Verzoenen met de zeis

Walter van der Kooi ziet veel meer dan alleen dat waarover hij zijn kronieken schrijft. Vandaag: Ajouad El Miloudis Van DNA tot Z.

Medium 7d9e5bdd0b8de05aa5030aa848025157 nl
Van DNA tot Z © NTR

Lang dacht ik als kind dat het misschien zo mocht zijn dat iedereen doodging, maar dat dat voor mij niet gold. Wij thuis kenden geen God, sterker, keken op dat verzinsel van sneue christenen neer, maar kennelijk was ik er zelf wel een, in het diepst van mijn gedachten. Daarin stond ik niet alleen: Harry Mulisch moest het allemaal nog zien dat hij zelf aan de beurt zou komen, herinner ik me. Lezend in Zijn eigen land besef ik pas hoe diep dat bij Mulisch zat en dat het minder banaal was dan ik het destijds vond. Het eeuwigheidselixer school in schrijverschap. Robbert Ammerlaan citeert het Mulisch-essay van Arnold Heumakers: ‘De overwinning op de dood, op de tijd wordt met elk geschrift opnieuw behaald.’ En de stad Gran uit Mulisch’ dromen en poëzie typeert Ammerlaan, Mulisch parafraserend, als ‘alles ademde gelukzaligheid – en de dood bestond er niet’. Verzoenen met de zeis, het valt niet mee.

Die onverzoenbaarheid heeft sinds kort een activistische vorm aangenomen. Mensen lieten zich al invriezen om later opnieuw en verder te kunnen leven dankzij nieuwe wetenschap. En die maakt er momenteel driftig extra werk van. Ajouad El Miloudi wijdde er de vierde aflevering van de NTR-reeks Van DNA tot Z aan, een populair-wetenschappelijk programma waarin nieuwe ontwikkelingen inzake genonderzoek worden getoond en de consequenties ervan, praktisch en ethisch, worden besproken. Tegenlicht en The Mind of the Universe graven dieper, maar dit lijkt bedoeld voor breder publiek, dat zich ook aangesproken voelt door de informele stijl van El Miloudi, die naam maakte in programma’s voor kinderen en jongeren. Na designerbaby’s, het misdaadgen, het voorspellen van ziektes was deze keer Eeuwig jong aan de beurt. Prompt belandde hij bij de usual suspects: via Skype bij Andrea Maier, verouderingsonderzoeker en hoogleraar in Melbourne, die vorig jaar Zomergast was. En bij Aubrey de Grey, biometrisch gerontoloog in Cambridge, destijds te zien in een door Maier gekozen fragment.

De aflevering begon trouwens met mevrouw Anneke de Groot, 89, die een achterwaartse salto van de driemeterplank maakte en zo ‘de oudste man’ die een zwaantje maakte in de ringen uit het komische stukje van Godfried Bomans tot werkelijkheid maakte en zelfs overtrof. In haar woorden lag meteen een essentie: ‘Als ik nu gehaald word, heb ik daar vrede mee; maar soms vind ik dat jammer: de geest en de beweging zijn nog goed dus je zou een nieuw pakketje (lees: lichaam) moeten kunnen aantrekken.’ Nou mevrouwtje, daar zijn we hard mee bezig, was de kern van het antwoord van zowel professoren als amateurwetenschappers als dubieuze pillenverkopers. Mij is dat verlangen vreemd: ik leef met plezier, heb – afkloppen – mazzel met gezondheid, speel zaalvoetbal, verlies helaas vrienden (door wie ik zou willen dat ze hartfalen, MS, ALS en kanker hadden kunnen genezen), hoop mijn kleinkinderen nog een tijd te kunnen volgen en daarvoor de gemiddelde sterfleeftijd een beetje te kunnen overtreffen – maar dat is het dan. Nee, te zwak uitgedrukt: ik vind dat eigenlijk al heel veel. De bezetenheid waarmee sommigen (vaak ellendelingen die zichzelf als een geschenk aan de mensheid beschouwen) de belofte van honderd, 115, meer nog, begroeten, beangstigt me. En van De Grey’s ‘je kunt 1000 worden’ word ik onpasselijk. Hij verklaart zijn gedrevenheid uit het feit dat sterven ‘het grootste probleem voor de mensheid’ is. Zonder een woord (ook niet van Ajouad) over het feit dat we nu al getalsmatig de aarde naar de kloten helpen en dat dus ‘eindeloos leven’ de genadeklap is. En dan al die arme nieuwgeborenen die ontelbare generaties boven zich blijven houden.

