Rusland Poetin verstevigt zijn greep

Ver weg van Moskou

Moskou is bezig corrupte patriarchen in de Russische buitengebieden te vervangen door marionetten. Voor de bewoners van Kalmukkië, Tatarstan en Siberië maakt het weinig verschil. ‘Bijna niemand durft zijn mond open te doen.’

NABEREZJNIË TSJELNIE is een volgens een strakke planning gebouwde stad. De sovjetflats zijn gegroepeerd in identieke wijken, met elke wijk een eigen nummer, 66 in totaal. Hoe lager het nummer, hoe ouder de wijk. Alles is gebouwd rondom de Kamaz-fabriek, het grootste vrachtwagenmerk van Rusland. De meeste flats zijn in geen jaren onderhouden, en het geheel maakt een vervallen en grauwe indruk. Het is maandagmiddag en op een bankje in het park zitten twee jonge moeders. Met één hand wiegen ze de kinderwagen, in de ander houden ze een halve liter bier.
Dit is de tweede stad van de in de Oeral gelegen Russische autonome republiek Tatarstan, een van de rijkste en meest onafhankelijke regio’s van Rusland. Ira (57) merkt weinig van de rijkdom van haar republiek. Samen met haar bejaarde kat Rick bewoont ze een klein, schaars gemeubileerd tweekamerappartement in wijk 12 van Naberezjnië Tsjelnie. Het appartement is op de zesde etage en de zwaar verouderde lift piept. De grote metalen toegangsdeur is moeilijk te bereiken, omdat de flat en een deel van de straat al een week zijn afgezet met een rood lint. Ira wijst naar een van de bomen die gevaarlijk scheef hangt. ‘Ze gaan deze boom kappen en daarom hebben ze de omgeving afgezet.’ Twee dagen later is het lint verdwenen. De boom staat er nog steeds.
In Ira’s kleine keukentje is het gezellig. Een pot koolsoep op het fornuis, gordijnen met bloemmotief voor het raam. Ira draagt een modieuze jurk, hoge hakken en met zorg aangebrachte make-up. Maar haar grove handen verraden dat ze zwaar werk doet. Elke ochtend gaat ze met een oud trammetje, speciaal voor de Kamaz-arbeiders, naar de fabriek, waar ze motoronderdelen in elkaar zet. 'Mensen van mijn generatie interesseren zich niet meer voor politiek’, zegt ze. 'De politiek heeft ons nog nooit iets goeds gebracht. Wij hebben alles al zo vaak zien veranderen, eerst de Sovjet-Unie, daarna de puinhopen en de crisis tijdens Jeltsin, en nu Poetin en Medvedev. Wie weet wat ons morgen te wachten staat? Eigenlijk mag ik al twee jaar met pensioen, maar mijn pensioen is zesduizend roebel (ongeveer honderdvijftig euro - hdb). De huur van mijn flat is samen met de vaste lasten al vijfduizend roebel per maand. Ik overweeg om naar een dorpje te verhuizen, zodat ik een geit kan kopen en mijn eigen groente kan verbouwen. Maar wat als ik te oud word om in de tuin te werken? Ik weet tegenwoordig niet eens meer zeker of ik nog wel genoeg te eten heb op mijn oude dag.’

DE RUSSISCHE FEDERATIE bestaat uit 83 regio’s (federale subjecten), elk met een eigen gouverneur of president. Als eerste president van de Russische Federatie verkreeg Jeltsin aan het begin van de jaren negentig steun van de lokale elites door de regio’s onder het motto 'neem zo veel soevereiniteit als je kunt behappen’ een grote mate van autonomie toe te staan. Onder andere Kalmukkië en Tatarstan konden als kleine 'landjes’ met een sterke lokale elite hun eigen koers varen.
Toen Poetin president werd, veranderde alles. Na het gijzelingsdrama in Beslan in 2004 centraliseerde Poetin het politieke systeem volgens de 'de verticaal van de macht’ teneinde opstandige regio’s beter in bedwang te kunnen houden en de sterke machtsbasis van lokale elites te breken. Sindsdien worden lokale leiders niet langer gekozen door middel van regionale verkiezingen, maar benoemd door de president van Rusland. In 2005 verving Poetin een groot aantal gouverneurs. Sommige machtige gouverneurs wisten hun positie te behouden, al verloren ze wel een groot deel van hun autonomie. Dit jaar is het tijd voor de finale afrekening. De laatste regionale politieke zwaargewichten, die sinds de tijd van Jeltsin als vorsten over hun regio’s konden regeren, worden in hoog tempo vervangen. Ze maken plaats voor loyale types. De laatste in de rij is de ontslagen burgemeester van Moskou, Joeri Loezjkov.
