Het Israëlisch-Palestijnse conflict op ramkoers

Vergeet het maar, vrede

Volgende week vraagt de Palestijnse Autoriteit het lidmaatschap van de Verenigde Naties aan. Volgens Israël is dat een zinloze exercitie. Eigenlijk wil niemand een oplossing van het conflict.

JERUZALEM - Blij nieuws over het Midden-Oosten, laatst in Le Figaro. Israël en de Palestijnse Republiek hadden vrede gesloten en leefden in harmonie. Economisch was de hele regio geweldig in expansie. Alles dankzij de inspanningen van de Amerikaanse oud-president David Petraeus, winnaar van de Nobelprijs voor de vrede 2021. Le monde dans 20 ans stond boven het stuk. Het is ‘het scenario waarvan iedereen zou willen dat het werkelijkheid wordt’.
Is dat wel zo? Snakt echt iedereen naar een oplossing van het overjarige maar nog altijd actuele Israëlisch-Palestijnse conflict? Ik heb niet de indruk. Stel je het onvoorstelbare voor, vrede. De Iraanse ayatollah’s en de Arabische Israël-haters zouden dan hun geliefde bliksemafleider kwijt zijn. De half miljoen joodse kolonisten in de bezette Palestijnse gebieden, pardon, de omstreden regio’s Judea en Samaria, zouden hun door God en de Israëlische regering gegeven land moeten opgeven. Deze regering zou haar bevolking niet meer kunnen chanteren met de angst voor militaire of terroristische aanvallen van de vijandige buitenwereld. Nee, er zijn op het chaotische politieke toneel in het Midden-Oosten spelers genoeg die bij vrede veel te verliezen hebben.
De moeder van alle Midden-Oosterse conflicten begon met de resolutie in 1947 waarin de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties opriep tot de verdeling van het Britse mandaatgebied Palestina in een Arabische en een joodse staat. Het jaar daarop riep David Ben-Goerion de staat Israël uit, onmiddellijk gevolgd door wat de Israëliërs de Onafhankelijkheidsoorlog noemen en de Palestijnen de Naqba (Catastrofe). Volgende week, vele oorlogen en mislukte vredesbesprekingen verder, willen ook de Palestijnen hun staat van de grond tillen. Op de jaarbijeenkomst van de Algemene Vergadering zal Mahmoud Abbas, president van de vlees-noch-vis-constructie die Palestijnse Autoriteit heet, de lidmaatschapsaanvraag van Palestina indienen. Deze zou de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook moeten omvatten, met als hoofdstad Oost-Jeruzalem. Israël en de Verenigde Staten zijn fel gekant tegen dit 'eenzijdige’ Palestijnse initiatief. Het is even eenzijdig als dat van Ben-Goerion in 1948.
In de Algemene Vergadering is een - waarschijnlijk haalbare - tweederde meerderheid van 129 stemmen nodig wil Palestina worden toegelaten als lidstaat. Een alternatief is een opvijzeling van de status van Palestina - die in de VN nu nog een 'entiteit’ is zoals het Internationale Rode Kruis en het Internationaal Olympisch Comité - tot die van niet-lidstaat met de status van waarnemer, zoals het Vaticaan. Die upgrading van entiteit tot staat, die waarschijnlijk de steun krijgt van de 27 EU-landen, levert voor de Palestijnen grote voordelen op. Ieder land dat voor de resolutie stemt, spreekt zich daarmee automatisch uit tegen de bezetting van de ene soevereine staat door een andere. In toekomstige onderhandelingen met Israël hebben de Palestijnen, ook al zijn ze nog geen volwaardig VN-lid, dus een sterkere positie. Ze kunnen lid worden van VN-organisaties zoals de Unesco - van belang vanwege de status van de oude binnenstad van Jeruzalem, een cultureel werelderfgoed. En ze zouden Israël kunnen bedreigen met een aanklacht bij het Internationaal Strafhof wegens oorlogsmisdaden, waartoe ook het koloniseren van bezet gebied behoort. De Palestijnen zouden dan eindelijk kunnen optreden tegen de kolonisten, die er een gewoonte van maken om Palestijnen aan te vallen, moskeeën en Palestijnse bezittingen te verbranden of te beschadigen, zich meester te maken van Palestijnse grond of Palestijnse olijfbomen om te hakken.
