Economie

Vermeend

‘Aan Willem Vermeend kun je alles overlaten, behalve het socialisme.’ Deze uitspraak van Maarten van Traa is al oud maar nog steeds relevant. Tijdens de campagne in 2010 ‘berekende’ Vermeend dat de VVD en niet de PvdA het beste verkiezings­programma zou hebben. In het voorjaar van 2012 ‘berekent’ hij dat bezuinigingen tot de Europese norm van drie procent gemakkelijk kunnen, kort nadat zijn partij die norm ter discussie heeft gesteld. Waarom zou Willem Vermeend toch PvdA-lid zijn? Het zijn blijkbaar niet de standpunten.

Niet elke partij telt veel economen in haar gelederen. De PVV heeft er geen, de VVD heeft er één, namelijk Gerrit Zalm, het CDA heeft er meer dan één, te meer omdat Lans Bovenberg voor twee telt. Maar de PvdA telt meer economen dan al deze partijen samen. Dat betekent nog niet dat de partij die standpunten kiest die door die economen breed onderschreven worden. Dat komt door de PvdA maar ook door de economen: zij zijn het spreekwoordelijk met elkaar oneens. In 2010 haastte Rick van der Ploeg zich naar De wereld draait door om te verklaren dat de conclusie van zijn mede-auteur Vermeend ook anders uit te leggen was.

Nu botst Willem Vermeend met Coen Teulings, directeur van het Centraal Planbureau en ook PvdA-lid. De analyse van Teulings is dat de binnenlandse bestedingen achter­blijven en met name dat de consument de hand op de knip houdt. Dat is niet zo vreemd. Consumenten zien de koopkracht mede door lasten­verzwaringen achteruitgaan. En zijn onzeker over de toekomst: wat is het pensioen straks waard? Wat zal het huis nog opleveren? Wat heb ik straks in mijn portemonnee? De conclusie is dat het kabinet niet verder de lasten moet verzwaren, zeker niet de btw op consumptie moet verhogen en dat het duidelijkheid over onder meer de hypotheekrenteaftrek moet geven. Pas dan zullen de consumptieve bestedingen weer aantrekken en zal de Nederlandse economie uit het slop raken.

Een duidelijke analyse met een duidelijke conclusie. Maar misschien niet duidelijk genoeg voor Vermeend en Van der Ploeg. Verrassend pleiten zij voor een verhoging van de lasten en ook van de btw. Dat is des te verrassender omdat zij juist vanwege de lagere lasten het verkiezings­programma van de VVD (al dan niet) als beste uit de bus hebben laten komen. Maar blijkbaar is aan de Europese norm van drie procent niet te voldoen met alleen bezuinigingen, zelfs niet als je het aan Willem Vermeend overlaat.

Vermeend en Van der Ploeg willen de Europese norm niet loslaten en daarom toch de lasten verhogen. De reden is gelegen in geloofwaardigheid, niet voor politiek Brussel maar voor de financiële markt. Met een tekort boven de norm zou Nederland aan kredietwaardigheid inboeten en de zo begeerde AAA-status verliezen. De rente zou met één procentpunt stijgen en de overheid zou per jaar meer dan vier miljard extra kwijt zijn. Deze redenering is door Bernard Wientjes, de werkgeversvoorzitter, in Buitenhof onverkort overgenomen. Nu zijn de rentelasten als onderdeel van de overheidsuitgaven zelden zo laag geweest, maar toch zouden ze als een zwaard van Damocles boven Nederland hangen. De kans op een hogere rente is toch vooral een gelegenheidsargument om de bezuinigingen te rechtvaardigen. Om te beginnen, het renteverschil met Oostenrijk of Frankrijk, die beide geen AAA-status (meer) hebben, bedraagt een half procentpunt, en niet één procentpunt. Bovendien, vorig jaar rond deze tijd was de rente een procentpunt hoger dan nu. Toen heeft geen van de heren gepleit voor dertien miljard aan extra bezuinigingen en zwaardere lasten.

Belangrijker nog, een tekort van drie procent is nog geen garantie dat de financiële markt onverminderd vertrouwen houdt in de Nederlandse overheid. Er is geen handvest of handboek voor de financiële belegger waaruit een voorgeschreven tekort is te halen. Bezuinigen is niet voldoende om geloofwaardigheid te behouden. Juist dit kabinet heeft onbedoeld laten zien dat een ronkend voornemen van achttien miljard nog niet hetzelfde is als het klinkende resultaat van een lager tekort. Het lijkt aannemelijk dat structurele hervormingen op de woonmarkt of in de zorg meer indruk zullen maken. Dergelijke hervormingen hebben immers blijvende effecten, op de overheidsfinanciën en op de Nederlandse economie. Maar goed, wat de financiële belegger geloofwaardig vindt, is niet gemakkelijk te raden. Dat is toch meer voer voor psychologen dan voor economen.

Het werkje van Vermeend en Van der Ploeg is niet wetenschappelijk, en het is niet nuttig, als ik daarover mag zeveren. Het is gebakken lucht, die smakelijk in De Telegraaf wordt geserveerd, want dat kun je aan Vermeend overlaten. Het blijft de vraag waarom hij toch lid van de PvdA blijft, als de standpunten zo vaak – en zo openlijk – uiteenlopen. Geloofwaardigheid is hier ver te zoeken.