Vooraf

Dezer dagen draait het om de Heilige familie, om het beroemdste kerngezin aller tijden: Maria, Jozef en hun kind. Waarbij meteen opgemerkt kan worden dat Jozef Jezus niet zelf verwekte, hetgeen niets afdeed aan zijn zorgzaamheid voor moeder en zuigeling. Je zou het bijna vergeten in een tijd dat er met regelmaat nostalgisch naar het klassieke gezinnetje – vader, moeder en hun biologische kinderen – wordt terugverlangd, maar het gezin is tegenwoordig veelvormiger dan ooit. Zoals ontwikkelingspsychologe Rita Kohnstamm het uitdrukt: ‘Het gezin is wel de hoeksteen, maar niet altijd in die ene vorm.’

Dit kerstnummer van De Groene Amsterdammer staat geheel in het teken van familie. Vanwege de plannen van André Rouvoet, minister van Jeugd en Gezin, en vanwege het publieke debat dat nu al een aantal jaren woedt over de crisis van het gezin. Rouvoet zelf spreekt in dit nummer zijn verbazing uit over het venijn waarop zijn beleidsvoornemens worden getrakteerd. Maar hoeveel weerzin er ook is tegen de bemoeizuchtige overheid, het idee wat tot de privé-sfeer hoort is, aldus de minister, al lang aan verandering onderhevig. De Amerikaanse socioloog Amitai Etzioni, waardenfluisteraar van Jan Peter Balkenende, is het daar van harte mee eens: ‘Als je je kinderen niet naar school stuurt of ze gedwongen uithuwelijkt, is dat niet privé.’
Ondertussen geven wij ons anderszins graag aan de betutteling over. Zo laten jongvolwassen kinderen zich in toenemende mate de zorg van hun ‘helikopterouders’ welgevallen. En onze honden zijn vaak gekoesterde gezinsleden geworden.
In dit nummer komen veel facetten van de familie aan de orde. Van de familie als weldadig bad tot bakermat van alle trauma’s. Van het éénkindgezin in China tot de Grossfamilie in Turkije. Van het gezin als zelfvoorzienend genotsfabriekje tot de nanny als tweede mama. Van de warmte van het familiebedrijf tot de ramp als een van de familieleden schrijver blijkt te zijn – volgens dichter Czeslaw Milosz ‘is ’t dan gedaan met dat gezin’.
Mocht die schrijver willen, want zoals een andere dichter, Gerrit Achterberg, stelde: ‘Familie duurt een mensenleven lang.’