Maar goed, hierover hadden en hebben verstandiger mensen, ook in De Groene, veel meer te melden. Ik beperk me tot mijn stiel van tv-recensent en zeg dat ik het leukste item in de aflevering Ajouads gesprek met zijn vader vond. Die vader was al onbetaalbaar in een eerdere reeks, Kaaskop of mocro. Waar de zoon toen met kloppend hart vroeg wat pa ervan zou vinden als hij met een Hollands meisje aan kwam zetten, was de vader in zijn reactie superieur: hij zou hen bloemen geven. Ook als je meetelt dat hij zich van de camera bewust was, en dat dat in zoons puberteit misschien nog wel anders lag, besefte je dat de zoon beperkter dacht dan de vader. Daarvoor al liet Ajouad in gesprek met twee Marokkaanse mannen met blonde partners weten ‘nu eenmaal niet op Hollandse vrouwen te vallen’. Die vonden dat een nogal slappe smoes. Op meer punten bleek de presentator heel wat minder vrijdenkend dan Marokkaanse gespreksgenoten, maar ik prees hem om zijn lef om de confrontaties aan te gaan en zijn oordelen en gevoelens te bevragen.

Deze keer liet Ajouad, dertiger, aandoenlijk weten dat hij bang was zijn ouders te verliezen. Vader Omar bleek wel bang afhankelijk te worden van zorg en te betreuren dat veel vrienden aftakelden, maar ‘ouderdom is ouderdom’, daar heb je je bij neer te leggen. Wilde hij dan niet zijn leven verlengen, bijvoorbeeld met pillen die je telomeren op lengte houden of zelfs langer maken? Nee. (Als hij dat tegen Allah’s wil vond, zei hij het niet of werd het geknipt.) ‘Wil je dan niet mijn toekomstige kinderen zien?’ Ja natuurlijk, maar pillen, nee. ‘Ik moet dus gewoon opschieten?’ ‘Goeie conclusie’, grijnsde Omar. Ze lachten. Ik ook. Ook toen Omar zei: ‘Je weet nooit of ik morgen uit de pijp ga.’ En nee, dat was geen uitlachen. Zo min als het dat was toen we lachten om het schitterende Nederlands van meneer Pamuk (Kees van K.) bij groenteman Wim de Bie.

Overigens, van Ajouad loopt tegelijk een tweede reeks van Kaaskop of mocro. In de eerste aflevering kreeg hij het voor zijn kiezen van Marokkaanse ‘buitenbeentjes’ die hem maar een slapjanus vinden met zijn traditionele opvattingen. Soms ben je het met hen eens, soms begrijp je zijn huiver voor of zelfs afkeer van radicale taboedoorbreking (Manu Bouzamour). Althans, ik. Altijd al een brave jongen geweest, die Ajouad, want Ahmed Marcouch, buurtagent in Amsterdam-Oost toen hij kind en puber was, herinnerde zich hem niet. En die kende heel wat jongens maar al te goed. KRO-NCRV noemt de reeks over liefde, status en imago, mentaliteit en buitenbeentjes ‘verrassend, eerlijk, kwetsbaar, confronterend en ontroerend’. En dat is, zeker inzake kwetsbaarheid, niet eens overdreven.


Van DNA tot Z, presentatie Ajouad El Miloudi, NTR, zes afleveringen sinds zondag 20 augustus, NPO 2, 19.20 uur.
Ajouad: kaaskop of mocro. Tweede reeks. KRO-NCRV, vier afleveringen sinds donderdag 7 september, NPO 3, 21.45 uur.