Een week bij de GGD

Visies op vrijheid – en vaccins

Pensionado’s onderweg naar Frankrijk, jongeren in nachtclubs en mensen die op vakantie moeten verdringen elkaar in hun verlangen naar een vrije zomer. Te vroege versoepelingen jagen de besmettingen omhoog en drukken de belofte van vrijheid weer langzaam uit beeld.

Een wit camperbusje stopt voor de glazen deuren van de ggd in Warnsveld. Een vrouw klimt eruit, sluit aan in de rij en gluurt opzichtig naar voren om te zien hoe lang het nog duurt. Het is een bonte stoet van gele polo’s, linnen broeken, hawaïhemden waar brons gekleurde benen en armen uitsteken. De haren zijn zonder uitzondering grijs. Het zijn burgers die al lang twee vaccinaties hebben ontvangen, maar alsnog een stempeltje willen in hun gele reizigersboekjes. ‘Het is nu nog best rustig’, zegt een verpleegkundige die het tafereel lachend gade komt slaan. ‘Laatst stonden ze hier met tachtig man. Sommigen met de motor nog draaiende en de caravan aangekoppeld.’ Na het felbegeerde stempeltje konden ze meteen de grens over, de zomerse vrijheid tegemoet.

Opluchting en ontlading zijn eind juni haast tastbaar in de gangen van de ggd in het Gelderse Warnsveld. De Groene Amsterdammer bezoekt deze ‘Gemeentelijke Gezondheidsdienst’ sinds de eerste dagen van de lockdown, die begon in maart 2020. De organisatie werd toen overvallen en haastte zich om de grofweg 250 medewerkers in te zetten op het bestrijden van corona. Nu, bijna anderhalf jaar later, zijn er extra panden betrokken en werken er zeventienhonderd mensen. Samen volgen zij hoe het virus zich verspreidt onder de 820.000 inwoners van hun plattelandsregio.

Telefoons staan als altijd roodgloeiend, deze keer met vragen over versneld testen, Janssen-vaccins of stempels en testbewijzen die zoek zijn geraakt. ‘Je merkt dat de angst voor het virus heeft plaatsgemaakt voor de angst om niet te mogen deelnemen aan de open samenleving’, zegt projectleider Melanie Boschman. Merkwaardig zijn de telefoontjes van mensen die beweren wél geprikt te zijn maar waar geen spoor van te vinden is. ‘Wij vermoeden dat het niet-prikkers zijn die wel graag een toegangsbewijs willen.’

Net als hun inwoners kijken ze bij de ggd in Warnsveld zelf ook uit naar vakanties in binnen- of buitenland. Begin juli wensen medewerkers in de grote hal elkaar enthousiast ‘een goede reis’ en vooral veel rust, soms niet wetende dat artsen en managers in kantoren en aan vergadertafels zich stilletjes aan zorgen beginnen te maken. Nederland versoepelde ondanks een van de hoogste besmettingscijfers van Europa veel sneller dan aanvankelijk aangekondigd, de cijfers klommen de lucht in. Met als resultaat de steilste besmettingspiek sinds het uitbreken van de pandemie. ‘Mensen zijn gewoon niet meer te houden’, zegt arts infectieziekten Ashis Brahma. ‘En dat is niet hun schuld, het is een beleidskeuze. Die discotheken mochten open en de geest is nu uit de fles: mensen willen vrij zijn. Tegelijkertijd maken we daarmee op de valreep dezelfde fout als vorig jaar.’

In de roman De stad der blinden van de Portugese schrijver José Saramago heeft een zeer besmettelijke oogziekte iedereen het zicht ontnomen. In een van de allerlaatste hoofdstukken heeft een kleine meute van het inmiddels blinde volk op de tast een supermarkt gevonden waar nog eten blijkt te liggen in een keldermagazijn. Maar de trappen zijn glad en de kelder is diep. Hongerig en massaal storten ze erin, verdringen elkaar, raken opgesloten en sterven alsnog – enkele pagina’s voor de ontknoping.

