De koningin wil het dicht

Vliegkramp Valkenburg

Minister Pronk wil vliegveld Valkenburg nabij Leiden sluiten. Een Leidse ex-wethouder: «Verschillende bewindslieden hebben mij gezegd dat de koningin grote bezwaren zou hebben.»

In Leiden dragen ze Jan Pronk op handen. Aan zijn manmoedige opstelling is het te danken dat eindelijk toch de felbegeerde stadsuitbreiding verwezenlijkt kan worden. Vorige week meldde de minister van Ruimtelijke Ordening dat hij bebouwing van het terrein waar nu nog marinevliegkamp Valkenburg ligt, zou opnemen in zijn eind dit jaar te verschijnen Vijfde Nota Ruim telijke Ordening. Afgelopen weekeinde werd bovendien bekend dat de minister enige weken geleden in een vertrouwelijk gesprek heeft gezegd randbebouwing van het Groene Hart toe te staan.

Euforie in de Sleutelstad, want jarenlang frus treerden precies deze twee grote politieke taboes elke vorm van uitbreiding, met alle consequenties van dien. In geen gemeente in Neder land is het ruimtegebrek zo nijpend, nergens zijn de huizenprijzen zo de hoogte in geschoten als in Leiden.

Nu het in Pronks nota komt te staan en ook in het verleden een kamermeerderheid zich reeds voor verplaatsing uitsprak, kan het niet anders of het vliegkamp zal moeten wijken. Toch bestaan er bij de Leidse wethouder Ron Hillebrand (PvdA) van Ruimtelijke Ordening nog een hoop twijfels. Hij verwacht wel dat ondanks gesputter van defensieminister De Grave het kabinet met het pikante onderdeel van Pronks nota zal instemmen. Maar zelfs dan vreest Hillebrand dat met name vanuit de Koninklijke Marine en de frequente gebruikers in de koninklijke familie flink tegengas gegeven wordt. Een onbegrijpelijk achterhoedegevecht, meent Hillebrand. «Het vliegkamp is een overbodige plek. Qua aantal vliegbewegingen is Valkenburg volstrekt onbetekenend. Defensie heeft er nauwelijks iets te doen.» Hillebrand erkent dat het koningshuis zich sterk met Valkenburg verbonden voelt. «Ik persoonlijk heb nog geen signalen gehad, maar je weet natuurlijk nooit op wat voor manier er druk uitgeoefend wordt.»

Iemand die wel duidelijke signalen kreeg, is Hillebrands voorganger en oud-locoburge mees ter Tjeerd van Rij (PvdA). Al tijdens zijn tienjarige wethouderschap maakte Van Rij gewag van invloed die de koningin op verschillende bewindslieden uitgeoefend zou hebben om Valkenburg te kunnen handhaven. Destijds kon Van Rij niet zeggen op welke wijze er druk op hem uitgeoefend werd. Nu hij jongstleden mei zijn bestaan als wethouder door een conflict met de Leidse gemeenteraad heeft moeten opgeven, is hij bereid openheid van zaken te verschaffen. Van Rij: «Verschillende bewindslieden hebben mij onomwonden gezegd dat de koningin grote bezwaren zou hebben. Op de afsluitende avond van de PvdA-verkiezingscampagne in 1994 zei Hans Alders letterlijk tegen mij: «Je kunt het wel vergeten met Valkenburg want de majesteit wil het niet.» Dat zei hij een dag voor de verkiezingen. «Dan ga ik morgen niet stemmen», zei ik. Als een minister tegen mij zegt dat het koninklijk gezag zijn eigen gezag te boven gaat, dan hoef ik niet meer. Uiteindelijk heb ik het toch maar gedaan.»

