Ger Groot

Volkslied

In het vvd-blad Liberaal reveil riep een zekere H.S.M. Frankenvrij vorige week op tot een verbod op het verspreiden van de koran. Dit ‘onverdraagzame, agressieve en haatdragende’ geschrift, zo schreef hij, is niets anders dan het ‘psychologisch ontstekingsmechanisme van de fundamentalistische terreur’.

Als rechtgeaard liberaal ben ik het daar van harte mee eens. Vrijheid kan niet toekomen aan wie daarvan misbruik maken, zo hebben de toenmalige liberale kamerleden Hirsi Ali en Wilders al eens geschreven. Ze toonden daarbij een even kien rechtsgevoel als Frankenvrij’s vaststelling dat de koran ingaat tegen de Nederlandse staatsinrichting. Een herschrijving van tekst, zo vervolgde hij, is daarom de beste oplossing. Alles wat daarin oproept tot haat en misdadigheid zou door een islamitische keurcommissie moeten worden geschrapt.

Zoveel scherpzinnigheid hebben we al enige tijd niet meer in liberale kring gehoord. Spijtig is wel dat de partij na de verschijning van het stuk onmiddellijk weer in haar schulp kroop. ‘Frankenvrij’ zou een pseudoniem zijn, gekozen op aandrang van de redactie van Liberaal reveil. Als rechtgeaard liberaal geloof ik daar niets van. Frankenvrij: nomen est omen, en liberale politici zijn, zoals een ander vrijheidsdenkend hoofd ooit uitriep, recht door zee. De verontschuldigende opmerking dat ook de bijbel hier en daar een bloeddorstige passage bevat, is typerend voor het linksige pappen en nathouden dat ook de VVD al in zijn greep lijkt te hebben.

Hoeveel zuiverder was Frankenvrij’s bij voorbaat gegeven weerwoord dat die oudtestamentische moordzucht ‘uitdrukkelijk in een ver verleden was geplaatst’. Men leze er Genesis op na – en van verwijzingen naar het boek der Openbaring hoeft men zich niet te veel aan te trekken. De bijbel is een dik boek en de Apocalyps staat helemaal achteraan: geen rechtgeaard liberaal hoeft dat allemaal te lezen. Hij heeft ook zijn duizend pagina’s Popper nog op het nachtkastje.

In alles valt dan ook toe te juichen dat de vvd ‘al enige tijd bezig is met het exploreren van de godsdienstvrijheid’, zoals hoogdenkend VVD-senatorhoofd Heleen Dupuis als reactie verklaarde. Tenslotte deden Samir A. en Mohammed B. op hun manier niet zoveel anders – en fanatici betaalt men het best met gelijke munt terug. Daarom lijkt het initiatief van Frankenvrij mij lang niet ver genoeg te gaan. Alle openbare, symboolzwangere teksten zouden op de schop moeten, om te beginnen die van de staat.

Zo zou het een goede zaak zijn wanneer de Nederlandse militaire kapel bij een volgend Frans staatsbezoek de slotregels van de Marseillaise niet meer zou spelen. Het daarin bezongen ‘onzuivere bloed’ dat ‘de voren [van onze akkers] zou mogen drenken’ getuigt van een bloeddorst waar de koran nog wat van leren kan. En het niet eens zo héél verre verleden bewijst hoe gretig de Revolutie van de Rede die oproep in praktijk bracht.

Blijft het daarbij? Met de manhaftige heerszucht van het Engelse Rule Britannia is ons vaderland al vaak genoeg pijnlijk in aanraking gekomen. En ook in het echte Britse volkslied werpt het driemaal herhaalde ‘God save the Queen’ een wel héél merkwaardig licht op de scheiding tussen kerk en staat, zo dierbaar aan het liberale hart. Ik zou zeggen: hoogstens meeneuriën, want voor Angelsaksen heeft het liberale hart een warmer plekje dan voor de Fransen – van wie wéér een andere weldenkende liberaal ooit betreurde dat die zo talrijk la douce France bevolkten.

Ook de Star-Spangled Banner maakt het ons halverwege nog even moeilijk. ‘And the rockets’ red glare, the bombs bursting in air,/ Gave proof through the night that our flag was still there’ kan moeilijk voor een pacifistische boodschap doorgaan. Menige Irakees zal dat grif beamen. Ook maar even neuriën dus – en dat lijkt bij nader inzien ook voor het Wilhelmus de beste oplossing. Al in de tweede alinea wordt dit lied pijnlijk ongrondwettelijk: ‘In Godes vrees te leven/ heb ik altijd betracht’. Echt gruwen doet de principieel agnostische liberaal pas vier alinea’s later, wanneer hij geacht wordt te belijden: ‘Mijn schild ende betrouwen/ zijt Gij, o God mijn Heer,/ op U zo wil ik bouwen,/ Verlaat mij nimmermeer.’

Er is dus véél werk aan de winkel voor de zuiveringscommissie van Frankenvrij. Tot het zo ver is, doet de Nederlandse wetgever er het best aan het zingen van ieder volkslied op vaderlandse bodem te verbieden. Slechts met één Europese hymne gaat dat nu al vanzelf. De tekst die Franco bij de Spaanse Marcha real had laten dichten werd na het regime afgeschaft, zonder dat er vooralsnog een andere voor in de plaats is gekomen. Spanjaarden kunnen hun volkslied alleen maar neuriën.