van volks bijgeloof. Paus Urbanus VIII liet hem daarna opsluiten, ergens in de Marken, buiten het zicht van gewone gelovigen. Het hielp allemaal niets. Al snel zagen de boeren Jozef als een soort door de Heilige Geest aangedreven helikopter boven het land zweven.

Van overal kwamen de verrukte gelovigen om hem te vereren. De lutheraan Frederik van Saksen werd door hem zelfs tot het katholicisme bekeerd. Uiteindelijk heeft de kerk Jozef heilig verklaard, een eeuw na zijn dood, midden in de tijd van de Verlichting. De druk van onderen was te groot geworden.

De meest in het oog springende hedendaagse evenknie van Jozef van Copertino is Diego Armando Maradona (42), zonder twijfel de grootste voetballer aller tijden. In de jaren tachtig dienden enkele Napolitaanse tifosi en geestelijken een volstrekt serieus bedoeld verzoek in bij het Vaticaan om een begin te maken met zijn zaligverklaring, die uiteindelijk moet leiden tot officieel gesanctioneerde heiligheid. En het is waar: Gods heerlijkheid heeft zich bij herhaling geopenbaard in de miraculeuze acties van het gedrongen mannetje. Aanvankelijk had niemand dat voor mogelijk gehouden, omdat Maradona licht mismaakt ter wereld kwam. Hij groeide op in een uit plastic en hout opgetrokken hutje langs de Rio Chualo in Buenos Aires. Jarenlang leek het erop dat El Paluso (het «pluisje») altijd een lilliputter zou blijven. Op zijn tiende verscheen hij al in het populairste televisieprogramma van het land om te laten zien dat hij het onmogelijke met een bal kon. Tien jaar later zouden de massa’s geen «Peron!» meer schreeuwen, maar scandeerden ze zijn naam. De knokploegen van de junta riepen «No se vende Maradona», verkoop Maradona niet. Hij werd als vijftienjarige de jongste debutant ter wereld; twee jaar later, op zijn zeventiende, maakte hij de matige club Boca Juniors op miraculeuze wijze kampioen en leidde hij het nationale jeugdelftal naar het wereldkampioenschap. De Napolitaanse maffia kocht hem later van Barcelona, om hun eigen club, FC Napoli, voor het eerst en voorlopig voor het laatst in de geschiedenis landskampioen te zien worden.

De rest van het verhaal is de voetballiefhebber bekend: in 1986 maakt Maradona Argentinië geheel in zijn eentje wereldkampioen. Hij wordt uitgeroepen tot beste speler van het toernooi en wist de vernedering van de Falklandoorlog uit met enkele prachtige doelpunten tegen Engeland — waarvan één met «de hand van God». Vier jaar later bereikt hij met een kwalitatief nog mindere ploeg opnieuw de finale. Hoewel hopeloos verslaafd aan cocaïne en junkfood wordt hij nog weer vier jaar later op het laatste moment bij het elftal gehaald om te voorkomen dat zijn land al in de kwalificatieduels wordt uitgeschakeld. Vanaf dat moment is zelfs zijn stemadvies in Argentijnse verkiezingen doorslaggevend.

De tegenwerking van de Fifa, het dédain van de Noord-Europese pers en de problemen met aardse machten als justitie en clubleiding sterken gelovige fans over de hele wereld in hun overtuiging: Maradona is een heilige. Hij kan lezen noch schrijven, maar dat spreekt natuurlijk in zijn voordeel. («Zalig zijn de eenvoudigen van geest, want zij zullen het koninkrijk der hemelen beërven.») Ook weet het Vaticaan natuurlijk dat het juist de noodlijdenden zijn die de heiligheid van buitengewone, door God geïnspireerde mensen herkennen. Tot op de dag van vandaag bestaat er binnen de katholieke kerk een permanente dialoog tussen de zogenaamde linea rationes van verlichte gelovigen en de intellectus rusticus van eenvoudige vromen. Daarbij lijken de rustici aan de winnende hand. De afgelopen eeuw heeft meer heiligen opgeleverd dan welke eeuw ook, van wie de meeste relatief laag opgeleid.

De kracht van het gewone volk in zaken van heiligheid en heldendom is onovertroffen. De liefde, de hoop en het geloof in Diego Armando Maradona zijn dat eveneens. Het is dus slechts een kwestie van tijd alvorens de kerk ernst zal maken met de canonisatie van El Diego. Want juist uit de afwijzing van het establishment kan de arme Napolitaan moed putten. Zoals het Vaticaan in de afgelopen eeuwen het deksel niet op de put wist te houden — zeker niet ná de dood van een heilige — en schoorvoetend allerlei lieden heilig verklaarde wier karakter Jezus wezensvreemd is, zo zal zij uiteindelijk ook niet om Maradona heen kunnen.