Via zijn woordvoerster laat oud-milieuminis ter Hans Alders (PvdA), tegenwoordig commissaris van de koningin in de provincie Gronin gen, weten dat «besluiten over dit soort dingen door het kabinet genomen worden» en dat de uitspraak van de ex-wethouder «geheel voor zijn rekening» is. Maar volgens Van Rij was het niet alleen Alders die de gemeente Leiden de druk van het koningshuis onder de neus wreef. Ook Jan Gmelich Meijling, staatssecretaris van Defensie in het vorige kabinet, zou geen blad voor de mond hebben genomen. Van Rij: «Gme lich Meijling zei: ‹We moeten rekening houden met de majesteit dus kan dat vliegveld niet sluiten. Zelfs als wij het zouden willen, kan het niet.›» Margaretha de Boer, milieuminister in diezelfde tijd, zou tegenover Van Rij gerept hebben van «hogere machten» die sluiting van het vliegkamp onmogelijk maakten. Subtiel kreeg Van Rij door de diverse bewindslieden ingewreven dat zolang Beatrix op de troon zit, het er niet van zou komen. Van Rij: «Ik heb ooit zelfs een telefoontje gehad van het hoofd van voorlichting bij Defensie, van de marinepoot. Hij zei dat hij mij een spreekverbod oplegde voor Valkenburg. Ik zei dat ik me daar niks van zou aantrekken omdat hij daar niet toe bevoegd is.»

Vliegkamp Valkenburg, «MKMV» in jargon, is in handen van de Koninklijke Marine. Het kamp is de thuisbasis van de Groep Maritieme Patrouille vliegtuigen (Marpat) die nu nog beschikt over dertien Lockheed P3-C II Orions, maar binnenkort drie toestellen zal moeten afstoten. In totaal zijn op het vliegkamp bijna negenhonderd mensen werkzaam. Wat er verder precies gebeurt, wordt zorgvuldig verborgen gehouden. Defensie laat weten dat de jaarverslagen van het vliegkamp «confidentieel» zijn, waardoor niet goed is na te gaan hoe groot het aantal vliegbewegingen is en wat het karakter van de vluchten is. Ook over gemeten hoeveelheden geluid en uitstoot wordt bij zowel Defensie als de Rijksluchtvaartdienst gezwegen. Vlak voor de geheimverklaring van de jaarverslagen had het Leidse PvdA-kopstuk nog wel inzage. Van Rij: «De meeste vluchten worden door generaals en hoger gemaakt. Zij vergaderen vaak in Brussel of Parijs. Deze defensiemensen werken op het Plein in Den Haag. Ze plannen een oefenvluchtje met een Orion, dat vervolgens nergens wordt geregistreerd. Ze vliegen niet over zee zoals het hoort, maar rechtstreeks naar Brussel en Parijs. Ze zetten het hek bij Wassenaar open en hup, je rijdt zo tot onder aan de trap. Het is het meest luxe dat je hebben kan.»

In zijn wethouderstijd hoorde Van Rij hoezeer het personeel zich soms verveelde. «Het vliegveld gaat meestal om zeven uur ’s avonds dicht. Althans, als Beatrix niet terug hoeft te komen. Er is wel 24-uursbezetting. Die mensen vervelen zich dood. Een paar jaar terug bleek dat mensen van de catering ontzettend bijklusten. Als je een feestje organiseerde, liet je Valken burg komen, dat was de helft van de prijs.»

Vliegkamp Valkenburg is er in de eerste plaats voor de Marine — de rol die de basis speelt bij de ontvangst van vips is officieel slechts een nevenfunctie. Toen in 1991 het voormalige regeringsvliegveld Ypenburg werd gesloten , groeide het belang van deze bijrol evenwel behoorlijk. Het ontvangstgebouw werd gerenoveerd en nieuwe bestrating aangelegd om buitenlandse regeringsleiders passend te onthalen. In 1995 resulteerde dat volgens het Marine jaarboek in aankomst en vertrek van maar liefst vijftienduizend hoogwaardigheidsbekleders. «De Marpatgrp heeft op deze manier haar hoofd taak met een besloten karakter gecombineerd met een publieke functie», meldt de marinechroniqueur in het jaarboek van 1995. De Rijksvoorlichtingsdienst benadrukt dat het intensieve regeringsgebruik van Valkenburg vooral te maken heeft met veiligheid. «Het is een kleine luchthaven waar de veiligheid van inkomende gasten beter gegarandeerd kan worden», zegt woordvoerder Tonnon.

