Film: ‘Stalker’

Voet over de drempel

Stalker, regie Andrej Tarkovski © Eye

De Russische meester Andrej Tarkovski, die tot zijn dood in 1986 zeven films van ongeëvenaarde schoonheid maakte, staat bekend als een ‘moeilijke’ regisseur wiens werk ‘zwaar’ is om naar te kijken. De ‘ontoegankelijke’ verhalen, de lange takes, de obscure metaforiek: de films zijn briljant, natuurlijk, maar ervoor gaan zitten? Liever niet. Maar nu zijn sciencefictionfilm Stalker (1979) opnieuw in de bioscoop te zien is, gerestaureerd, komt juist naar voren hoe makkelijk en open een Tarkovski kan zijn.

Afgezien van het feit dat de pure cinema die Tarkovski maakte tijdloos is – zelf beschreef hij zijn stijl als ‘beeldhouwen met tijd’ – voelen zijn als toegankelijk bestempelde Solaris (1972), Stalker (1979) en The Sacrifice (1986) bij uitstek modern aan. Maar dat geldt ook voor het meer obscure Mirror (1975), zijn persoonlijkste film en misschien wel zijn grootste meesterwerk. In elk beeld en elke scène van deze film heerst een enorme rust. Maar hoe langer we kijken, hoe spannender het wordt. Want er is zó veel te ontdekken, in de eerste plaats Tarkovski’s grote thema’s: het christelijke geloof, herinnering en spijt.

Het kijken naar Stalker blijft een verbijsterende ervaring, ook omdat je opnieuw met de neus op de feiten wordt gedrukt wat betreft de niet-aflatende invloed van de regisseur en zijn werk. Zo is Stalker voelbaar in haast elke pagina van Jeff VanderMeers Southern Reach-romantrilogie en in Alex Garlands verfilming hiervan onder de titel Annihilation. Om te beginnen, het uitgangspunt: in de nabije toekomst is er een gebied ontstaan, Area X in de romans, de Zone bij Tarkovski, waar personages naartoe reizen en waar mysterieuze gebeurtenissen plaatsvinden. In de film begeleidt een man genaamd Stalker de Schrijver en de Professor naar de Zone. Reizen naar het gebied is verboden. De drie moeten patrouillerende legereenheden vermijden om bij een spoorlijn te komen waar ze een mini-locomotief pakken en de reis aanvangen.

Dan zien we een van de mooiste sequenties uit de filmgeschiedenis. De drie mannen zitten op de locomotief terwijl die langzaam op snelheid komt. Het beeld is zwart-wit. Hun gezichten verschijnen afwisselend in beeld met op de achtergrond een grijs en nat industrieel landschap. Maar dan gebeurt er iets wonderlijks: het geluid van de treinwielen op het spoor vormt een ritme dat de kijker haast ongemerkt overmeestert. Even nietsvermoedend ga je mee wanneer de naturalistische audio van schurend ijzer en staal spontaan verandert in een verontrustende, elektronische compositie. Minutenlang. Dan, opeens, is er groen, kleur. We zijn in de Zone. Stalker, Schrijver en Professor gaan te voet verder, richting hun doel: de kamer waar naar men zegt alle wensen in vervulling gaan voor wie er voet over de drempel zet. Dat geldt ook voor kijkers naar Tarkovski’s films. Het meesterlijke aan zijn werk ligt in het feit dat je er weinig voor hoeft te doen, behalve kijken: de films vallen je hoofd vanzelf binnen.


Te zien vanaf 4 oktober