Vluchtstrook

Uit de meeslepende memoires van Camiel Eurlings en Agnes Jongerius zal straks blijken wat er werkelijk gebeurde rond de invoering van het rekeningrijden.

OF IK HET MEE zal mogen maken, is gezien ons leeftijdsverschil de vraag, maar desondanks verheug ik me nu al op de memoires van Camiel Eurlings. Op die van Agnes Jongerius trouwens ook.
Vooral als beiden open uit de doeken zouden doen hoe hun voorlaatste weekeinde van januari 2010 verliep.
Het gaat me dan niet om het geneuzel over lekker uitgeslapen en weer eens heerlijk gekookt, maar natuurlijk om wat ze dachten en wie er allemaal belden.
In het boek van Camiel Eurlings, met de titel Dagboek van een katholieke kroonprins, zou dan het volgende te lezen kunnen zijn: ‘Telefoontje gehad van Balkenende. De minister-president bedankt me voor mijn uitlatingen voor de televisiecamera’s dat ik de invoering van het rekeningrijden zal laten afhangen van het oordeel van de leden van de ANWB. Camiel, zei hij tegen me, we mogen het natuurlijk niet hardop zeggen, maar geniaal, zo slaan we twee vliegen in één klap. We pakken de PVDA mooi terug na hun streek met mijn verklaring over het rapport van de commissie-Davids. En we halen ineens een hoop stemmers binnen voor de gemeenteraadsverkiezingen. Vooral dat woord draagvlak was erg goed. Daarmee zet je iedereen klem. Wie kan daar nou tegen zijn?’
In Vakbondsvrouw in een nieuwe eeuw horen we Agnes Jongerius jaren later nog ontploffen van woede. 'Draagvlak, hoezo, draagvlak, sinds wanneer is dat belangrijk voor het CDA? Voor de verhoging van de AOW-leeftijd en bij het afschaffen van de vut en het prepensioen maalden die christen-democraten er uiteindelijk helemaal niet om wat onze leden ervan vonden. Daadkracht was toen hun mantra.’
Ook bij Jongerius blijkt de telefoon dat bewuste weekeinde niet stil te hebben gestaan. 'Werd zaterdag gebeld door partijleider Agnes Kant van de SP. Die verweet me dat de FNV niet genoeg leden heeft en niet genoeg verzet weet te organiseren. Natuurlijk zit het me dwars dat wij er maar een miljoen hebben en geen vier miljoen, en dat ik geen Museumplein meer gevuld krijg. Besluit intern toch maar weer eens aan te kaarten hoe het lidmaatschap van de vakbond aantrekkelijker kan worden. Misschien moeten we beter kijken naar een dienst als de Wegenwacht en een soort Werkloosheidswacht in het leven roepen, rode busjes die er direct op uit trekken als iemand ontslagen wordt.’
Bij Eurlings heeft nog een kabinetslid aan de lijn gehangen. 'Typisch Donner, altijd weer die juridische pietje-precies. Spreekt me aan op mijn fout dat niet de ANWB, maar de Tweede Kamer beslist, Nederland geen referendum kent, juist het CDA tegen volksraadplegingen is en mijn optreden opnieuw de macht van de politiek ondermijnt. Ik probeer tegen te sputteren dat mijn uitlatingen juist zijn bedoeld om het vertrouwen te vergroten, maar Piet Hein luistert liever naar zichzelf.
Ik houd - zoals altijd - tenslotte de telefoon maar een eindje van mijn oor, maar toch hoor ik wat hij op het laatst zegt: “Hoe denk je dat het dan straks moet, als we flink moeten gaan bezuinigen, dat we dan telkens allerlei clubjes laten beslissen over onze plannen? Kijk naar mij, hoe ik de vakbond trotseer, dan ben je pas een vent. Jan de Koning zei eens, maar dat was ver vóór jouw tijd: een democratisch leider moet de kiezer een meter verder laten springen dan deze uit zichzelf van plan was. Als jij denkt je positie als kroonprins versterkt te hebben, dan heb je een verkeerde inschatting gemaakt.” Voor het eerst na mijn optreden begin ik te aarzelen.’
Jongerius’ mond blijkt open te zijn gevallen als Maxime Verhagen die zondag in 2010 contact met haar opneemt. 'De laatste keer dat hij mij belde, kan ik me niet herinneren. Hij begint joviaal over koetjes en kalfjes. Ik zwijg, laat hem zelf maar op de proppen komen. “Agnes”, zegt hij na vijf minuten prietpraat, “ik wilde je zeggen dat ik Camiels uitlatingen betreur.” Ik blijf stil, werkt altijd goed. Verhagen ratelt zenuwachtig door, refereert aan het referendum over de Europese Grondwet en dat het CDA toen bij monde van hemzelf besloot een nee tegen de grondwet alleen te respecteren als dertig procent van de stemgerechtigden mee zou doen en zestig procent daarvan tegen was.’
Jongerius schrijft in haar boek na die opmerking haar eigen stilte te hebben doorbroken. 'Maar een raadpleging door de ANWB is geen referendum, werp ik hem voor de voeten. Ik kan hem vervolgens niet helemaal volgen, maar uiteindelijk kwam het erop neer of ik toch maar wilde inzien dat hij wel degelijk belang hechtte aan draagvlak en dat hij daar - ook waar het de FNV betreft - aan wilde blijven werken. Toen kwam de aap uit de mouw. Of ik niet in mijn kringen af en toe wilde laten vallen dat mijn voorkeur naar hem uitging als opvolger van Balkenende en niet naar Eurlings. Als ik heb neergelegd, vraag ik me af bij wie de leidersstrijd het eerst naar buiten zal barsten: de FNV of het CDA?’
Aangeslagen door het gesprek met Donner is Eurlings eens terug gaan zoeken hoe het rumoer verliep toen het kabinet-Balkenende II in 2004 wilde ingrijpen in het vroegpensioen. Tenslotte zat hij toen ver weg in het Europees Parlement. 'Ik lees dat VVD-fractievoorzitter Van Aartsen de vakbond toen heeft beticht van misleiding, ophitsing en een verborgen agenda. Me dunkt dat de VVD zich daar nu zelf aan schuldig maakt, maar ik moet me erop voorbereiden dat de PVDA wel eens met dat soort argumenten kan komen. Van Woerkom van de ANWB belde ook nog, om te vertellen dat hij in het openbaar gaat zeggen dat ik een uitglijder heb gemaakt. Stank voor dank, heb ik toen maar gedacht.’