Hoofdcommentaar: België

Verliezer Verhofstadt

Op grond van hun glunderende groepsfoto’s zou je het niet zeggen, maar de Vlaamse libe ralen onder leiding van premier Guy Verhofstadt hebben gefaald. Ze behoren tot de winnaars van de Belgische verkiezingen (voor de vijfde keer op rij sinds 1987) en kunnen bijna zeker verder regeren, maar de politieke hoofdprijs ging aan hun neus voorbij.

Na zijn zege in 1999 verbond Verhofstadt namelijk zijn politieke lot aan het resultaat van het Vlaams Blok in 2003: «Je mag het succes van deze regering afmeten aan de eventuele neergang van het Vlaams Blok», zei hij toen. «Als we dit regeerakkoord uitvoeren, wordt een groot deel van de wrevel over het voorgaande beleid opgelost.» Het lijkt flauw om een politicus vast te pinnen op woorden van vier jaar geleden, maar in dit geval is het gewettigd. Verhofstadt is geen doorsnee politicus, hij is een visionair die zich ten doel stelt een eind te maken aan de opmars van de anti-politiek in Vlaanderen.

In 1999 maakte hij eigenhandig een eind aan het verstikkende corporatieve regime van socialisten en christen-democraten. Dit regime was na een reeks schandalen geslonken tot een hulpeloze kliek van oudgediende mannen met uitgediende opvattingen, maar pas met het aantreden van Verhofstadt en zijn Waalse evenknie Louis Michel kwam er een alternatief in zicht.

De socialisten moesten hun programma en partijorganisatie drastisch hervormen om de liberalen te kunnen bijbenen. De doorbraak van een nieuwe generatie Vlaamse socialisten onder leiding van Steve Stevaert is vooral te danken aan de dwingende uitdaging van Verhofstadt, niet aan de welwillende goedkeuring van Stevaerts voorganger, de politieke brulaap Louis Tobback.

In Wallonië voltrok de hervorming zich weliswaar onder leiding van een oudgediende, maar dan wel een bijzondere. Elio di Rupo is behalve een charismatisch en erudiet man ook een toonbeeld van homo-emancipatie. Hij heeft als een leeuw gevochten om gevrijwaard te blijven van de schandaalsfeer waarmee wijlen Fortuyn ten onzent zo graag koketteerde. Het gevolg was dat hij binnen (en soms in strijd met) zijn partij uitgroeide tot een moderne socialist voor wie de scheiding tussen het publieke en particuliere domein onaantastbaar is.

De christen-democraten zakten roemloos weg in de oppositie en daarin blijven ze de komende vier jaar vrijwel zeker hangen. Ze gaven zichzelf de spannende naam cd&v (oftewel «Christen-democratisch en Vlaams») en herschreven hun programma, maar vergaten een andere leider te kiezen. Hun aanvoerder Stefaan De Clerck is nog minister van Justitie geweest onder Jean-Luc Dehaene (denk: Agusta-omkoopschandaal, Dutroux, spaghetti-arrest, dioxineschandaal, hormonenmaffia et cetera). Aan de vooravond van de verkiezingen zei De Clerck nota bene dat het tijd werd om het cordon sanitaire rond het Vlaams Blok op te heffen, hetgeen aangeeft hoezeer de nieuwe partijnaam is bedoeld als een opening naar rechts.

Ook de groene partijen, die nog te veel het stempel van de one issue-partij dragen, zijn mede dankzij Verhofstadt weggevaagd. Het Vlaamse Agalev en het Franstalige Ecolo konden meeregeren en die weelde konden ze niet aan. Het is zuur, maar Ste vaert heeft in zijn eentje meer gedaan voor het milieu dan alle groenen bij elkaar door een experiment met gratis openbaar vervoer in zijn stad Hasselt af te dwingen. De groenen hieven te vaak hun vingertje naar de andere regeringspartijen. «Deze impliciete arrogantie vraagt om een klets», schreef een commentator in De Financieel Economische Tijd. Welnu, die klets is hard aangekomen. Agalev-voorzitter Jos Gysels is afgetreden, de partijvernieuwing kan per direct beginnen.

Verhofstadts België is een werk in aanbouw. Het land is niet in vier jaar tijd veranderd in een paradijs, maar het oogt niet meer als een filiaal van de onderwereld. Een partijkaart is niet langer een garantie voor een benoeming. Sociale akkoorden worden niet meer bedisseld in vakantiehuisjes. Rechters, onderwijzers en burgemeesters kunnen functioneren zonder de voortdurende druk van de christen-democratische zweetvoet in hun nek.

Helaas is de neergang van het Vlaams Blok uitgebleven. Het Blok haalde achttien procent van de Vlaamse stemmen en krijgt er drie zetels bij. De groei was te danken aan het platteland en niet aan de binnensteden waar het Blok tot nog toe de meeste aanhang heeft gevonden.

Daar staat tegenover dat Verhofstadt ook het Blok enige manieren heeft bijgebracht. De partij heeft het racistische zeventig-puntenprogramma afgeschaft en Dewinter heeft tegenwoordig de mond vol van «integratie» en niet, zoals voorheen, van «illegalen» en «gedwongen uitzetting». Het Blok speelde tijdens de campagne geen enkel ogenblik een rol en de enige die er aansluiting bij zoekt, namelijk De Clerck, moest het bezuren. Zelfs de thema’s van het Blok domineerden ditmaal niet de verkiezingsstrijd. Dat was vier jaar geleden wel anders. Toen riepen Tobback en De Clerck om het hardst dat illegalen per militair vliegtuig moesten worden gedeporteerd.

Misschien brengt die verandering van toon Verhofstadt toch nog de overwinning. Als geboren politicus weet hij dat politiek succes niet wordt afgemeten aan de resultaten die je behaalt ten koste van andere partijen, maar aan de veranderingen die je teweegbrengt in de boezem van die andere partijen. En hopelijk krijgt het Blok over vier jaar zijn eigen klets.