Televisie: C(h)oeurs

Verwrongen torso’s

Ook de beste tv-registraties van podiumkunsten evenaren nooit de ervaring van de zaalbezoeker, maar zijn een zegen voor wie niet fysiek aanwezig kan zijn.

Omdat ik geen kaartje voor Carré had verheugde ik me op de tv-opening van het Holland Festival (ntr/vpro), vooral omdat registratie van C(h)oeurs was aangekondigd, productie van Alain Platel met Les Ballets C. de la D. en het koor van Opera Madrid. Naïef, want dat past niet in zeventig minuten zendtijd. Bovendien is integrale uitzending van een nieuwe productie uitzonderlijk en onbetaalbaar. Dat C(h)oeurs 25 minuten kreeg, was eigenlijk al bijzonder. En die voorafgaande potpourri was aardig. Als je je tenminste niet te zeer ergerde aan de repeterende aankondiging van een neushoorn die langs het Westergasterrein voorbij zou gaan drijven: stay tuned voor de geestelijk minder begaafde kunstminnaar. Toen hij verscheen, onderdeel van Emio Greco’s locatieproject Addio alla fine, was de verrassing er af, al kwam iets van de magie van het fysiek ervaren van dat beeld nog over.

Gold dat ook voor de registratie van C(h)oeurs? Ja en nee. Die had voldoende kracht om spijt te hebben van afwezigheid in de zaal, al weet ik niet in hoeverre meespeelt dat ik in 2004 Wolf van Platel lijfelijk zag en gegrepen werd. Nu miste ik de factor tijd, de langzame opbouw, het wennen aan Platels ‘lichaamsjargon’. Zou ik alleen een beschrijving van de voorstelling (zoals in recensies) kennen, dan zou ik clichématigheid vermoeden. Zelfs de registratie gaf soms dat gevoel, maar tegelijk voelde ik (dankzij Wolf?) iets van de zaalervaring, van publiek als ademend lichaam dat individuele ervaring tot collectieve maakt, uniek en onherhaalbaar. Te curieuzer omdat de beelden niet uit Carré maar uit Madrid bleken te stammen, waar naast jubel woede was geoogst. Ballet immers dat die naam voor velen niet mag dragen: waarom bij lekkere muziek verwrongen torso’s, naaktloperij, verwijzingen naar politieke gebeurtenissen? Reactionaire Spanjolen?

De opening van het Holland Festival Oude Muziek werd vorig jaar net zo’n schandaal: Cesena van De Keersmaeker en Schmelzer op middeleeuwse muziek. Gemaakt voor Avignon, in open lucht en daar uitgevoerd bij de overgang van nacht naar dageraad. In Utrecht dus in zaalduister begonnen tot groeiende onvrede van publiek dat steeds luider morde of luidkeels eiste dat het licht aanging. Tot de schreeuwers vertrokken, en overgave begon. Dat zich gewonnen geven droeg bij aan de ervaring die resulteerde in slotapplaus dat deels polemisch ovationeel was. Zoals bij C(h)oeurs dat nog via de ntr-site te zien valt (De opening). Aanbevolen. Net als iets heel anders en toch verwants: De Canta danst. Canta is dat koekblik-met-motor dat voor de vrijheid van menig lichamelijk beperkte een zegen is. Karin Spaink, belemmerd door MS, heeft er eentje en dat bracht filmer Maartje Nevejan tot een droom: dansende Canta’s met dansende dansers. Die wordt op 28 juni door Het Nationale Ballet, choreograaf Ernst Meisner, zestig Canta-rijders en dertig dansers gerealiseerd in de Gashouder. De wording van die voorstelling heeft Nevejan vastgelegd in een vierdelige documentaire. Daarin zowel portretten van beperkte bewegers als van hun tegenpool, de dansers. Voor de gezonde mens is de balletdanser belichaming van het onmogelijke. Voor Spaink is wat de meesten van ons kunnen (normaal bewegen) al ballet en onhaalbaar. Ze zegt het sans rancune. En geniet van haar Canta.

Maartje Nevejan, De Canta danst, 4 delen, NTR, zondags, Nederland 2, 18.45 uur. De voorstelling zelf in NTR Podium, 1 juli