televisie

Volop takkenwijven

China, Afrika, Moskou

In aflevering 4 uit Van Moskou tot Moermansk was voor de humor die Jelle Brandt Corstius in zijn nieuwe Rusland-reeks wilde brengen geen plek. Het lachen hield toch al niet over in het gruwelijk vervuilde Dzjerzjinsk en in heldenstad Wolga=Stalingrad, maar daar werd de zwaarte nog draaglijk door ongerijmdheden, land, volk en individu eigen. Bovendien is het geestig als de presentator, na een item over Russische vrouwen die een buitenlandse man willen, ons uitlegt waarom leven met een Russische geliefde uitzonderlijk moeilijk is: ‘Russen zijn maximalisten’ en er wordt dus tot op het bot bemind of oorlog gevoerd. Altijd kermis en daarom was hij ook wel opgelucht dat het uit was met zijn vriendin. Maar in deel 4 bezocht hij de redactie van Nova Gazeta en dan vergaat het lachen totaal. Journalisten die hun werk doen in het besef dat het schrijven van de waarheid levensgevaarlijk is. De herdenking van Anna Politovskaja door een kleine groep mensen werd daarmee zowel demonstratie tegen de regering als van grote burgerlijke moed.
Aangrijpende televisie met die lange Hollander tussen de kleine demonstranten, van wie er sommigen officieel en anderen spontaan het woord nemen en eentje vraagt wanneer onze regeringen in godsnaam breken met de Poetin-Medvedev-dictatuur. Jelle zwijgt (althans in beeld) en dat is niet laf maar adequaat: je staat immers met je bek vol tanden. Wat kopen ze voor een verhandeling over gas. Of voor gratis solidariteitsbetuigingen. Daar filmen, dat is een daad, te meer omdat tirannen het haten wanneer het buitenland dissidenten toont. Dat de psychiatrie weer helemaal terug is als overheidswapen - specialisme uit sovjettijden - dat was voor mij nieuw. Moorden als instrument, dat weet je, maar het gekkenhuis als politieke gevangenis, dat dus niet.
Ander misbruik van psychiatrie dook op in het confronterende Alleen tussen vier muren van Alexandra Westmeier (VPRO Import) over een Russisch jongensstrafkamp. Een kleintje belandde daar nadat hij eerst door zijn oom in een inrichting was gezet. Zijn gezicht nog gezwollen van de medicijnen. Het kamp leek minder erg. Eens te meer besefte ik dat we tot twintig jaar geleden nooit een mens tussen Oder-Neisse-grens en Shanghai leerden kennen op een dwarse apotheker en een pesterige pontbediende in Ivens’ Mao-bejubelende serie na. Floris Jan van Luyn toont ze volop. In het prachtige De onverboden stad bijvoorbeeld. En vorige week in De regenmakers, vier portretten van Chinese milieuactivisten. Een zo goede en artistiek zo mooie documentaire dat hij veel meer kijkers verdient dan de kleine tweehonderdduizend die hem zagen. Curieus genoeg bleek dat onmogelijk via de Tegenlicht-site. Prompt volgde daar debat over mogelijke Chinese censuur, maar de vpro sprak van 'technische problemen’. Ongetwijfeld waar, maar ironisch genoeg precies de term die dictaturen gebruiken bij het verdonkeremanen van kritische programma’s. Als het goed is, is hij sinds maandag alsnog te zien. Aanbevolen.
Dan kunt u vaststellen dat van deze vier helden er drie vrouw zijn, zoals in Rusland zowel onder de slachtoffers van politieke repressie als onder demonstranten daartegen vrouwen oververtegenwoordigd lijken. Het sterke geslacht. In Van Luyns film zit daarover een briljante scène: manlief loopt het huis te dweilen, tierend tegen zijn vrouw die druk is met haar acties. Ze scheldt monter terug. Uit hun monologen blijkt dat ze het toch niet slecht met elkaar getroffen hebben. Maar natuurlijk kent China ook volop takkenwijven. Zie daarvoor bijvoorbeeld When China Met Africa, een verbluffende blik op China’s invloed in Afrika. Neokolonialisme en racisme hand in hand. Hier onder de ware maar veel plattere titel Hoe China Afrika overnam. Er komt een heuse slavendrijfster in voor.

When China Met Africa. Nick & Marc Francis. Donderdag 1 april, VPRO Holland Doc, 22.50 uur, Nederland 2
Van Moskou tot Moermansk. Jelle Brandt
Corstius, Hans Pool. VPRO, zondags, Nederland 2, 20.20 uur