Jammer dat de besluiten van de Algemene Vergadering niet bindend zijn. En waren ze dat wel geweest, dan nog zou de Israëlische regering zich er in dit geval niets van aantrekken. Jammer ook dat een eventuele resolutie om Palestina als onafhankelijke staat tot de VN toe te laten door de Veiligheidsraad nietig zal worden verklaard, omdat de Verenigde Staten daartegen een veto zullen uitspreken. Want hoe belabberd de relaties tussen Obama en de Israëlische premier Netanyahu ook zijn, de Amerikaanse president wil geen Palestijnse staat die niet het resultaat is van een Palestijns-Israëlisch akkoord. Hij wil niet dat Amerika’s strategische bondgenoot Israël voor het Internationaal Strafhof wordt gedaagd of dat een onafhankelijk Palestina militaire allianties gaat sluiten. Hij blijft erbij dat het internationale debuut van de Palestijnse staat het resultaat moet zijn van onderhandelingen met Israël en niet van een 'unilaterale’ actie van de Palestijnen.

ALWEER JAMMER: onderhandelingen tussen Israëliërs en Palestijnen leveren al dertig jaar niets op, en zelfs als last minute-pogingen van de Amerikanen of van het door Tony Blair vertegenwoordigde Kwartet (VN, VS, EU en Rusland) mochten lukken om de partijen weer aan de onderhandelingstafel te krijgen, dan zal dat in de huidige constellatie opnieuw tot niets leiden. Want de maximale concessies waartoe de ene partij bereid is, zijn geringer dan de minimumeisen van de andere. Zo eisen de Palestijnen minimaal de stopzetting van de bouw van nederzettingen in hun eigen gebied en een terugkeer naar de grenzen van vóór de Zesdaagse Oorlog van 1967, met een gelijkwaardige compensatie voor de stukken land die Israël in de huidige bezette gebieden wil houden.
Uitgerekend de laatste weken heeft de Israëlische regering demonstratief besloten er een paar duizend nieuwe huizen voor kolonisten bij te bouwen. Zo komen er in de beoogde Palestijnse staat almaar nieuwe enclaves bij, die steeds meer Palestijns grondgebied wegknagen. Het moment is nabij dat er uit deze territoriale lappendeken geen fatsoenlijke staat meer te vormen is en het aantal kolonisten te groot is om ze weer in het eigenlijke Israël op te nemen. Zo'n fait accompli is dan precies waar de Israëlische regering op uit is, en dan vooral de sterke man in het kabinet, minister van Buitenlandse Zaken Avigdor Lieberman.
Deze extreem-rechtse ijzervreter, die zelf als kolonist in de bezette gebieden woont, is in de rest van de wereld niet geïnteresseerd. Veel recente gebeurtenissen die geleid hebben tot Israëls internationale isolement dragen zijn stempel, nog afgezien van zijn antidemocratische wetsvoorstellen tegen veronderstelde binnenlandse vijanden. In een tijd waarin de hele constellatie in het Midden-Oosten aan het kantelen is en Israël meer dan ooit behoefte heeft aan visie wordt in Jeruzalem de dienst uitgemaakt door een bekrompen sektariër.
Voor Lieberman is de staat Palestina onbestaanbaar, laat staan een Palestina binnen de grenzen van vóór de Zesdaagse Oorlog. Als er niettemin één element van het frustrerende vredesproces communis opinio is geworden, dan is het wel dat Israël zich uit de bezette gebieden moet terugtrekken. De Veiligheidsraad van de VN drong daarop al aan in 1967, een half jaar na de Zesdaagse Oorlog. Dat was ook afgesproken in de Akkoorden van Oslo van 1993, die ten onder gingen na de moord op de Israëlische premier Rabin in 1995. Het stond ook centraal tijdens de top in Camp David in 2000, die stukliep op het verzet van de Palestijnse leider Arafat. Zijn opvolger Abbas zou er graag genoegen mee hebben genomen. Dit jaar heeft Obama het tegenover Netanyahu herhaald: terugtrekking van Israël binnen de grenzen van vóór de Zesdaagse Oorlog. Netanyahu heeft er geen boodschap aan. Unverfrohren heeft hij tegen Obama gezegd dat die grenzen, waar op het smalste stuk hemelsbreed maar vijftien kilometer tussen zat, onverdedigbaar zijn. Klinkklare onzin: in 1967 wist het Israëlische leger die grenzen niet alleen uitstekend te verdedigen tegen een offensief van Egypte, Jordanië en Syrië, maar ze ook aanmerkelijk te verleggen ten koste van de drie verliezers.
