KUNST

Vloeistofdia’s

New Psychedelica

Psychedelica is iets van vroeger, zo blijkt uit de titel van een tentoonstelling in MU Eindhoven: The New Psychedelica. MU is een centrum dat ‘inzoomt’ op de 'hybride visuele cultuur van nu en later’, en hybride betekent dan: 'de energieke mix van kunst, design, popcultuur en nieuwe media’. Leuk, maar lastig, want hoe statig 'popcultuur’ ook mag klinken, er zit een heleboel leeghoofdige flauwekul tussen die door bevlogen curatoren veel te vaak zomaar voor valide wordt aangezien. En als die flauwekul in een 'energieke mix’ is opgecuratord tot iets van kennelijk belang, dan kom je er niet gemakkelijk meer vanaf.
In Eindhoven gaat ’t om 'nieuwe’ psychedelica, waarin de technologie kunstenaars in staat stelt 'om werk te maken dat je nog meer prikkelt’ - het is 'in feite mogelijk om mensen tot zo'n verhoogde staat van bewustzijn te brengen’ (sic). U wist het misschien nog niet maar wij worden 'gebombardeerd’ met beelden, het internet is een 'trippy experience’, ons bestaan wordt geteisterd door 'psychedelic overload’.
Deze tentoonstelling in MU is kleurrijk en energiek, in de zin dat er veel te zien is in een vrij beperkte ruimte en veel van de werken gepaard gaan met geluid en/of muziek en/of herrie van jewelste. Maar wat is of was nu ook al weer psychedelische kunst? Twee dingen, zeggen de samenstellers: kunst die een 'verhoogde staat van bewustzijn beschreef’ en kunst 'die leuk was om naar te kijken als je in die toestand verkeerde’. Dat lijkt mij een wel zeer ruim begrip. Mij, bijvoorbeeld, heeft het altijd geweldig geleken om met een joint op naar de Teletubbies te kijken, of de schilderles van Bob Ross ('A little happy tree that lives right here…’) - maar daarmee is dat nog geen kunst. Er zijn hedendaagse kunstenaars van wie het werk best 'psychedelisch’ genoemd kan worden, als u dat graag wilt. Te denken valt aan de animaties van het duo Persijn Broersen-Margit Lukàcs, de films van David Lynch en David Cronenberg, maar die zijn hier niet opgenomen. In MU gaat het om kunstenaars die vooral digitaal vervaardigde, kleurige, veranderende, grillige beelden tonen, meestal in zacht bewegende progressie, zoals een vloeistofdia - een vergelijking die hardnekkig blijkt, bijvoorbeeld bij de 'glitchy, pixelige video’ van Rosa Menkmans, die je op je rug liggend moet zien. Een scherm met veranderende kleurvlakken. Een vloeistofdia, maar dan digitaal. Meer niet? Meer niet.
Het verrassende aan de 'nieuwe psychedelica’ is hoe ouderwets het allemaal is. Veel van die digitale beelden zijn vastgeklonken in het format van het beeldscherm, de monitor, de beamer zoals ooit de schilderkunst in de lijst. Zelfs in de meest dynamische, aleatorische kleurenwoede kun je zien dat de maker zich hield aan stokoude parameters: een horizon, de leesrichting (linksboven-rechtsonder), een centrale compositie, enzovoort. Je zou toch denken dat er in die digitale wereld veel meer mogelijk is. Heeft u de film Inception gezien? Geen meesterwerk, maar die oprijzende, omkrullende stad is mijlenver vooruit op de knullige 'blobs’ van Antoine Catala, tv-beelden omgeknutseld tot bewegende bolle vormen, het soort digitaal grapje dat ze alleen bij de Tros nog leuk vinden. De 'totemistische’ beelden van Ben Sansbury: een herschepping van Rauschenbergs Odalisque. De 'abstracte technologische universums’ van Daniel Swan: je reinste Klaas Drupsteen, VPRO, 1978. Misschien moet je er toch echt iets bij roken.

The New Psychedelica. MU, Eindhoven, t/m 5 juni. www.mu.nl