Economie

Volksverlakkerij

De afgelopen maanden heb ik een mailtje of vijf ontvangen van NPN, een vakorganisatie voor ‘pensioenprofessionals’, met het verzoek een pensioenfonds te nomineren dat, ik citeer: 'uitblinkt in good governance, een bestuur dat lef toont in zijn beleggingsbeleid in navolging van de rapporten Frijns en Goudswaard, een team met een onderscheidend communicatieplan, een deskundige die de benchmarks verslaat.’
De zelfingenomen toon van deze mailtjes steekt schril af bij de existentiële crisis waarin ons pensioenstelsel zich bevindt. Want laten we wel wezen: hoezeer 'deskundigen’ ook beweren dat het het beste stelsel ter wereld is, de realiteit is dat het door pech en kortzichtigheid op wankelen staat. Kortzichtigheid, omdat door premievakanties en terugstortingen in de wilde jaren negentig de dekkingsgraden zijn gezakt van ruim 250 toen naar 95 nu. En pech omdat onze fondsen daardoor onvoldoende reserves hebben juist nu ze die het hardst nodig hebben. Onze pensioenfondsen staan namelijk voor de taak vijf dreunen tegelijk te verwerken. Vergrijzing is de eerste: het aantal gepensioneerden neemt toe doordat de geboortegolf van na 1945 dit jaar en masse met werken is gestopt. Bovendien leven deze babyboomers langer dan eerdere generaties waardoor pensioenfondsen ook langer moeten uitkeren. Ontgroening is de tweede. Door gebrekkige kinderopvang en achterlijke schooltijden krijgen vrouwen steeds minder kinderen. Was ons geboortecijfer ooit een van de hoogste van Europa, inmiddels zitten we op een gemiddelde van 1,7 kind per vrouw. Dat is te weinig om de bevolking op peil te houden, waardoor pensioenfondsen minder premies ontvangen en ter compensatie betere beleggingsresultaten moeten boeken.
De pensioenwereld wijst graag naar de lage rente waartegen ze toekomstige verplichtingen moet verdisconteren als derde dreun. Die rente bepaalt namelijk hoeveel kapitaal ze nu in kas moeten hebben om straks te kunnen uitkeren. Hoe hoger de rente, hoe minder kapitaal er nodig is. In 2006 is besloten een fictieve rekenrente van vier procent te vervangen door de actuele marktrente. Destijds was de marktrente ruim vier procent en waren de pensioenfondsen blij. Nu is de marktrente lager en klagen zij.
De vierde dreun zijn de onzekere beleggingsrendementen. Koersen zijn grilliger dan ooit. De S&P 500, de Amerikaanse AEX, stond oktober 1996 op 700, brak maart 2000 door de grens van 1500, zakte vervolgens diep weg, bereikte oktober 2007 met 1565 het hoogste punt ooit, en staat nu iets boven de 1000 - een stand die eerder op 2 februari 1998 werd genoteerd. Oftewel, in ruim twaalf jaar geen waardegroei! Bovendien zullen beleggers door vergrijzing de komende decennia meer verkopen dan kopen, waardoor de rendementen op aandelen gegarandeerd lager zullen zijn dan de 5,7 procent van de afgelopen vijftig jaar.
Ten slotte loopt door informalisering van de arbeid de aanwas van nieuwe deelnemers terug. Nam ooit ruim 95 procent van de beroepsbevolking verplicht deel aan een pensioenfonds, door de opmars van flexwerkers en zzp'ers is dat percentage aan het dalen. Het gevolg is dat veel pensioenfondsen sterker vergrijzen dan de Nederlandse bevolking, daardoor minder premies binnenkrijgen, meer moeten uitkeren, en dus nog afhankelijker worden van lagere en onzekerder beleggingsresultaten.
Alle oplossingen die nu de revue passeren - hogere premies, betere beleggingen, deskundiger bestuur, meer medezeggenschap, een hogere rekenrente, lagere uitkeringen, latere pensioenleeftijd - zijn lapmiddelen. De enige structurele oplossing is ons zogenaamde 'gegarandeerde uitkeringsstelsel’ vervangen door een 'beschikbare premieregeling’. Verplichte deelneming is u ooit verkocht met de garantie dat u zeventig procent van uw laatstverdiende loon zou ontvangen. We weten wat die garantie waard is gebleken. Eindloon werd middenloon, welvaartsvast werd waardevast, en dan nog alleen als de dekkingsgraad het toelaat, en wanneer de dekkingsgraad onder de 95 komt wordt er zelfs afgestempeld.
Stop deze volksverlakkerij en noem het beestje bij zijn naam: het Nederlandse pensioenstelsel is een 'beschikbaar premiestelsel’. Dat was het en dat blijft het. U krijgt uitgekeerd wat u hebt gespaard plus behaalde beleggingsrendementen. Niets meer, niets minder. Door het risico ook formeel te leggen waar het toch al ligt, namelijk bij de werknemer, kunnen we ook eindelijk eens af van dat verfoeide paternalisme van ons pensioenstelsel. Als wij toch het uiteindelijke risico dragen, willen we ook beslissen waarin ons spaargeld wordt belegd. Wat meer groen, wat meer sociaal, wat meer Azië of juist wat meer wapens, porno en tabak?
Toen ik vorige week weer zo'n mailtje kreeg, was ik het ineens zat. Mijn impulsieve reply: 'Vindt u dit eigenlijk zelf niet een beetje gênant, zo'n prijsuitreiking; na pakweg zeven jaar van wanprestaties en blijken van incompetentie; als ik u was zou ik de boel afgelasten.’