Vechten om schaarste is waar we nu vlak voor het einde van anderhalf jaar crisis mee te maken hebben. Het schaarse goed? Vrijheid. Wie er in korte tijd te veel van neemt, vreet in op dat van anderen. Clubs en festivals die na zeer lange tijd weer eens open mogen, dwarsbomen mogelijk de vakantieplannen van Nederlanders die deze maand naar het buitenland willen. Want wanneer Nederland ‘op rood’ springt, kunnen andere landen de toeristen gaan weren. Minister Hugo de Jonge noemde dat vorige week ‘een dilemma’ en kondigde aan dat maatregelen die vakanties kunnen redden met een hoge prijs voor andere burgers komen. Tegen het einde van die week gooide hij het nachtleven terug op slot.

Hoewel door vaccineren het aantal besmettingen vooralsnog niet leidt tot meer ziekenhuisopnames is de hoogte ervan niet zonder risico. Van de vele twintigers die door het virus worden aangestoken zal een deel wél zware klachten ontwikkelen, waaronder long covid. ‘Doodzonde als je dat vlak voor het einde meemaakt’, zegt Brahma. ‘Maar we hebben als samenleving kennelijk besloten dat als dat gebeurt we dat voor lief nemen, in die zin is er echt iets veranderd.’ Hij, de andere artsen en hun inmiddels leger van bron- en contactonderzoekers zien het sinds de versoepelingen stapje voor stapje misgaan.

Uiteindelijk sloeg het beeld in één week volledig om. Aan het begin van die week, op 1 juli, maakt de projectleider van de afdeling contactonderzoekers zich nog vooral zorgen over verveling onder het personeel. ‘Het is de kunst om mensen gemotiveerd te houden. Sommige mensen zitten nu te dagdromen.’

Een van de weinige mensen die het wél druk heeft die dag is Matthias Hoiting. De dertiger met krullen, een keurig overhemd en een klassiek brilmontuur werkt al tien maanden als contactonderzoeker wanneer een van de meest complexe zaken in zijn ggd-carrière op zijn bordje landt. Het eerste uitgaansweekend sinds de versoepelingen heeft plaatsgevonden en verspreid over de regio, die begint in de Achterhoek en eindigt bij vestingstad Elburg aan het Veluwemeer, duiken de eerste problemen op. ‘Ik ben nu met zes man al vier dagen bezig met één kroeg.’

De kluwen die hij probeert te ontwarren ziet er ongeveer zo uit: een jonge man is teruggevlogen uit Zuid-Afrika en besluit met vrienden een EK-wedstrijd te kijken. Diezelfde avond gaan ze naar een café waarbij sneltesten aan de deur uitwijzen: negatief. Er kan gefeest worden en dat gebeurt ook, van acht uur ’s avonds tot vier uur ’s nachts. ‘Maar de volgende dag voelde hij zich niet lekker’, zegt Hoiting. ‘Keelpijn, duizelig en snotterig, is dat een kater of corona? Gelukkig besloot hij te testen.’ Toch positief. Even later landt hij als casus op het bureau van Hoiting en zijn collega’s.

Vroeger duurde zo’n bron- en contactonderzoek volgens rivm-richtlijnen acht uur, tegenwoordig soms dus meer dan een week met hulp van meerdere onderzoekers. ‘Wij weten dat hij met een paar mensen in die kroeg was, maar wie zij precies allemaal hebben gezien die nacht? Dat weten zij zelf niet eens. Er stond keiharde muziek aan en mensen schreeuwden in elkaars gezicht, maar welke gezichten dat zijn?’ Het verschil tussen ‘relevante’ en niet relevante contacten aanwijzen in een groep van tweehonderd cafégangers is ondoenlijk. En terwijl Hoiting en zijn collega’s proberen zo veel mogelijk potentieel besmette personen van die avond op te sporen, weten zij dat een deel van hen onwetend door de samenleving beweegt. Onderweg naar werk, sportteams, familiebezoek of nog een avondje voetbal kijken.