Een veelgenoemde reden voor de grote schoonmaak van regionale leiders is dat Poetin schoon schip wil maken voor zijn herstart als president in 2012. Hij wil alvast alleen maar loyale lokale leiders in het zadel hebben, die het Kremlin door dik en dun steunen. Critici vrezen voor een verlies van de lokale autonomie en een schending van de federale structuur. Anderen juichen de machtswisseling toe en zijn juist blij eindelijk te worden verlost van hun lokale despoot, en hopen dat met vers bloed de plaatselijke situatie zal verbeteren. Maar aan de meeste Russen lijkt het politieke drama geheel voorbij te gaan. Het beste is om je zo min mogelijk met politiek bezig te houden.
Een van de meest prominente lokale patriarchen die recentelijk het veld heeft moeten ruimen is de in Moskou beruchte Mintimer Sjamijev. Zeventien jaar, tot maart 2010, mocht Sjamijev zich de president van Tatarstan noemen. Toen werd hij opzijgezet. Ira: 'Voor mijzelf zal er weinig veranderen. Ik heb wel gehoord dat er van het federale budget meer geld naar Moskou gaat. Natuurlijk vind ik dat niet kloppen, maar dit is al zo van oudsher. Ook in de Sovjet-Unie stond Moskou bekend als de plek waar de mensen het altijd beter hebben dan hier.’
Er is ook felle kritiek te horen op de groeiende invloed van Moskou. Zo kan Rasjit Achmetov, hoofdredacteur van de Tataarse krant Zvesda Povolzja, zich erg kwaad maken over het aftreden van Sjamijev. De twee kamers tellende redactie is tevens het huis van Achmetov en doet daarnaast dienst als opslag voor de duizenden vergeelde kranten die overal in slordige hopen liggen opgestapeld. Met zijn wilde baard en versleten kleren leeft Rasjit voor zijn krant. Hij volgt de politiek nauwkeurig: 'Tatarstan heeft een bloeiende industrie. Na de val van de Sovjet-Unie had Tatarstan de wens om net als de Baltische staten onafhankelijk te worden. Er was in die tijd een sterk Tataars nationalisme. Het was dan ook een grote teleurstelling dat we deel moesten blijven uitmaken van de Russische Federatie. Jeltsin gaf de regio’s echter de mogelijkheid een grote mate van autonomie te bewaren. Onze constitutie verschilde op verschillende punten van de federale constitutie en de inkomsten van de olie en economie bleven in Tatarstan. Iedereen is bang dat als Poetin weer aan de macht komt dit nog meer ten koste zal gaan van de democratie. Voor Tatarstan zal dit niet goed zijn. Hoe meer het systeem in het Kremlin zal worden gecentraliseerd, hoe meer geld er richting Moskou zal stromen.’
Een van de pijnpunten zijn de belastinghervormingen van Poetin, die door het Kremlin gebruikt konden worden om de grip op de regio’s te versterken: 'Elk jaar produceert Tatarstan voor vijftien miljard dollar aan olie. Daarnaast hebben we de Kamaz-fabriek. Moskou daarentegen produceert niets. Sinds de belastinghervormingen van Poetin moeten we het grootste deel van onze omzet als belasting afdragen. Slechts een klein percentage komt daarvan terug. Dat wringt. Het inkomen in Moskou ligt vele malen hoger dan in Tatarstan. Maar het is voor het grootste deel op onze rekening dat ze in Moskou een luxe leventje kunnen leiden.
Sjamijev wist zelfs na 2005 nog wel wat tegenwicht te bieden aan het Kremlin. Zijn troef was het Tataars nationalisme. Hij dreigde Moskou ermee dat alleen hij dit nationalisme in bedwang kon houden. Zo kon hij zijn eigen positie versterken, en in Tatarstan was hij populair. De nieuwe president, Minnichanov, zal waarschijnlijk loyaler zijn aan Moskou. Daar komt bij dat hij de voorzitter is van de raad van bestuur van de grootste oliemaatschappij van Tatarstan. Het Kremlin kan zo nog meer invloed krijgen op de lokale economie.’
