Richard Miles over de strijd van Hannibal

Vechten om Herakles

Wat we weten over Carthago is ons vooral door Grieken en Romeinen aangedragen. Richard Miles heeft een nieuwe invalshoek: Hannibal kaapt Herakles om Rome te verslaan.

Hoe schrijf je een geschiedenis van een beschaving waarvan de taal nauwelijks te ontcijferen valt en waarover de resterende literaire bronnen geschreven zijn door auteurs uit rivaliserende samenlevingen? Twee auteurs, Richard Miles (Carthago: Opkomst en ondergang van een stad) en Dexter Hoyos (The Carthaginians), beschrijven de geschiedenis van Carthago heel verschillend: de een genuanceerd en feitelijk, de ander meeslepender en in één opzicht, over het gebruik van propaganda, zeer verfrissend.Hannibal die met zijn olifanten de Alpen overstak: dat is misschien de eerste associatie bij Carthago. Of anders de verwoesting van de stad door Rome, ruim zeventig jaar later. Maar natuurlijk valt er meer te zeggen.

Een geschiedenis van Carthago in sneltreinvaart: Phoeniciërs uit Tyrus stichtten rond 800 voor Christus een stad op de kust van het huidige Tunesië; de stad werd groter en welvarender door een vruchtbaar achterland en een grote rol in de handelsnetwerken in het Middellandse-Zeegebied; na eeuwen van groeiende rijkdom en macht zorgden drie verloren oorlogen met de ‘nieuwe’ grootmacht Rome voor het einde van Carthago: Rome verwoestte de stad in 146 voor Christus.

De hoofdlijnen zijn duidelijk, maar details zijn moeilijk te achterhalen door de gebrekkige staat van onze kennis. Opgravingen, verzamelingen munten en verhalen van vooral Griekse en Romeinse auteurs bepalen ons beeld van de Carthaagse geschiedenis. En omdat Grieken en Romeinen geregeld overhoop hadden gelegen met Carthago is het beeld dat ze scheppen op z’n zachtst gezegd nogal eens gekleurd.

Het is dan ook niet wonderlijk dat Miles en Hoyos zich vaak voorzichtig uitspreken over wat er gebeurd kan zijn. Hoyos schreef van de twee het meest ‘kale’ boek: het wemelt van de verschillende verhalen en mogelijke waarheden, en Hoyos probeert zo goed mogelijk te verduidelijken wat we wel en wat we niet (zeker) weten. Een prima boek om dingen in op te zoeken.

Meeslepender is het boek van Richard Miles, en ook minder weifelend. Zijn stokpaardje is de culturele verwevenheid in het Middellandse-Zeegebied: de Klassieke Oudheid is niet alleen beïnvloed door Griekenland en Rome, zoals we op school vooral leren. Op allerlei plekken in het Middellandse-Zeegebied ontstond een steeds weer andere mengeling van gebruiken en gewoonten, waarop ook andere volken dan Grieken en Romeinen hun invloed hadden. Dat gold niet alleen dagelijkse leefgewoonten, maar ook religieuze praktijken. Het uitgebreide pantheon van Griekse en Romeinse goden stond open voor invloeden (en goden) van buitenaf.

In Carthago stelt Miles vooral de Carthaagse godheid Melqart centraal, wiens rol en eigenschappen geleidelijk steeds meer overlapten met die van de Grieks-Romeinse Herakles/Hercules, waardoor mensen in vrijwel het hele mediterrane gebied zich met hem konden identificeren. Deze overlapping wordt ook wel aangeduid met de term syncretisme: versmelting.

Miles’ invalshoek is vooral dat hij dit syncretisme verbindt met het optreden van de Carthaagse veldheer Hannibal tijdens de Tweede Punische Oorlog. Bekend is dat Hannibal probeerde de bewoners van door Rome onderworpen gebieden in Italië – Grieken, Samnieten, Campaniërs et cetera – van Rome los te weken, in de hoop met hun hulp Rome te kunnen verslaan. Zo behandelde hij niet-Romeinse krijgsgevangenen bijzonder coulant, en benadrukte hij geregeld dat hij de niet-Romeinen van het Romeinse juk wilde bevrijden. Dit klinkt allemaal als rechttoe, rechtaan propaganda, maar Miles geeft daar een stevige religieus-culturele draai aan, waarbij Herakles/Melqart een grote rol speelt.

Herakles zou bij het verrichten van zijn werken door Italië getrokken zijn, steden hebben gesticht en nakomelingen hebben verwekt, en hij had een zekere faam als iemand die volkeren bevrijdde van tirannen. Hannibal zou vóór en tijdens de Tweede Punische Oorlog hebben geprobeerd (net als bijvoorbeeld Alexander de Grote al eerder) zichzelf als een soort halfgod te portretteren door werken te verrichten die de menselijke macht te boven gingen – zoals het oversteken van de Alpen met een compleet leger en olifanten in de winter. Zo moest een beeld ontstaan van Hannibal als een hedendaagse Herakles. Bovendien trok Hannibal met zijn leger grofweg langs de weg die Herakles zou hebben afgelegd.

Deze toeëigening van Herakles door Hannibal moest het effect hebben van een ondermijning van de Romeinse mythologie: de Romeinen en vele andere Italianen identificeerden zich immers met Hercules. Als Hannibal zich met succes met Herakles kon identificeren, dan zou hem dat van een ‘barbaar’ of vreemdeling hebben getransformeerd tot iemand van dezelfde cultuurgemeenschap, die de Italische volkeren kwam bevrijden van de (Romeinse) tirannen. Dat zou het een stuk makkelijker voor hem maken om de niet-Romeinse hearts and minds in Italië voor zich te winnen in de oorlog tegen Rome – en zijn kans op een overwinning aanzienlijk vergroten. Volgens Miles verklaart dit propagandaoffensief van Hannibal ook de frequente en koortsachtige inspanningen van de Romeinen om de goden gunstig te stemmen, in de hoop dat er een eind zou komen aan Hannibals successen en het tij zou keren in Romeins voordeel.

Waren de propagandamogelijkheden van dit syncretisme voor Hannibal nou werkelijk zo groot als Miles schetst? In elk geval werpt Miles’ invalshoek vruchtbaar nieuw licht op de zaak.


Joop Hopster is historicus en werkzaam bij Athenaeum Boekhandel als rubrieksbeheerder geschiedenis en politiek

The Carthaginians
Dexter Hoyos
Routledge, € 30,50

Carthago
Richard Miles
Vertaald door Rob Kuitenbrouwer, De Bezige Bij, € 39,90