Zeven dagen na ‘het kroegje’ heeft er een nieuw uitgaansweekend plaatsgevonden. ‘Alles is gekanteld’, zegt Hoiting. De meldingen stromen binnen van uitbraken in discotheken in plaatsen als Heelweg, Groenlo, Nunspeet en Doetinchem. ‘De casus van vorige week was nog een vriendelijk kroegje in een afgelegen dorpje, nu heb ik discotheken in het vizier waar meer dan duizend mensen waren’, zegt Hoiting. ‘De kroegbaas kende zijn gasten tenminste nog, nu hebben we het over grote plaatsen waar iedereen anoniem is.’

De projectleider bron- en contactonderzoek die zich zo kort geleden nog afvroeg of haar personeel zich niet stierlijk zou gaan vervelen, stuurt een zeer kort mailtje om het gesprek van een week eerder te corrigeren: ‘Er is hier gigantische drukte en dat is logisch gezien de versoepelingen.’ Net als de ggd’en van Amsterdam en Rotterdam hebben ze om extra hulp gevraagd. Aan dagdromen komt niemand meer toe.

Vreemd aan deze crisis -vlak-voor-de-finish is dat die tijdelijk van aard is. Geef het nog een maand en het overgrote deel van de twintigers die nu besmet raakt, is dubbel-gevaccineerd. Dat is de grootste uitdaging bij de ggd in Warnsveld op dit moment: een vaccinatieschild bouwen waaraan ten minste 85 procent van de meer dan achthonderdduizend inwoners meedoet. ‘Landelijk wordt erg gefocust op migranten, maar wij hebben vooral andere groepen die achterblijven’, zegt epidemioloog Caroline Timmerman. Ze zit gebogen over een kaart waarin tot op wijkniveau te zien is welke gebieden achterblijven. ‘Het komt nu aan op maatwerk.’ Ze wijst naar biblebelt-dorpen aan het Veluwemeer, waar de vaccinatiegraad soms de helft lager ligt. Ook is er een grijze vlek zichtbaar rondom Zutphen, waar veel antroposofen wonen, en kleurt een aantal buitenwijken van Apeldoorn en Harderwijk nog lichtgrijs, plaatsen met meer migranten.

‘Ben jij nog steeds niet op vakantie?’ roept een passerende arts.

‘Nog nét niet, morgen!’ zegt Timmerman, die haar busje al heeft volgepakt voor een trip naar Zuid-Limburg.

‘Mag ik dan nog langslopen voor wat cijfers?’

‘Jezelf een klein beetje ziek maken om antistoffen op te wekken is een ingreep in Gods leiding over het leven’

De ‘aandachtsgroepen’ en gedetailleerde kaart van Timmerman zijn populair onder artsen en directeuren bij de ggd. Zij gebruiken de informatie in hun gesprekken met burgemeesters of om speciale vaccinatieprogramma’s te ontwikkelen. Elke groep verlangt een andere aanpak. Voor ‘anderstaligen’ geldt dat ‘een witte jas’ en vertaalde informatie goed werkt. Bij jongeren is het een kwestie van de collectieve urgentie onderstrepen en voor daklozen en ongedocumenteerden – ‘illegalen’ – geldt dat ze op speciale tijdstippen een Janssen-vaccin kunnen halen. Zij worden anoniem in het landelijke systeem ingevoerd. ‘Als bsn vullen we negen keer een negen in’, zegt Anneloes Vos, die verantwoordelijk is voor vaccinatiecentra. ‘Uiteindelijk wil je dat iedereen zich weer vrij kan gaan bewegen, tegelijkertijd is het belangrijk dat wij iedereen zelf laten kiezen.’