Vanuit de bevolking wordt weinig weerstand geboden, zowel tegen de lokale corruptie als tegen het gezag van het Kremlin. Volgens Sergej Orlov is die passieve houding tekenend voor Rusland. Orlov is historicus en journalist. In 2010 kreeg hij van het Europees Parlement de Sacharov-prijs voor de vrijheid van denken. 'Elke week publiceer ik artikelen op internet over de politieke situatie, maar ik heb vaak het gevoel dat er in het buitenland meer aandacht voor is dan hier. Er zijn maar weinig mensen die mijn artikelen lezen.’
Jongeren van Tataarse afkomst maken zich vooral druk om het behoud van de Tataarse cultuur. Slechts weinig mensen in Tatarstan spreken de taal nog en de angst bestaat dat de Tataren vanuit Moskou steeds verder gerussificeerd zullen worden. Een groep jonge Tataren probeert dit tegen te gaan door zich actief te verdiepen in de Tataarse cultuur en godsdienst. Het is een gematigd nationalisme, maar het uit zich niet in politieke betrokkenheid. 'Sjamijev heeft uiteindelijk weinig gedaan voor de Tataarse cultuur’, zegt Ildar (23). 'Hij gebruikte het nationalisme voor zijn eigen machtspositie. Daarom staat de Tataarse identiteit voor mij los van politiek. Politiek is een vies spelletje.’
De jeugd in Rusland is minder makkelijk te beïnvloeden door de propaganda op de staatstelevisie. De meeste jonge mensen vertrouwen de televisie al lang niet meer. Als je de waarheid wil weten, moet je die zoeken op internet. Hoewel er al verschillende kritische bloggers zijn aangeklaagd en veroordeeld, is internet nog steeds een ongecensureerde bron van informatie. Maar hoe meer kennis van het politieke spel, hoe groter het gevoel van teleurstelling en frustratie.
Daarnaast is er de voor iedereen zichtbare corruptie van ambtenaren. Met baantjes bij de overheid, zoals de politie, kun je gemakkelijk veel geld verdienen. Medvedev beloofde na zijn aantreden als president de corruptie aan te pakken. Maar tot nu toe is er weinig veranderd en mensen hebben niet veel vertrouwen in het overheidssysteem. 'Binnen mijn persoonlijke leven voel ik mij vrij. Maar als ik mij bezig zou houden met politiek en openlijk kritiek zou uiten weet ik dat ik in de problemen zou komen. En waarvoor? Er verandert toch nooit iets. Ik richt mij liever op mijn eigen leven’, vertelt Misja (27).

HOE VERDER van Moskou, hoe negatiever mensen zich uitlaten over het Kremlin en de politici in Moskou. In de Siberische Autonome Republiek Altai heerst een uitgesproken negatieve stemming. André werkt als buschauffeur. Hij rijdt zijn bus door het grootse Siberische landschap, met kleine armoedige dorpjes, houten huisjes en uitgestrekte naaldwouden. De weg is slecht en vloekend stuurt hij de bus in een slalom langs de grote gaten. André heeft een hekel aan zijn werk. Hij is 36 jaar, maar in zijn versleten blauwe trainingspak, met zijn gewicht van honderd kilo en met zijn gezwollen en gegroefde gezicht lijkt hij minstens vijftig. Mannen worden in Rusland gemiddeld 59 jaar. Met zestig mogen ze met pensioen. André ziet eruit alsof hij niet lang van zijn pensioen zal kunnen genieten - als hij dat al haalt. 'Een paar jaar geleden woog ik 125 kilo, door de alcohol. Nu probeer ik minder te drinken.’
Dat lukt niet altijd. Zo gauw we het eindpunt hebben bereikt en André zijn bus heeft geparkeerd, gaat hij op zoek naar een café. De dorpskroeg zit vol met drinkende mannen en uit de luidsprekers klinkt Russische popmuziek. Vanachter een fles wodka en een bord pelmeni, een soort Russische ravioli die hij onderdompelt in de mayonaise, vertelt André zijn ideeën over de Russische politiek: 'Moskou is geen Rusland, het is een land apart. Maar al het geld verdwijnt die kant op. In Moskou rijden mensen dure auto’s en dragen ze dure kleding. Voor ons wordt niets gedaan. Er wordt nauwelijks geïnvesteerd in de lokale economische ontwikkeling, en de werkloosheid is groot. Dat is de reden waarom alcoholisme hier zo'n groot probleem is. Als je geen vooruitzicht hebt, ga je drinken.’