Het is onderhand overduidelijk dat de tandem Netanyahu-Lieberman helemaal geen regeling met de Palestijnen wil. Netanyahu heeft het op zijn manier ook gezegd: het conflict is gewoon onoplosbaar, en dat is volgens hem de schuld van de Palestijnen. Abbas, zegt hij, hoeft alleen maar de woorden 'ik erken Israël als joodse staat’ uit te spreken, en de onderhandelingen kunnen direct worden hervat. Netanyahu weet dat dat een onmogelijke eis is. Abbas’ Fatah-beweging erkent al lang het bestaansrecht van Israël, maar als ze het ook als joodse staat zou erkennen, dan zou ze de Arabische minderheid in Israël, twintig procent van de bevolking, degraderen tot tweederangs burgers.
En ze zou de oude eis over de terugkeer van de (nazaten van de) driekwart miljoen Palestijnen die na de stichting van Israël over de kling werden gejaagd, wel kunnen vergeten. Het aantal nakomelingen is inmiddels opgelopen tot zo'n vijf miljoen, van wie de meesten wonen in permanente vluchtelingenkampen in Syrië, Libanon, Jordanië en de Gazastrook. De Palestijnse regering zou genoegen nemen met de terugkeer van slechts een symbolisch aantal, maar het gaat om het principe van eerherstel voor de slachtoffers van de etnische zuivering. Overigens wordt ook in Israël zelf stevig gediscussieerd over de vraag of het nu wel zo verstandig is het land te kwalificeren als een joodse staat.

DE ISRAËLISCHE regering beweert dat Abbas’ gang naar New York een zinloze exercitie is, die niets zal veranderen aan de bestaande situatie. Je zou het niet zeggen als je ziet hoe Netanyahu en de zijnen de afgelopen maanden met weinig succes bezig zijn geweest de stemming in de VN te voorkomen of te beïnvloeden. President Peres en minister Barak van Defensie hebben, ieder apart, Abbas onder vier ogen tevergeefs bezworen niet naar de VN te gaan. Lieberman heeft al de Apocalyps aangekondigd in de vorm van 'ongekende bloedbaden’ die de Palestijnen zouden gaan aanrichten.
Komt er een derde intifada? De stemming onder de Palestijnen lijkt daar niet naar. Abbas en de andere Fatah-leiders kunnen nog zo verzekeren dat ze het geweld voorgoed hebben afgezworen en dat de demonstraties volgende week in de bezette gebieden vreedzaam zullen zijn, de hardliners in Israël geloven er niets van. Het Israëlische leger bereidt zich dus voor op het onderdrukken van Palestijnse opstanden die na de gang naar de VN kunnen uitbreken. Kolonisten krijgen militaire training en worden uitgerust met traangasbommen en bedwelmingsgranaten, voor als de Palestijnen de nederzettingen bestormen. De kolonisten kunnen hulp verwachten van de extreem-rechtse joodse terreurbeweging Kach, die in Frankrijk vechtersbazen ronselt. In Israël zelf is Kach verboden.
Het treurige is dat het allemaal voorkomen had kunnen worden als Israël een regering had gehad met iets meer dan een tunnelvisie. Een regering die had ingezien dat een tweestatenoplossing niet alleen in het voordeel is van de Palestijnen, maar ook van Israël zelf. Want het alternatief voor zo'n oplossing, één enkele staat voor Israëliërs en Palestijnen, is voor beide partijen een onding. De Palestijnse bevolking en de Arabische minderheid in Israël groeien een stuk sneller dan het aantal joodse Israëliërs. In korte tijd zouden die dan een minderheid worden in eigen land. En wat dan? Hoe zouden de joden hun suprematie moeten handhaven? Door een apartheidsregime? Door massaal hun toevlucht te nemen tot repressie? Door hun democratie op te offeren aan hun veiligheid?
Juist omdat hij dat allemaal niet wilde koos Rabin destijds voor een tweestatenoplossing. Veel fanatieke Israëliërs waren daar fel tegen. Er is een foto van een demonstratie waarin een nep-doodskist van de 'verrader’ Rabin wordt rondgedragen. Een van de applaudisserende aanwezigen is Benjamin Netanyahu. Een paar maanden na de moord op Rabin door een joodse kolonist kwam Netanyahu aan de macht.

DE TEGENSTANDERS van een akkoord met de Palestijnen spelen een formidabel argument uit: erkenning van Palestina houdt automatisch erkenning in van Israëls aartsvijand Hamas, dat met zijn periodieke raketbeschietingen vanuit Gaza van zijn anti-Israëlische hart geen moordkuil maakt. Bovendien botert het niet tussen Fatah en Hamas. Weliswaar is hun broederoorlog, die uitbrak na de zege van Hamas in de Palestijnse verkiezingen van 2006, in mei van dit jaar geëindigd in een formele verzoening, maar het wantrouwen is gebleven. Eigenlijk wil Hamas niet meewerken aan een nieuwe Palestijnse eenheidsregering, en helemaal niet als de huidige premier van de Palestijnse Autoriteit, Salam Fayyad, ook premier wordt van de nieuwe regering zoals Abbas wil. Fayyads reputatie van gematigdheid is voor Hamas juist zijn grootste gebrek.
