Verzwaar de lasten!

EN TOEN WAS ER ruzie. Ruzie over ‘het motorblok’, zoals het in die typische paarse onderhandelingstaal heet. Oftewel over de financiële uitgangspunten van Paars II. De PvdA wil meer geld uitgeven aan nieuw beleid, de VVD met in haar kielzog D66 wil vermindering van het financieringstekort en extra lastenverlichting. ‘Houdt stand, Gerrit!’ riep het economenweekblad ESB minister Zalm vorige week toe. In het omslagartikel snellen twee medewerkers van de Nederlandse Bank minister Zalm te hulp in zijn dappere strijd tegen besteedzieke PvdA'ers.

De tegenstellingen zijn weer klassiek. Je zou bijna vergeten dat de PvdA de afgelopen jaren voluit meeging in het verheerlijken van lastenverlichting en verlaging van het financieringstekort. De PvdA moet nu de strijd aanbinden met de mythen die ze ook zelf jarenlang aanhing.
Daar willen we graag bij helpen.
OM TE BEGINNEN de lastenverlichting. Het is een mooi woord. O overheid, verlicht mijn lasten! Maar waarom belastingen en premies verlagen in een tijd waarin mensen in overgrote meerderheid (zo'n tachtig procent, volgens het Sociaal Cultureel Planbureau) tevreden zijn over het eigen inkomen? Terwijl iedereen klaagt over de publieke voorzieningen - onderwijs, gezondheidszorg, politie, openbaar vervoer, sociale zekerheid.
De VVD trekt in haar verkiezingsprogramma 8,5 miljard uit voor lastenverlichting, de PvdA 4,75 miljard en D66 zit daar keurig tussenin met 6,75 miljard. Dat is dus 4,75 tot 8,5 miljard die níét besteed kan worden aan het opheffen van de wachtlijsten in de gezondheidszorg, betere asielopvang, een fatsoenlijke behuizing van middelbare scholen of een lightrailnet door de Randstad. Hoe heilig het fenomeen is, ondervond het CDA. De christen-democraten trokken slechts een miljard voor lastenverlichting uit en werden prompt afgemaakt tijdens de verkiezingscampagne.
DE MYTHE van de lastenverlichting komt voort uit acht drogredeneringen.
Drogreden 1: Lastenverlichting is goed voor de werkgelegenheid.
‘Meer banen door minder belastingen’ luidde de campagne van de werkgevers bij de Tweede-Kamerverkiezingen. Ook volgens de modellen van het Centraal Planbureau leidt lastenverlichting vanzelf tot meer werkgelegenheid. De redenering is dat door belastingen en premies te verlagen de bruto-arbeidskosten dalen; dus zullen werkgevers meer mensen in dienst nemen.
Vergeten wordt echter dat belastingverlaging ook werkgelegenheid kóst, doordat de overheid minder geld te besteden heeft aan bijvoorbeeld verpleegsters, onderwijzers en agenten. Sterker nog, lastenverlichting kost meer werkgelegenheid dan het oplevert, zo berekende het Centraal Bureau voor de Statistiek. Een door de overheid bestede gulden levert zo'n dertig procent meer werkgelegenheid op dan eenzelfde gulden die door bedrijven en particulieren wordt uitgegeven.
Drogreden 2. Lastenverlichting is nodig vanwege de loonmatiging.
Het idee hierachter is dat burgers het niet erg vinden als hun bruto inkomen nauwelijks stijgt (loonmatiging), mits zij dank zij lagere belastingen en premies netto meer overhouden.
Er blijkt echter geen verband tussen loonmatiging en lastenverlichting, hoe graag werkgeversorganisaties dat ook suggereren. Niet de lastenverlichting, maar de werkloosheid is voor de vakbeweging reden om mee te gaan met de loonmatiging. De twijfel over het nut van loonmatiging voor de werkgelegenheid is trouwens groeiende. Vier Maastrichtse hoogleraren betoogden onlangs in het economenvakblad ESB dat ondernemingen de groeiende winsten nauwelijks gebruiken voor het scheppen van werkgelegenheid of voor investeringen. Ook douceurtjes aan werkgevers zoals het verminderen van de vennootschapsbelasting, leiden niet tot meer investeringen en werkgelegenheid.
Drogreden 3: Lastenverlichting betekent dat burgers meer geld overhouden.
'Koopkracht omhoog door invoering nieuw belastingstelsel’ kopte het Algemeen Dagblad vorige week, naar aanleiding van de belastingverlaging die Paars II in petto heeft.