Er zijn ook regio’s waar opluchting heerst dat de oude lokale machthebbers zijn afgezet door Moskou. Neem de autonome republiek Kalmukkië. Net als Altai is Kalmukkië een van de armste gebieden van Rusland. De bevolking stamt af van de Mongoolse nomaden die vierhonderd jaar geleden richting Rusland zijn getrokken en sindsdien met hun kuddes schapen over het weidse steppelandschap zwerfden van Kalmukkië, gelegen tussen de Kaukasus en de Wolga. Maar sinds de Sovjet-Unie hebben de meesten hun nomadentent ingeruild voor een woning in een sovjetflat. Hun godsdienst hebben ze behouden en nog steeds is Kalmukkië de enige boeddhistische republiek van Europa. In de hoofdstad Elista kun je tussen alle typische grijze sovjetgebouwen dan ook overal in felle kleuren beschilderde boeddhistische altaren en kapelletjes vinden. De trots van Elista is de in het centrum gebouwde grootste boeddhistische tempel op Europees grondgebied. Bij de ingang staat een traditionele nomadentent. Wit gekleurd en rond van vorm. Binnen kun je de Kalmukse thee drinken, gekookt met boter en zout.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog deporteerde Stalin de gehele Kalmukse bevolking naar Siberië. Zonder onderdak en zonder voedsel, met temperaturen tot min 45, bleek nog maar de helft van de bevolking in leven toen ze uiteindelijk in 1957 weer mochten terugkeren. Iedereen ouder dan 53 is geboren in Siberië of gedeporteerd, en kan verhalen vertellen over gestorven familieleden en onmenselijke leefomstandigheden. Maar de Kalmukken zijn een gemoedelijk en vergevingsgezind volk en veel wroeging over het verleden lijkt er niet te zijn.
De gemoederen in Kalmukkië worden beziggehouden door heel wat anders, namelijk de mededeling van begin september dat Medvedev de ambtstermijn van hun president Kirsan Iljoemzjinov niet verder zal verlengen. Iljoemzjinov bezit de twijfelachtige eer boven aan de ranglijst te staan van de meest excentrieke en corrupte politici van Rusland. Eerder dit jaar haalde hij het wereldnieuws nadat hij in een tv-interview vertelde dat hij in 1997 ontvoerd zou zijn geweest door ruimtewezens.
Op de redactie van de onafhankelijke krant Sovjetskaja Kalmikija vieren ze een feestje na het horen van het nieuws over het einde van zijn ambtstermijn. De hoop was groot dat Medvedev zou besluiten een nieuwe leider aan te stellen in de republiek. Onder de greep van Iljoemzjinov lijkt Moskou ver weg en hier is het dan ook niet het Kremlin dat als schuldige wordt aangewezen voor de gebrekkige economische ontwikkeling en democratie in Kalmukkië, maar Iljoemzjinov.
Het voornaamste doel van de krant Sovjetskaja Kalmikija was het onder de aandacht brengen van het wanbeleid van de Kalmukse president. Maar journalistiek bedrijven in Kalmukkië is geen ongevaarlijke bezigheid. Elke redacteur kan zijn eigen persoonlijke verhaal vertellen over bedreigingen, geweld en nachten doorbrengen in de cel. Zo is de journalist Vitali Shoelenin een beetje doof, al is hij nog geen veertig. Een half jaar geleden werd hij bij zijn appartement opgewacht door een zestal mannen. Nadat deze op hem ingeslagen hebben kan hij niet meer zo goed horen met zijn rechteroor. Het is al de derde keer dat hij in elkaar is geslagen - op verschillende plekken in zijn gezicht zijn littekens zichtbaar. In 1998 werd Larisa Judina, de toenmalige hoofdredactrice van de krant, thuis in haar appartement met een mes vermoord.