Een kleine steekproef wijst echter uit dat de échte vips juist weer niet op Valkenburg landen. Beveiligingsbeambten van de Amerikaanse presidenten Clinton en Bush vonden het bij bezoeken in 1991 en 1997 geen bezwaar hun kwetsbare bazen met de voor Valkenburg wat al te grote Air Force One te laten landen op luchthaven Schip hol. Ook Yasser Arafat en keizer Akhito stelden onlangs meer vertrouwen in de op steenworp afstand gelegen nationale luchthaven.

Voor Bill Clinton en Yasser Arafat was het kennelijk geen bezwaar een kwartiertje extra in de auto te zitten. Leden van het Nederlandse koningshuis en sommige bewindslieden kunnen dat geduld niet opbrengen. Het regeringsvliegtuig waarmee zij af en toe het luchtruim kiezen, moet dan eerst van zijn thuisbasis op Schiphol-Oost naar Valkenburg gevlogen worden alvorens het de passagier naar verder gelegen bestemmingen kan brengen. De Leidse ex-wethouder: «En ’s avonds is het de omgekeerde procedure: passagiers afzetten op Valkenburg en even later terug naar Schiphol, waar het toestel onderhouden wordt. Op zo'n korte afstand maakt zo'n vliegtuig nauwelijks hoogte.»

Als buitenlandse bezoekers, ministers en leden van het koninklijk huis van Schiphol zouden vertrekken, blijft alleen de marinefunctie van Valkenburg over. Al jaren liggen er plannen om materieel en personeel te verhuizen naar De Kooy, het marinevliegkamp bij Den Helder. Ook tijdens de behandeling van de defensienota, eerder dit jaar, riep een meerderheid in de Kamer het kabinet op de knoop eindelijk door te hakken en het vliegkamp te laten verhuizen. De marine zelf blijft evenwel het liefst in Valkenburg, zegt defensiewoordvoerder Joop Veen. «Wij zitten daar prima. Maar als er een kabinetsbesluit komt, dan zijn wij bereid daar gehoor aan te geven.» De voorwaarde is evenwel dat de verhuizing die volgens staatssecretaris Van Hoof een half miljard kan gaan kosten, niet uit het defensiebudget betaald hoeft te worden.

Als er dan écht verhuisd moet worden, dan gaat Defensie dus het liefst naar Den Helder. Een probleem waar dan pikant genoeg juist milieuminister Pronk weer mee te maken krijgt, is de daar geldende Planologische Kernbeslissing (PKB) Waddenzee. Die zou aangepast moeten worden wanneer de dertien Orions uit Valkenburg daar hun dagelijkse patrouille- en oefenvluchten aanvangen. Het is nog de vraag of de Tweede Kamer daarmee in kan stemmen. Maar andere potentiële locaties voor de squadrons van Valkenburg zijn nauwelijks bespreekbaar, hoewel er studies zijn verricht die aantonen dat de propellervliegtuigen en het personeel evengoed naar de luchtmachtbases Leeuwarden of Soesterberg verplaatst kunnen worden. Maar dat willen de vliegende mariniers weer niet. «Het voordeel van Den Helder is dat we dan alles op een plek hebben», aldus Veen. En: «Een verhuizing kost jaren. Een vliegveld is geen bungalowtent die je zo even inpakt.»

Wellicht heeft Leiden dus te vroeg gejuicht en moeten uiteindelijk de zo noodzakelijke woningen toch aan de andere kant van de stad, in het Groene Hart bij Zoeterwoude, gebouwd worden. Wanneer minister Pronk eind dit jaar met zijn Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening komt, zal voor de kersverse Leidse wethouder Hillebrand duidelijk worden of de minister ondanks de kennelijke macht des konings voet bij stuk houdt en vliegkamp Valkenburg koste wat het kost wil sluiten ten behoeve van woningbouw. Eerder al zal de toekomst van het vliegkamp zonder twijfel onderwerp van discussie zijn bij de kamerbehandeling van de begroting voor Defensie, in de eerste week van november.