Het vaststellen van keuzevrijheid of ‘informed consent’ is niet altijd makkelijk. De regio Noord- en Oost-Gelderland heeft bijvoorbeeld een grote groep arbeidsmigranten uit Polen, Litouwen, Roemenië en Bulgarije, die in vleesfabrieken en de agrarische sector werken. ‘Hun werkgevers zeggen: kom maar langs, dan mogen jullie iedereen hier prikken’, zegt Ashis Brahma, die zich als arts met deze groep bemoeit. ‘Maar deze mensen hebben al een kwetsbare arbeidspositie, hoe stellen wij vast dat zij zelf kiezen voor een vaccin zonder druk van de werkgever?’

Om die reden zag de ggd af van het prikken op locaties van werkgevers. In plaats daarvan moeten uitzendbureaus bussen regelen om werknemers af te zetten bij vaccinatiecentra van de ggd. Terwijl de werkgever buiten moet blijven, worden de seizoensarbeiders aan de andere kant van de muur opgevangen door tolken die hun in de eigen taal uitleggen welke keuze zij kunnen maken. ‘Wij hebben net een groep van één uitzendbureau langs gehad. Van de driehonderd mensen die daar werken, gaven 83 van hen aan gevaccineerd te willen worden’, zegt Vos. ‘Als zij hier aankomen en het blijkt dat ze toch niet willen, dan mag dat. Wij begeleiden ze dan zonder prik door de vaccinatiestraat zodat ze samen met hun collega’s uitkomen op de plek waar de bus op hen wacht. Niemand hoeft te weten welke keuze er binnen is gemaakt.’

Uiteindelijk vallen alle aandachtsgroepen in twee categorieën uiteen: nee-zeggers en twijfelaars. ‘Nee-zeggers gaan geen ja zeggen maar met twijfelaars kun je in gesprek’, zegt Vos. ‘Die willen weten wat het doet, met henzelf, met hun kinderen of hun kinderwens. Dat zijn allemaal vragen die wij kunnen beantwoorden en waarover wij steeds in gesprek proberen te gaan.’ Acute zorgen hebben Vos en haar collega’s over een kleine minderheid binnen de groep van nee-zeggers die steeds agressiever wordt. Burgers die gegrepen zijn door complotten en voor wie vaccineren geen opmaat naar vrijheid maar naar een ‘gezondheidsdictatuur’ is.

Nergens wordt zo inzichtelijk hoe glibberig een begrip als vrijheid is als rond de vaccinatiediscussie. Zo bevrijd als pensionado’s met campers en jongeren in kroegen zich voelen, zo beknot voelen overtuigde niet-prikkers zich in een samenleving waarin vaccineren langzamerhand een onontkoombare norm wordt.

Steeds vaker staan er activisten voor de deur die mensen waarschuwen dat ze binnen de muren van het vaccinatiecentrum vermoord zullen worden. ‘Vorige week ontving een medewerker een dreigbrief thuis’, zegt Vos. Ze zit op een barkruk in de sjofele kantine van een oude bowlingbaan aan de rand van Zutphen. Het is een van de grotere priklocaties in de regio. Terwijl ze hier toeleven naar het absolute vaccinatiehoogtepunt – deze week vindt de grootste prikpiek plaats – worden ze steeds vaker bedreigd. In de brievenbus van de medewerker lag een tekening vol hakenkruizen en verwijzingen naar de Tweede Wereldoorlog, met als belangrijkste boodschap dat ggd-medewerkers ‘verantwoordelijk’ zijn voor de genocide die zich nu zou voltrekken. Zo zijn er nog meer voorbeelden, zoals akelige plaatjes van medewerkers die online worden verspreid.

‘Ik prik ook weleens mee, dat vind ik heel leuk en nuttig’, vertelt een projectmanager in Warnsveld later. ‘Maar als ik dat heb gedaan en denk “zal ik meteen maar even boodschappen halen”, dan doe ik dat toch niet. Dan ga ik eerst naar huis om mijn ggd-kleding uit te trekken. Je moet niemand in de gelegenheid brengen.’ In de kantine van de vaccinatiehal kijkt Anneloes Vos bezorgd de zaal rond, waar vaccinatiemedewerkers in diezelfde roze shirtjes een koffiepauze houden. ‘Veel van hen werken in kleine dorpen, iedereen kent elkaar daar. Als je op een priklocatie in je eigen gemeente werkt en je hebt net een dorpsgenoot die het daar niet mee eens is, dan is de weg naar iemands huis niet moeilijk te vinden.’

