Voorlezen

Voorlezen

Eens per jaar wordt bij ons in Leeuwarden op een plein in het centrum de hele bijbel voorgelezen. Dit evenement trok de eerste jaren weinig belangstelling. Een paar plaatselijke warhoofden, waartoe ik mezelf graag reken, luisterden wel eens een beetje en soms begon een dronkelap bij een onweerstaanbaar fragment uit Leviticus’ offervoorschriften ritmisch mee te klappen, daar bleef het jammer genoeg bij. Maar langzamerhand begint een kentering op te treden. Een paar jaar geleden stond bij de verleidingsscène tussen Jozef en Potifar ineens een grote groep jongeren ademloos toe te luisteren. Zou het haar lukken? Wat een lekkere stoot is het toch. Een zucht van spanning en genot liep langs het plein en een paar jongeren hieven een eerste spreekkoor aan. Een dag later de strijd tussen David en Saul, speciaal naar de vroege avond verplaatst, zodat je daarna toch nog boodschappen kon doen. Jeugdbendes begroeven de strijdbijl en luisterden gespannen: wat een koele kikkers die twee, absoluut best wel geinig en bestaat er ook een film van die man die zichzelf aan zijn haren ophing?

Twee jaar geleden was ik er zelf bij toen het Hooglied werd voorgelezen, op een donderdagavond om een uur of twaalf. Ineens was er een uitzinnige, deinende en zingende menigte. This is soul, man! Bij sommige passages werd luidkeels meegezongen, het dreunde langs de huizen van de Nieuwestad: «Ik was een muur en mijn borsten waren als torens» en «Mogen uw borsten als druiventrossen zijn». De burgemeester stond met tranen in haar ogen mee te zingen, Omrôp Fryslân verzorgde speciale rechtstreekse uitzendingen met de beste passages. Dit evenement begint dus een succes te worden en om alles in goede banen te leiden kondigde de gemeente vorig jaar via aanplakbiljetten en internetadressen het programma van tevoren aan. «Heden vanaf tien uur SAMSON EN DELILAH, ’s middags NEBUCAD NE ZAR WORDT KRANKZINNIG en morgen SO DOM EN GOMORRA. Komt allen op tijd. Brief aan de Corinthiërs tijdelijk uitgesteld tot maandag.»

Natuurlijk zijn er weer mensen die een slaatje willen slaan uit het plezier van anderen, zoiets is blijkbaar niet tegen te houden. Ik begrijp best dat er een paar extra patattenten worden ingericht en dat de mensen van de oliebollenkraam ook wel eens wat extra’s willen verdienen. Maar de laatste jaren is het lezen nog niet begonnen of daar verschijnt alweer een heel ander soort geldwolven, mensen die misbruik maken van goedgelovige luisteraars. «Raad uit hoeveel woorden Genesis bestaat», stond er bijvoorbeeld in een marktstalletje te lezen, «vul hier uw formulier voor slechts vijf gulden in en win een wintersportvakantie.» Of ergens verderop: «Hoeveel namen komen in Richteren1 en 2 voor, twee gulden per antwoord, de winnaar krijgt gratis een fiets.» En elders: «Bathseba nu ook in kleur op de video bij u thuis.» Kan de burgemeester hier niet een stokje voor steken, waarom moet er altijd geld verdiend worden aan het plezier van anderen? Misschien hoort het er allemaal bij en moet ik me hierover niet al te druk maken. Nog een paar maanden en dan is het weer zo ver.