De werkelijkheid is dat lastenverlichting in feite een lastenverschuiving betekent. Een verschuiving van publieke uitgaven naar particuliere uitgaven. De tandarts zit niet langer in het ziekenfondspakket, maar moet nog steeds betaald worden.
Maar, zeggen dan de voorstanders van lastenverlichting…
Drogreden 4: De markt werkt per definitie goedkoper dan de overheid.
Helaas is vaak het omgekeerde het geval. Verzekeraars hebben het WAO-gat dat de overheid liet vallen (lastenverlichting!) gedicht, en dit kost nu precies twee keer zo veel als voorheen. Hetzelfde geldt voor genoemde tandartskosten. Uit onderzoek van de Rekenkamer is gebleken dat vrijwel alle geprivatiseerde diensten duurder zijn dan toen ze deel waren van de overheid.
Maar, zeggen dan de voorstanders van marktwerking…
Drogreden 5. Minder publieke voorzieningen betekent meer keuzevrijheid voor de burger.
Helemaal waar. Burgers zijn sinds de tandarts uit het ziekenfondspakket is helemaal vrij om een verzekeraar te kiezen, of zich zelfs helemaal niet te verzekeren. Avond aan avond kunnen verzekeringspolissen worden doorgenomen, om zoek naar het meest passende pakket voor de beste prijs. Maar wie zat er op die vrijheid te wachten?
Ja, maar…
Drogreden 6. Een lage collectieve lastendruk bevordert de economische groei.
Nee. Er is geen eenduidige relatie tussen lastendruk en economische groei, zo blijkt uit onderzoek. Ook bestaat er geen norm voor de ideale omvang van de publieke sector.
Het woord 'lastendruk’ suggereert trouwens dat de publieke sector slechts geld opslurpt, terwijl die publieke sector evengoed zorgt voor het nationaal product, voor omzet en werkgelegenheid. Volgens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) wordt in Nederland zo'n 44 procent van het nationaal inkomen gebruikt voor collectieve voorzieningen, een lichte daling sinds 1993. In Mexico is het zestien procent. In Denemarken ruim 51 procent. Welk land nemen we ten voorbeeld?
Drogreden 7. Mensen willen nu eenmaal minder belasting betalen.
Doet het altijd goed, zo'n beroep op wat de mensen willen. Maar de eerste demonstratie voor het verlagen van de belastingtarieven moet nog georganiseerd worden. Sterker nog, zowel uit enquêtes tijdens de verkiezingscampagne als uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt steeds dat een forse meerderheid in Nederland graag belastinggeld overheeft voor betere publieke voorzieningen. Het feit dat mensen individueel altijd zullen proberen om zo min mogelijk belasting te betalen, zegt niets over de legitimiteit van belastingen en collectieve voorzieningen.
Drogreden 8: De belastingtarieven moeten omlaag door de concurrentie van de rest van de EU.
Een dodelijk argument, want leidend tot een spiraal naar beneden, waarin landen in toenemende mate tegen elkaar gaan opbieden met steeds lagere tarieven. Nettoresultaat zal zijn dat de EU-lidstaten hun eigen en elkaars financiële armslag steeds verder verkleinen. 'Fiscale beleidsconcurrentie’ wordt dit genoemd.
In het onlangs verschenen boek Draagkracht onder druk laten de PvdA'ers Frans Becker en Paul Kalma van de Wiardi Beckman Stichting zien dat de belastingplannen van Zalm en Vermeend deze beleidsconcurrentie niet tegengaan, maar juist verscherpen. En dat terwijl de noodzaak van Europese beleidscoördinatie met de mond veelvuldig wordt beleden en op papier wordt onderschreven.
Dat er zonder verdergaande Europese fiscale samenwerking toch nog wel degelijk mogelijkheden zijn voor tegendraadse keuzes bewijst (opnieuw) Denemarken, waar de linkse parlementaire meerderheid het tarief voor de hoogste inkomens gaat verhogen. Weliswaar slechts met een procent, maar mogelijk is het dus wel.
NA JARENLANG te zijn meegegaan met de mode van algemene lastenverlichting, zet de PvdA de laatste tijd vooral in op 'gerichte’ lastenverlichting, en wel voor mensen 'aan de onderkant’. Bij wijze van armoedebestrijding en om juist díe mensen weer aan het werk te krijgen. Er zijn nu eenmaal mensen, zo luidt de redenering, van wie de productiviteit zo laag ligt dat werkgevers ze nooit tegen de huidige loonkosten zullen aannemen. De enige manier om wat aan die loonkosten te doen zonder de netto lonen onleefbaar laag te maken, is het verminderen (of zelfs compleet kwijtschelden) van belastingen en premies.