De ggd weet inmiddels dat er namen en locaties verspreid zijn in nationalistische Telegram-kanalen. Daarnaast wordt het sentiment tegen vaccinatie gevoed. In dezelfde week waarin bedreigingen binnenkwamen, sprak het pas aangetreden Forum voor Democratie-Kamerlid Gideon van Meijeren in het parlement zijn collega’s toe. Ook hij trok een lijn van mensen die corona willen bestrijden naar de Tweede Wereldoorlog. ‘Het is belangrijk om te zien welke Kamerleden aan welke kant van de geschiedenis staan. Niemand kan later zeggen: ich habe es nicht gewusst. Nederlanders hebben er recht op te weten wie kiest voor een gezondheidsdictatuur, medische apartheid en een samenleving die wordt beheerst door angst.’

Jacqueline Baardman, directeur van de ggd in Warnsveld, is ook aangedaan na de berichten over bedreigingen aan haar personeel. ‘Dat wij onze vaccinatiestraten streng moeten beveiligen… ik begrijp het gewoon niet’, zegt ze. ‘Mensen hebben de vrijheid om wel of niet te vaccineren en dat is een heel groot goed, dat betwist niemand. Natuurlijk willen wij zo veel mogelijk mensen vaccineren, want dat levert een maximale collectieve vrijheid op. Dat laatste zou na anderhalf jaar een feestje moeten zijn, maar dat wordt bij ons nu overschaduwd door een klein groepje dat het recht in eigen hand neemt.’

‘Ik ben voor vaccineren én voor keuzevrijheid’, zegt Arie Kraaijeveld. ‘Het is nu knokken voor de laatste paar procentpunten zodat we die 85 procent halen.’ Hij is de oudste arts infectieziekten in Warnsveld, hij weet precies waar in de regio vaccineren lastig is, maar ook dat dwang weinig zin heeft. ‘Het niet prikken op de biblebelt is al een issue sinds de polio-epidemie van 1991. Ik weet heel goed waar mensen zich lastiger laten vaccineren en ik weet ook dat het weinig zin heeft om in te praten op mensen die erg overtuigd zijn.’

Strategieën die werken bij andere groepen zijn voor bijvoorbeeld gereformeerden kansloos. Zo heeft het geen zin om met een ggd-busje het kerkplein op te rijden, te opzichtig en wellicht te opdringerig. Ook het verschaffen van extra informatie en meer aan voorlichting doen, heeft minder zin dan bij andere groepen, zegt Kraaijeveld. ‘Het is niet zo dat ze de gevaren niet overzien of niet kennen. Ze weten vaak heel goed wat de consequenties zijn, een aantal van de grootste corona-uitbraken vond vorig jaar in deze regio plaats. Het punt is juist dat zij de gevolgen aanvaarden zoals ze komen, ook als ze heel verdrietig zijn. Hier wonen ook de streng gelovigen die zich uit overtuiging niet verzekeren. Wij kunnen daar zeker over in gesprek, maar wij moeten niet gaan prediken. Dat werkt averechts, zij herkennen een preek.’

De preek van de dominee, of in ieder geval religie, is de enige route waarmee de ggd kan doordringen tot streng gelovige dorpen als Doornspijk, Elspeet en Uddel. Kraaijeveld: ‘De beste kans maken we via leidersfiguren, burgemeesters en dominees.’

Jan Nathan Rozendaal is zo’n leidersfiguur. De jonge burgemeester van Elburg nodigde begin juni, toen de eerste bijeenkomsten met groepen weer waren toegestaan, de 23 predikanten uit zijn gemeente uit voor een gesprek. ‘Een groot gedeelte van mijn inwoners is christelijk en dus aangesloten bij een kerk. Wanneer wij nadenken over thema’s als eenzaamheid, suïcidaal gedrag of andere onderwerpen nodig ik altijd predikanten uit als samenwerkingspartner’, vertelt hij in zijn kantoor, dat uitkijkt over groene weilanden met lange bomenrijen. Sommige van die kerkgenootschappen tellen tientallen leden, andere meer dan duizend. ‘Vorige maand sprak ik met de voorgangers over vaccinatiebereidheid.’

