Vijf jaar na Majdan zijn de activisten gefrustreerd

Kiev – Op donderdag 21 november 2013 wandelde een groepje studenten van de Kyivse Staatsuniversiteit naar het Onafhankelijkheidsplein – beter bekend als Majdan – om te protesteren tegen president Janoekovitsj. Die had onder Russische druk last minute geweigerd een associatieverdrag met de Europese Unie te ondertekenen. Euromajdan was een feit.

In de weken daarop groeide het protest, eerst tot duizenden, vervolgens tot honderdduizenden demonstranten. Het ging al lang niet meer alleen over het associatieverdrag; de mensen kwamen in opstand tegen de corruptie, de oligarchie, de armzalige levensstandaard in Oekraïne. Janoekovitsj reageerde in de stijl van een echte autocraat: hij stuurde de militaire politie erop af. Maar de actievoerders wierpen barricades op en zetten hun hakken in het zand. Drie maanden daarna ontvluchtte de president het land.

Na Euromajdan kwam Petro Porosjenko aan de macht, met een ambitieus hervormingsprogramma. Aanvankelijk ging hij voortvarend te werk: het politiekorps werd opgeschoond; openbare aanbestedingen werden transparanter; politici en ambtenaren moesten hun bezit opgeven. De EU beloonde Oekraïne met visumvrij reizen. Maar de klad kwam erin: bij echt pijnlijke maatregelen, zoals hervorming van grondbezit of de rechterlijke macht, trapte Porosjenko – zelf de op vijf na rijkste man van het land – op de rem.

Aangesproken op het stroperige hervormingsproces wijst Porosjenko steevast met de vinger naar Rusland. Want ja, de Russische bezetting van de Krim en de oorlog in de Donbas wegen zwaar op de Oekraïense samenleving. Maar verklaart dat ook waarom hij politieke vriendjes liet benoemen als hoofd van het Openbaar Ministerie en het nieuwe Anti-Corruptiebureau? Of dat de regering wegkijkt terwijl Oekraïense activisten steeds vaker stuiten op geweld en intimidatie?

Veel Oekraïense jongeren zijn teleurgesteld. Sommigen gingen werken bij een burgerorganisatie, om de strijd met corruptie aan te binden, maar inmiddels zijn ze weer terug bij hun oude baan. Of ze denken na over een studie in het buitenland. ‘Heb jij misschien wat contacten in Europa?’ vragen ze. Journalisten interviewen Oekraïense jongeren en voormalige activisten en vragen of ze vijf jaar na Majdan ontgoocheld zijn geraakt. ‘Ontgoocheld?’ vraagt een vriendin licht verontwaardigd. ‘Dat zal je niemand horen zeggen. Zonder Majdan hadden we nu een dictatuur gehad en een anti-homowet zoals in Rusland. We zijn gefrustreerd omdat veranderingen tot staan zijn gebracht – ja. Maar ontgoocheld? Nee, dat zeker niet.’