Daar zit wat in, al is het een illusie om te denken dat hiermee plotseling duizenden langdurig werklozen aan de slag komen. Maar belangrijker is dat ook de PvdA deze lastenverlichting aan de onderkant niet durft te compenseren met lastenverzwaring aan de bovenkant, waardoor lastenverlichting aan de onderkant ten koste dreigt te gaan van overheidsuitgaven, dus van publieke voorzieningen.
NU DE TWEEDE heilige koe, verlaging van het financieringstekort.
Begin jaren tachtig gaf de overheid jaarlijks een kleine tien procent meer uit dan ze binnen kreeg. De staatsschuld steeg, en de te betalen rente navenant. Waardoor het nog moeilijker werd jaarlijks de begroting rond te krijgen. Een weinig aantrekkelijke spiraal.
Dankzij de economische groei en bezuinigingen is het financieringstekort inmiddels gezakt tot 1,5 procent. De VVD streeft naar 0,9 procent, D66 naar een procent en de PvdA naar 1,4 procent (allemaal volgens de verkiezingsprogramma’s). Maar het onderliggende idee bij alledrie is dat het financieringstekort terug moet naar nul. Dat nu is wederom een mythe. Een mythe die voortkomt uit twee drogredeneringen.
Drogreden 1: Door het financieringstekort zadelen we toekomstige generaties op met onze schulden en dus met rentelast.
Een redenering die niet alleen gebezigd wordt door liberalen, maar bijvoorbeeld ook door Marcel van Dam in het PvdA-Vlugschrift van afgelopen weekend. Het financieringstekort moet hoognodig naar nul, want we betalen nu al jaarlijks 36 miljard aan rente over de staatsschuld, en daar kan je veel mooiere dingen mee doen.
Op zichzelf is het waar: wat nu geleend wordt, moet later terugbetaald. Maar het is ook dankzij die leningen dat de productiecapaciteit van Nederland toeneemt, en de economische groei, en de welvaart, en de mogelijkheid om die leningen af te lossen. Andersgezegd, hoe zou Nederland ervoor staan als de staat nooit geld geleend had? Als het geleende geld goed besteed wordt, betaalt de lening zich later dubbel en dwars terug. De Noord-Amerikaanse Nobelprijswinnaar economie William Vickrey wees erop dat als van General Motors, AT&T en individuele huishoudens geëist zou zijn dat hun inkomsten en uitgaven in balans zijn, er nu geen bedrijfsobligaties, geen hypotheken, geen bankleningen en veel minder autotelefoons en huizen zouden zijn.
Drogreden 2: Het financieringstekort moet nog verder terug vanwege de euro.
In het Stabiliteitspact hebben de regeringen van de elf eurolanden zich verplicht de nationale financieringstekorten verder terug te dringen tot nul procent. Om de euro er in eigen land door te krijgen, eist de Duitse regering zo'n afspraak, maar economisch gezien is er geen reden voor. De euro wordt niet minder stabiel of inflatiegevoeliger als het financieringstekort op anderhalf of twee procent uitkomt.
Nu eenmaal besloten is wie aan de euro mee mogen doen, bestaat er in de meeste landen terecht weinig animo om ten behoeve van dit Stabiliteitspact extra te bezuinigen. Maar de VVD wil het braafste jongetje van Duisenbergs klas blijven en de komende jaren vrijwel alle financiële meevallers besteden aan verdere verlaging van het financieringstekort.
Verlaging van het financieringstekort hóeft trouwens niet te leiden tot bezuinigingen. Bezuinigen is slechts één manier, het verhogen van de inkomsten door belastingverhoging kan ook. Maar dat is volstrekt taboe.
HET IS DE COMBINATIE van de twee mythes, lastenverlichting en verlaging van het financieringstekort, die ertoe leidt dat er de komende jaren opnieuw te weinig geld is voor wat mensen echt belangrijk vinden. Werkgroepen uit de paarse fracties hebben wensenlijstjes gemaakt voor nieuw beleid, van klassenverkleining tot openbaar vervoer, van armoedebestrijding tot Melkertbaanbeloning. Die lijstjes kosten samen elf miljard gulden. Door streng vast te houden aan lastenverlichting en vermindering van het financieringstekort is er slechts vier miljard beschikbaar. Het verschil, zeven miljard gulden, zou het financieringstekort met nog niet eens één procent doen stijgen. Of, andere oplossing, blaas de geplande lastenverlichting af, en vijf van de zeven miljard is binnen. En dan hebben we het nog niet eens over het bedrijfsleven, dat ook een steentje bij kan dragen. Misschien dat Maurice de Hond c.s. de mening van de kiezer híerover eens kan peilen.