Toch lijken er mogelijkheden te zijn voor verbetering. De PLO van Arafat, zei onlangs een gepensioneerde Israëlische legerchef, was vroeger niet veel anders dan Hamas nu. Hij pleitte voor vredesbesprekingen. Israël zou het klimaat daarvoor rijp kunnen maken door de blokkade van Gaza op te heffen en door een genereus aantal Hamas-gevangenen vrij te laten, in ruil voor de vrijlating van de in 2006 door Hamas ontvoerde Israëlische soldaat Gilad Shalit.
Maar er is meer. Hamas-leider Khaled Mashaal, overlevende van een in 1997 door Netanyahu bevolen moordaanslag, heeft gemerkt dat de dagelijkse bestuurstaken in Gaza niet goed te rijmen zijn met het voeren van een militair offensief tegen Israël. Hij doet moeite de nog veel radicalere terroristische groepjes die vanuit Gaza Israël bestoken, in toom te houden. Er is zich in Gaza een middenklasse aan het vormen die in plaats van raketten op Israël en Israëlische vergeldingsacties rust en comfort wil. Hamas zal daar rekening mee moeten houden. En Israël zal moeten ophouden om Hamas te gebruiken als een voorwendsel om zich vast te blijven klampen aan de status-quo.
Status-quo? Sinds mensenheugenis is het Midden-Oosten niet zo in beroering geweest als nu, en die beroering heeft uitgerekend in deze dagen Israël bereikt. Het is volop crisis met Egypte en Turkije, tot voor kort Israëls twee belangrijkste regionale bondgenoten. De vrede met Egypte is dubieus geworden na de woeste reacties van Egyptische demonstranten op de dood van zes Egyptische veiligheidsagenten vorige maand. Ze waren, we mogen aannemen bij vergissing, doodgeschoten door Israëlische militairen die in actie waren gekomen na een terroristische aanslag bij Eilat.
Turkije heeft zijn relaties met Israël praktisch verbroken als vergelding voor de Israëlische weigering excuus aan te bieden voor de gewelddadige dood van negen opvarenden - acht Turken en een Amerikaan van Turkse achtergrond - op het Turkse schip dat vorig jaar deelnam aan het Gaza-flottielje. Netanyahu had eventueel wel excuus willen aanbieden, maar daar stak de ultrahavik Lieberman een stokje voor. Lieberman is zelfs in de tegenaanval gegaan. Hij heeft de Turkse premier Erdogan gedreigd met absurde represailles: steun aan de Armeense lobby in de VS en Israëlische militaire hulp aan de Koerdische afscheidingsbeweging PKK.
De Amerikaanse regering steunt Israël wel, maar Netanyahu niet meer. Via oud-minister Gates van Defensie heeft ze laten weten hem een 'ondankbare bondgenoot’ te vinden die Israël in een isolementspositie heeft gemanoeuvreerd. Zelfs de Israëlische geheime diensten, zo is afgelopen maandag uitgelekt, willen een heropening van de onderhandelingen met de Palestijnen om Israël te verlossen van zijn dreigende pariastatus. Maar hoe kan dat zolang Netanyahu aan de macht is? De premier loopt aan de leiband van Lieberman van wie het voortbestaan van zijn regering afhangt. Zijn steun onder de bevolking is echter danig afgekalfd. Deze zomer heeft Israël massaal betoogd voor sociale rechtvaardigheid, met als apotheose de demonstraties van 3 september, die landelijk 450.000 mensen op de been brachten.
De protestbeweging verplaatst zich nu van de tentenkampen naar duizend openbare discussieforums die iedere zaterdag in een kleine dertig steden zullen plaatsvinden. Het kan niet uitblijven dat daar een link wordt gelegd met de buitensporige uitgaven voor het leger, de bezetting van de Westelijke Jordaanoever en het bouwen en onderhouden van de nederzettingen. Kortom, sociale rechtvaardigheid is niet mogelijk zonder vrede. Gewapend met dat inzicht zullen de Israëliërs, als het dan nog niet te laat is, in nieuwe verkiezingen een regering aan de macht kunnen helpen die het nationale belang beter begrepen heeft dan de huidige.