Vijf lessen van WikiLeaks

JULIAN ASSANGE is door Time genomineerd als man van het jaar en staat in de internetpeilingen vrijwel bovenaan. Terecht. Assange veranderde samen met de anderen achter WikiLeaks de spelregels rond journalistiek, bronbescherming en klokkenluiders. De impact is enorm. Nu al zijn vijf lessen te trekken.
Ten eerste, klokkenluiders blijken meer vertrouwen te hebben in WikiLeaks dan in traditionele media. Het systeem van WikiLeaks is gebaseerd op anonimiteit. Er kan via beveiligde servers informatie worden gestuurd. Niemand bij WikiLeaks wil weten wie de bron is, en als ze het al weten, willen ze het zo snel mogelijk vergeten. Bij traditionele media wordt de bron soms toch bekend. Een nachtmerrie voor de klokkenluider. Hoe vaker WikiLeaks bewijst haar bronnen daadwerkelijk te beschermen, hoe meer klokkenluiders geneigd zullen zijn anoniem documenten te sturen. Het is een groeimarkt.
Ten tweede, oude en nieuwe media hebben elkaar nodig. De samenwerking tussen WikiLeaks en The New York Times, Der Spiegel en The Guardian is opmerkelijk: ze gebruiken elkaar. WikiLeaks heeft de kranten nodig om de data door te spitten, het nieuws te verspreiden en er bovenal autoriteit aan te verlenen. ‘The New York Times meldt’ is toch iets anders dan 'WikiLeaks meldt’. Maar de kranten hebben op hun beurt WikiLeaks nodig voor het materiaal.
Ten derde blijkt dat openbaarheid van bestuur weinig garanties verschaft. Er werd vaak gezegd dat een open systeem - waarbij burgers en journalisten publieke informatie kunnen opvragen - zou bijdragen aan transparantie. En dat een cultuur van checks and balances zou helpen tegen ongebreideld en ongecontroleerd lekken. De VS hebben zo'n systeem, maar worden nu geconfronteerd met het grootste lekken sinds de Pentagon Papers. Terwijl corrupte, gesloten en autoritaire regimes vooralsnog de dans ontspringen.
Dat heeft te maken met het vierde punt: overheden hebben gefaald bij het werkelijk beschermen van klokkenluiders. Er is in de afgelopen jaren veel gesproken over regelingen, in sommige landen zijn ook wetten aangenomen. Maar nu blijkt dat klokkenluiders haarfijn aanvoelden dat dergelijke regelingen hun geen werkelijke bescherming boden. En dus nemen ze hun toevlucht tot WikiLeaks.
Les vijf volgt daarop: overheden zullen de beveiliging van gegevens moeten verbeteren. Nu een half ministerie op een usb-stick past is het te makkelijk geworden massale hoeveelheden data naar buiten te smokkelen. Beveiliging is een afweging tussen productiviteit en vertrouwelijkheid - te veel werkt verlammend, te weinig is een risico - en alle overheden zullen zichzelf nu nog harder achter de oren krabben over wat ze moeten doen.
Het laatste is niet zozeer een les als wel een wens: het is tijd dat klokkenluiders uit corrupte, slecht bestuurde landen de weg weten te vinden naar WikiLeaks; net zoals het mooi zou zijn als er meer rotzooi zou komen uit bedrijven die weigeren transparant te zijn. Om die reden heeft elk land zijn eigen, toegankelijke maar goed beschermde WikiLeaks nodig.