Voorkom ook losseflodder-politiek

Durfde Duitsland zich te onthouden van stemming over de verhoogde diplomatieke status van de Palestijnen bij de Verenigde Naties omdat Nederland dat ook deed, maar zou het anders tegen hebben gestemd? Het is een van de argumenten die de minister van Buitenlandse Zaken, de pvda’er Frans Timmermans, heeft aangedragen voor het Nederlandse stemgedrag bij de VN. Dat stemgedrag week af van Timmermans’ opvatting eerder dit jaar, toen hij nog Kamerlid was. Toen was hij vóór.

Medium commentaar 49 2012 vn status

SP-Kamerlid Harry van Bommel vindt dat minister Timmermans zich met dat argument over Duitsland groter maakt dan hij in werkelijkheid is. Volgens Van Bommel was de reden dat Duitsland, met zijn ‘bijzondere band met het joodse volk’ zoals het Kamerlid de nazipraktijken vorige week samenvatte, zich van stemming durfde te onthouden dat grote Europese landen als Frankrijk, Spanje en Italië vóór de statusverhoging van de Palestijnen stemden. Van de in drie kampen uiteengevallen EU was uiteindelijk alleen Tsjechië tegen. Veertien EU-landen stemden vóór, de rest onthield zich.

Van Bommel had graag gezien dat Timmermans als minister de Nederlandse vertegenwoordiger bij de VN ook vóór de statusverhoging had laten stemmen. Daarvoor heeft de minister echter geen meerderheid in de Tweede Kamer, ook niet als de pvda voorstander van statusverhoging was gebleven. Dan toch aan het parlement voorstellen vóór te stemmen, wetende dat hij zou worden teruggefloten, noemt Timmermans ‘vuurpijlenpolitiek’. Die hoeven we de komende vier jaar van hem niet te verwachten.

Timmermans ontbeert onder meer de steun van coalitiepartner vvd. Onder zijn voorganger, de liberaal Uri Rosenthal, die voor zijn Midden-Oostenbeleid ook kon rekenen op cda, pvv en de twee kleine christelijke partijen, voer Nederland tot voor kort nog een stevige pro-Israël-koers. Deze partijen hebben samen nog steeds een Kamermeerderheid. Dat is waar Timmermans als minister rekening mee heeft te houden. Om de impact van de Nederlandse stemonthouding voor zichzelf te verzachten, en die er bij zijn coalitiepartner mogelijk juist in te peperen, had Timmermans nog een argument voor de stemonthouding. Wat Nederland ook zou hebben gedaan, de Palestijnen hadden de statusverhoging toch gekregen. Van de 193 VN-leden waren 138 landen vóór, 41 onthielden zich van stemming, negen leden waren tegen en vijf niet aanwezig.

Volgens Timmermans hoopte de Palestijnse president Abbas met de verhoogde VN-status onder meer dat de kolonisatie van Palestijnse gebieden tot staan zou worden gebracht. De minister zelf had daar een hard hoofd in. Daarin lijkt hij gelijk te krijgen. Israël heeft als repercussie nieuwe nederzettingen aangekondigd en bovendien besloten belastinggelden die de Palestijnen toekomen niet uit te keren.

Veel tijd om zijn eigen Midden-Oostenbeleid uit te zetten en te schetsen hoe hij denkt de tweestaten-oplossing dichterbij te brengen, zoals Timmermans van plan is, heeft de nieuwe minister daardoor niet. Israëls repercussies op de VN-beslissing vragen om een reactie. Juist door de verhoogde politieke status, die de Palestijnen zelf vierden als de geboorteakte van hun eigen staat, kan een verdere kolonisatie niet zonder gevolgen blijven. Ook al onthield Nederland zich van stemming, die verhoogde status is nu wel een gegeven.

Timmermans zal niet met sancties tegen Israël willen komen die niet op instemming van een meerderheid in de Kamer kunnen rekenen. Dan bezondigt hij zich immers aan vuurpijlenpolitiek. Maar sancties waar Israël zijn schouders voor ophaalt, zouden in zijn terminologie dan losseflodder-politiek moeten heten.