Toneel

Veel plankieren, nog meer hartstocht (1)

Toneel: Dertien rijen door Maatschappij Discordia en ’t Barre Land

Wat is dit? Maatschappij Discordia (terug van nooit weggeweest), ’t Barre Land & gasten hebben een nieuwe club opgericht: Dertien Rijen, een open repertoirevereniging die toneelspelers in staat stelt in een enclave (een «bevrijd» gebied) te tonen wat ze op dit moment willen tonen. Ze doen dat drie weken lang op het grootste vlakke-vloer-podium van Nederland: zaal 1 van de Haarlemse Toneelschuur. Iedere dinsdag tot en met zaterdag. Tot zo ver de zakelijke informatie.
Wat zie ik? Ik loop een grote toneelzaal binnen en kijk vanuit de verte naar het achterste van een compacte tribune. Ik wandel verder en zie een intieme ruimte: coulissendecor van ruwe schrootjes, in een V-vorm, houten vloer die vooraf wordt besprenkeld met water, in de verte een hoge achterwand, boven het toneel bungelt een woud van stoeltjes. Uit de coulissen – Van Dale: «beweegbaar zijstuk op het toneel, niet voor de oningewijden zichtbaar» (bijna alles is hier overigens voor oningewijden zichtbaar) – steken loerende toneelspelershoofden. En handen die voor de handeling noodzakelijke voorwerpen aanreiken. Vanuit de coulissen klinken fluisterende toneelspelersgeluiden die lijken op wat we vroeger «souffleur» noemden (Van Dale: voorzegger der rollen). Wanneer er «doek» wordt geroepen, zakt er een (ingepakt) doek omlaag, dat niet ons zicht op de ruimte wegneemt maar de toneelspelersvloer bedekt.

Wat zie en wat hoor ik? Een slapstickscène over het instellen van licht voor een toneelscène, bestaande uit struikelpartijen, gevechten met ladders, stroomkabels en lampen. Een monoloog uit Hamlet. Iemand struikelt met een blad theekopjes. En opeens is daar een scène uit Judith Herzbergs Kras. En je denkt onwillekeurig: waarom speelt niemand Judith Herzberg meer? Niemand kan beter schrijven over een eenzaam mens die kaasblokjes in zijn huis legt zodat er in ieder geval muizen langskomen.

Deze week in dit project heet Histoire du théâtre. We wandelen door een denkbaar en droombaar repertoire. Met flarden Schnitzler, een letterlijk onophoudelijk verhaal van Georges Perec, weer een flard (Beckett), een geweldige dronkenvrouwenscène die achteraf door Noel Coward blijkt te zijn bedacht, een zacht geïmproviseerde scène over «de laatste keer» of over «twijfel». Daar komt die prachtige slotscène uit Tsjechovs Kersentuin voorbij, waarin de ontroerendste zinnen telkens zacht worden herhaald.

Wat maak ik mee? Ai! Hier worden de observaties lastiger te beschrijven. De toneelspelers van Maatschappij Discordia hebben me geleerd met andere ogen naar de uitvoering van toneelteksten te kijken. Ik was (en ben) woedend dat ze uit het Nederlandse toneellandschap zijn verdreven. Zoals de stalinisten in 1940 de Russische toneelvernieuwer Meyerhold uit hun toneellandschap hebben «gegumd» (aldus Sjostakovitsj). De discordianen zijn nooit verdwenen, ze zijn ondergronds gegaan, in een soort toneelillegaliteit, trouw aan hun leerlingen van weleer, die nu grote jongens en meiden in het Nederlandse toneel zijn geworden (en loyaal aan hun leraren). En trouw aan hun publiek. Dat nu eindelijk weer kan genieten van die onnadrukkelijk-nadrukkelijke manier van toneelspelen en toneel maken, van dat jaloersmakende spelplezier, van die gretige blik naar de tribune: miracolo, ze zijn er weer! Eigenlijk vinden ze iedere avond uit hoe toneelspelen in elkaar zit, vol verwondering.

En droef stemt de hele onderneming ook. Verdrietig, omdat ze zijn weggejaagd door de toneelpolitie, omdat ze «arrogant» zouden zijn, of «hermetisch, elitair toneel» zouden maken, waar geen publiek voor zou bestaan. Of omdat hun leerlingen het estafettestokje ondertussen zouden hebben overgenomen. Allemaal lariekoek. Dit is hogeschool met een Hoge H. Dit is toeschouwers uitnodigen om met geduld te luisteren naar hoe mooi Jac van Looy aan het begin van de vorige eeuw Hamlet vertaalde of hoe prachtig de tekst van Proust is, ook zonder wide screen videobeelden. Het seizoen wordt eindelijk waardig afgesloten. Deze week met een hier nog niet gespeeld stuk van Botho Strauss. Grote bezetting. Dat kan hier!

Dertien rijen door Maatschappij Discordia en ’t Barre Land
(& gasten), nog tot en met 24 juni.

www.toneelschuur.nl