'Toen in 1993 Iljoemzjinov op dertigjarige leeftijd werd gekozen als president maakte hij allemaal wilde beloftes’, vertelt Valeri Badmajev, de huidige hoofdredacteur van Sovjetskaja Kalmikija. 'Een bloeiende industrie, een haven met toegang tot de Kaspische zee, en een internationaal vliegveld. Het leven in Kalmukkië zou worden als in Koeweit. Een soort paradijs op aarde. De dag voor de verkiezingen beloofde hij iedereen die op hem zou stemmen honderd dollar, en een mobiele telefoon voor elke herder. De honderd dollar en die telefoon hebben de mensen echter nooit gekregen. Net zo min als dat het leven hier ook maar iets weg heeft van dat in Koeweit. Er is geen industrie en geen werk, terwijl deze regio genoeg potentie heeft. De bodem is rijk aan grondstoffen, maar Iljoemzjinov weigert te investeren.’

VOOR ZICHZELF heeft Iljoemzjinov echter goed gezorgd. Als multimiljonair is hij de trotse eigenaar van zes Rolls-Royces, maar het liefst wordt hij vervoerd in zijn privé-vliegtuig. Schaken is de grote liefde van de president en geen enkele inspanning of uitgave is te veel voor zijn persoonlijke hobby. Op de scholen maakte Iljoemzjinov schaken een verplicht vak en in 1998 haalde hij de schaakolympiade naar Kalmukkië. Om de olympiade te kunnen huisvesten besloot hij tot de bouw van een van zijn meest omstreden projecten: een volledig schaakdorp, compleet met villawijk, zwembad, en schaakarena. Niemand weet het precies, maar de schattingen van de kosten voor de bouw van dit schaakwalhalla liggen tussen de vijftig en honderd miljoen euro. Maar Konstantin Parsoenko (45), de dienstdoende bewaker, is trots op het schaakdorp: 'Vroeger had niemand iets te zoeken in Elista, maar nu komen er regelmatig bussen met toeristen. Ik kan trots zijn op Elista en daar ben ik Iljoemzjinov dankbaar voor. Natuurlijk is hij corrupt, maar wie niet? Wat zou jij doen in zijn positie? Jij zou toch ook zorgen dat je het zelf goed hebt? En dat je vrienden en familie heb goed hebben? Dat is logisch.’
Elke maand werd er op het centrale Lenin-plein gedemonstreerd tegen de macht van Iljoemzjinov, maar de opkomst was meestal laag. Toen in 2004 bekend werd dat in het vervolg Poetin zou besluiten over het aanblijven van lokale leiders, werd een grootschalige demonstratie georganiseerd tegen de macht van Iljoemzjinov, waar ongeveer tweeduizend mensen op afkwamen. Eindelijk leek de kans te bestaan dat Iljoemzjinov onder druk van het Kremlin zou moeten aftreden. De politie sloeg deze demonstratie hardhandig uit elkaar. Vele demonstranten raakten gewond, twee overleefden het niet en ongeveer honderd mensen werden gearresteerd. Het bleek voor niets, want uiteindelijk besloot Poetin dat Iljoemzjinov zijn functie mocht behouden. Na deze demonstratie durfden nog maar weinigen hun stem te laten horen.
Volgens Valeri Badmajev zijn ondanks het feit dat Iljoemzjinov in 2006 mocht blijven, de zaken in Kalmukkië toch aanzienlijk verbeterd sinds de macht van Poetin. 'Politie en rechtspraak worden nu meer gecontroleerd door het Kremlin. Dat gaf Iljoemzjinov minder kans tot gewelddadigheden tegen de bevolking. Hij had geen alleenheerschappij meer. Als hij echt te ver ging wist hij dat hij ter verantwoording kon worden geroepen.’
In de hal van een openbaar gebouw wil Sergej niet praten als het gesprek op politiek komt. Hij legt zijn vinger op zijn mond en wijst om zich heen. Bij hem thuis legt hij uit waarom: 'Ik ben bang dat er afluisterapparatuur verstopt zit, en ik wil niet in de problemen komen.’ Sergej heeft rechten gestudeerd, maar kan nergens aan het werk komen omdat hij niet de juiste mensen kent. Daarom rijdt hij maar wat rond in zijn auto, om hier en daar wat geld te verdienen. 'Mensen zijn bang. Bijna niemand durft hier zijn mond open te doen. Maar ik hoop dat met een nieuwe president de situatie zal veranderen. Misschien wordt het beter, misschien slechter. We zullen zien.’