Voor wie werkt Brazilië’s waarheidscommissie?

São Paulo – ‘Hoewel we weten dat dictaturen overleven door de waarheid te verbieden, hebben wij het recht te hopen dat, onder het licht van de democratie, de waarheid, het geheugen en de geschiedenis aan de oppervlakte komen, bovenal voor de toekomstige generaties.’

Met gevoel voor drama sprak president Dilma Rousseff vorige week het Braziliaanse volk toe bij de instelling van de Waarheidscommissie, bijna dertig jaar na de militaire dictatuur (1964-1985). Toen zij over de slachtoffers sprak, moest ze haar eigen tranen inslikken. Rousseff zat zelf, als voormalig linkse rebel, begin jaren zeventig drie jaar gevangen en werd gemarteld. Dat gaf haar toespraak een extra lading.

Bij de instelling van de Waarheidscommissie had Rousseff alle zeven presidenten uitgenodigd die sinds 1985 Brazilië uit het moeras van de dictatuur hebben getrokken. De grondwet uit 1988 maakte van het land, tenminste op papier, een prachtige democratie. In 1995 werden alle doden en verdwijningen onder de dictatuur geteld. Dat waren er enkele honderden. Duizenden slachtoffers die de dictatuur wel overleefden kregen schadevergoeding.

Maar het land staat nog altijd met zijn voeten in het moeras. Hoewel enkele archieven, zoals die van de geheime dienst, al in 1990 openbaar zijn gemaakt, bewaakt het leger zijn papieren en levende archieven nog altijd met verve. Zo weten de nabestaanden van de communistische opstand in Araguia (in de Amazone) niet waar de lichamen van vijftig guerrillastrijders, die in 1973-74 zijn gevangen en doodgeschoten, door het leger werden gedumpt, oproepen van het Inter-Amerikaans Hof voor mensenrechten ten spijt. Brazilië heeft namelijk te kampen met een amnestiewet, die de militairen in 1979 over het land afriepen. Vergeten moest men. Vluchtelingen mochten terugkeren, maar alle daden gepleegd door het regime werden doorgestreept. Geen militair is ooit in Brazilië vervolgd, in tegenstelling tot landen als Argentinië en Chili.

En ook de Waarheidscommissie, waarin zeven wijze mannen en vrouwen door Rousseff zijn aangesteld en die twee jaar aan het werk gaat, mag op last van een recente uitspraak van de Hoge Raad niet vervolgen. Maar ze mogen wel alle middelen uit de kast trekken om de waarheid boven water te krijgen en militairen oproepen te getuigen. Volgens Paulo Sergio Pinheiro, ex-secretaris van Mensenrechten en lid van de Waarheidscommissie, kiest de commissie daarbij voor de kant van ‘de slachtoffers’. Maar voor sommige militairen, zoals de gepensioneerde 91-jarige Leonidas Pires Goncalves, gaat het daarbij om een aanval op ‘de waarheid’, omdat hij bang is dat ‘de slachtoffers’ slechts uit linkse radicalen bestaan.