Elburg is een van de drie gemeenten in de regio Noord- en Oost-Gelderland die voldoen aan de definitie ‘biblebelt-gemeente’: een plaats waar meer dan vijf procent op de sgp stemt, zelf is Rozendaal lid van die partij. Hoe gelijkaardig het christelijke deel van de Veluwe ook lijkt, in de praktijk is het een sterk uiteenlopend geheel. Zo groot als de verschillen in liturgie en kleding, zo divers zijn de vaccinatiestandpunten. ‘Bij veel kerken is het geen thema, al ontdekten we tijdens het gesprek wel twee groepen die duidelijk terughoudend zijn.’ De eerste is een strenge groep binnen de Reformatorische kerk. ‘Zij geloven dat God het leven leidt, dat ziekte en dood in zijn hand zijn. Jezelf een klein beetje ziek maken om antistoffen op te wekken is een ingreep in Gods leiding over het leven.’ De tweede groep die terughoudend is, zit in de Evangelische kerk. ‘Daar zie je dat een jongere generatie vatbaar is voor complottheorieën die verweven zijn met theologische ideeën over eindtijdtheorieën. Binnen deze groep is ook sterk de neiging om anderen daarvan te overtuigen.’

Rozendaal is beducht voor een overheid die gaat voorschrijven wat zij wel of niet moeten doen. ‘Ik wil vooral dat de kerken zelf deze gesprekken op gang brengen. De verschillende voorgangers organiseren nu praatavonden en spreken met individuele gemeenteleden. Met jongeren wordt doorlopend gesproken om ervoor te zorgen dat zij niet kerkgangers afvallen die er bewust voor hebben gekozen om wél te vaccineren. Eigenlijk zijn predikanten vooral met die vraag bezig: hoe zorgen we voor respect over en weer, hoe houden de kerk bij elkaar in deze tijd?’ Tegelijkertijd praat hij nu en dan met ggd-directeur Jacqueline Baardman en burgemeesters uit omringende gemeenten. ‘Die gesprekken gaan vooral over de vraag hoe je vaccineren zo faciliteert dat mensen die dat willen de stap makkelijk kunnen zetten.’ Waar asielzoekers, gastarbeiders en migranten beter bereikt kunnen worden door dichtbij te komen met een bus, geldt op de biblebelt juist discretie als strategie. ‘Ik ken ook de verhalen dat mensen zich via achterdeuren van huisartsen laten vaccineren. Zo ging dat vroeger en zo zal dat nu misschien ook wel gaan. Huisartsen creëren wegen zodat mensen buiten het oog van de gemeenschap alsnog kunnen gaan.’

De burgemeester zelf besloot, na bidden en in gesprek met God, dat hij zich wilde laten vaccineren. Hij koos er bewust voor dat via sociale media te delen met de gemeenschap. ‘Ik heb niet de illusie dat het honderden vaccinaties oplevert en dat hoeft ook niet. Ik hoop vooral dat mensen die net als ik uit orthodox-christelijke kring komen het zien en het er thuis over gaan hebben. Dat ze zien: hé, de burgemeester doet het ook en die is van dezelfde politieke partij als ik.’

En wat als dat niet genoeg is? ‘Wij leven in een land waar gelukkig de vrijheid bestaat om eigen keuzes te maken. Het zou lastig worden als de helft van de bevolking zich niet laat vaccineren, maar die kant gaat het niet op. Als over een maand bepaalde dorpen of gemeenschappen te ver achterblijven, zal ik opnieuw de voorgangers opzoeken. Dan wil ik weten of er nog over wordt gesproken, horen of het gesprek nog leeft.’